Getypte brief (doorslag/kopie) met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte brief (doorslag/kopie) met handgeschreven kanttekeningen. 16 mei 1942. De Directeur (waarschijnlijk van de Centrale Markt of een gelieerde gemeentelijke dienst). De Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam. [Handgeschreven, potlood:] verzonden 18/5
[Getypt:] HB.
den Heer Wethouder voor de
Levensmiddelen,
A l h i e r .
37745/2M. 2. 16 Mei 1942.
In bijlage dezes heb ik de eer U een contract
in duplo te doen geworden ten name van N.Th. v. Schaik, betref-
fende huur van pakhuisafdeeling No.H 3 op de Centrale Markt.
Ik moge U beleefd verzoeken de onderteekening
van dit contract door den heer Burgemeester te willen bevorderen
en mij het daarna te doen retourneeren; dezerzijds kan dan voor
registratie worden zorggedragen.
De Directeur. * Onderwerp: De brief betreft de administratieve afhandeling van een huurcontract voor een pakhuisruimte (No. H 3) op de Centrale Markt in Amsterdam. De beoogde huurder is N.Th. v. Schaik.
* Procedure: Het document schetst een formele hiërarchische weg: de directeur legt het contract voor aan de wethouder, met het verzoek de handtekening van de burgemeester te faciliteren. Na ondertekening moet het document terug naar de directeur voor de definitieve registratie.
* Stijl: Het taalgebruik is uiterst formeel en hoffelijk, kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie uit die periode ("heb ik de eer U", "te doen geworden", "moge U beleefd verzoeken").
* Handgeschreven toevoeging: De notitie "verzonden 18/5" duidt op de daadwerkelijke verzenddatum vanuit het bureau van de directeur, twee dagen na de datering van de brief. De initialen "HB." rechtsboven verwijzen waarschijnlijk naar de opsteller of de behandelend ambtenaar. * Historische context: De brief dateert van mei 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening was in deze periode een kritieke aangelegenheid. De Centrale Markt in Amsterdam speelde een centrale rol in de distributie van levensmiddelen in de stad.
* Bestuur: De wethouder voor Levensmiddelen en de burgemeester (destijds Edward Voûte) hadden verregaande bevoegdheden en verantwoordelijkheden met betrekking tot de logistiek en opslag van goederen.
* De Centrale Markt: Gelegen aan de Jan van Galenstraat, was dit het logistieke hart voor de groothandel. Het beheer van de pakhuisruimtes was essentieel voor de gecontroleerde opslag van schaarse goederen in oorlogstijd. De vernoemde huurder, N.Th. v. Schaik, was vermoedelijk een handelaar die actief was op deze markt.