Getypte brief (doorslag) met handgeschreven aantekeningen.
Origineel
Getypte brief (doorslag) met handgeschreven aantekeningen. 12 Augustus 1942. Onbekend, ondertekend door "De Directeur" (vermoedelijk van een gemeentelijke instantie in Amsterdam). [Handgeschreven in blauw potlood, linksboven:] Verzonden 12/8 42 [doorstreept met groene schuine streep]
[Rechtsboven:] WM.
[Geadresseerde:]
de Heer Lod. de Groot.
2e Anjeliersdwarsstraat 10 II
Amsterdam-Centrum.
wijk 9.
[Referentienummer links:] No37/89/2 M.
[Datum rechts:] 12 Augustus 1942
Naar aanleiding van Uw brief ingekomen op 7 Augustus j.l. deel ik U mede, dat voorloopig geen kruierskaarten meer worden uitgereikt. U naam is op de sollicitantenlijst geplaatst.
De Directeur, Dit korte, zakelijke document is een officiële reactie op een verzoek van de heer Lodewijk de Groot. Hij heeft waarschijnlijk gevraagd om een "kruierskaart", een vergunning om als kruier (iemand die bagage of goederen transporteert, bijvoorbeeld op een station) te mogen werken.
De directeur van de betreffende instantie laat weten dat deze kaarten "voorloopig" niet meer worden uitgegeven. De aanvrager wordt op een wachtlijst geplaatst. Opvallend is de taalfout "U naam" (in plaats van Uw naam), wat vaker voorkwam in ambtelijke stukken uit die tijd. De handgeschreven aantekening linksboven bevestigt de verzending op de dag van datering. De brief is gedateerd op 12 augustus 1942, een dieptepunt in de geschiedenis van bezet Nederland. De Jodenvervolging was in een kritieke fase beland; de grootschalige deportaties naar de vernietigingskampen vanuit kamp Westerbork waren een maand eerder begonnen.
In Amsterdam heerste grote schaarste en de economische bewegingsvrijheid was door de Duitse bezetter sterk ingeperkt. Het aanvragen van een kruierskaart was een poging om in het levensonderhoud te voorzien in een tijd van toenemende armoede, vooral in volksbuurten zoals de Jordaan (waar de geadresseerde woonde). Dat de uitgifte van deze kaarten was stopgezet, kan wijzen op een overschot aan kruiers of op directe bemoeienis van de bezetter met de arbeidsmarktverdeling. Het document toont hoe de bureaucratie, ondanks de oorlogsomstandigheden, op een bijna routinematige wijze bleef functioneren.
Samenvatting
Dit korte, zakelijke document is een officiële reactie op een verzoek van de heer Lodewijk de Groot. Hij heeft waarschijnlijk gevraagd om een "kruierskaart", een vergunning om als kruier (iemand die bagage of goederen transporteert, bijvoorbeeld op een station) te mogen werken.
De directeur van de betreffende instantie laat weten dat deze kaarten "voorloopig" niet meer worden uitgegeven. De aanvrager wordt op een wachtlijst geplaatst. Opvallend is de taalfout "U naam" (in plaats van Uw naam), wat vaker voorkwam in ambtelijke stukken uit die tijd. De handgeschreven aantekening linksboven bevestigt de verzending op de dag van datering.
Historische Context
De brief is gedateerd op 12 augustus 1942, een dieptepunt in de geschiedenis van bezet Nederland. De Jodenvervolging was in een kritieke fase beland; de grootschalige deportaties naar de vernietigingskampen vanuit kamp Westerbork waren een maand eerder begonnen.
In Amsterdam heerste grote schaarste en de economische bewegingsvrijheid was door de Duitse bezetter sterk ingeperkt. Het aanvragen van een kruierskaart was een poging om in het levensonderhoud te voorzien in een tijd van toenemende armoede, vooral in volksbuurten zoals de Jordaan (waar de geadresseerde woonde). Dat de uitgifte van deze kaarten was stopgezet, kan wijzen op een overschot aan kruiers of op directe bemoeienis van de bezetter met de arbeidsmarktverdeling. Het document toont hoe de bureaucratie, ondanks de oorlogsomstandigheden, op een bijna routinematige wijze bleef functioneren.