Ambtelijk rapport/brief betreffende een vergunningsaanvraag.
Origineel
Ambtelijk rapport/brief betreffende een vergunningsaanvraag. 5 november 1942. Controleur B. Ulthin(?) (namens de Gemeente/Marktwezen). [Header linksboven]
Nº 37/122/2 M. 1942 5/11
[Header midden]
RAPPORT
[Hoofdtekst - getypt]
Naar aanleiding van bijgaand schrijven no 71785 van de Amster-
damsche vereeniging tot bestrijding der tuberculose, d,d, 23
October 1942, waarin wordt verzocht om indien mogelijk aan
Cornelis van Gellekom, geboren 19 Juli 1910, wonende Haarlemmer-
Houttuinen 141/I alhier een toegangskaart te verleenen voor de
Centrale Markt als kruier, heb ik een onderzoek ingesteld waar-
bij het volgende is gebleken.
Gellekom is bij Sociale Zaken bekend onder stamboeknummer 121822.
Uit de rapporten is gebleken, dat hij sedert eenige jaren als
t.b.c. patient onder behandeling is geweest. Thans is hij als
knecht werkzaam bij de Eerste Nederlandsche Handel in Haarafval,
gevestigd Haarlemmer Houttuinen 68 alhier. Hij moet dan per drie-
wieler bij verschillende kapperszaken haarafval ophalen. Gellekom
toonde mij evenwel een verklaring van dokter Max Juda, wonende
Leliegracht 15 alhier, waarin deze verklaard, dat Gellekom niet
op een bakfiets mag rijden. Dat zijn gezondheidstoestand lang niet
goed is moge ook nog blijken uit het feit, dat hij per dag een liter
melk en per week 400 gram boter extra heeft. De kooper C. Lodewijks
wonende Haarlemmer Houttuinen, die een zwager is van Gellekom, ver-
klaarde, dat Gellekom voor hem zijn vracht mag vervoeren.
Uiteraard der zaak is dat wel niet veel, doch Lodewijks zou voor
Gellekom ook nog aan andere kooplieden vragen. Dat in het boven
aangehaald schrijven sprake is van grossier Lodewijks is niet
juist. Zooals reeds gemeld is Lodewijks kooper en is mij bij onder-
zoek niet kunnen blijken dat hij nog op een andere wijze handel drijft.
[Afsluiting - getypt]
Amsterdam 5 November 1942
Controleur,
[Ondertekening - handgeschreven]
B. Ulthin [?]
[Adresregel - getypt]
Den Heer Bedrijfschef
van de Centrale Markt.
[Handgeschreven kanttekeningen links - paars/blauw]
mij niet
misschien
afgegeven
[initialen]
[Handgeschreven kanttekeningen midden - blauw]
Mag deze man dan wel
zware vrachten duwen?
5/11 - 42
[initialen JH?]
[Handgeschreven kanttekeningen onder - rood]
Lodewijks wordt in schrijven A. Ver. Bestr. Tuberculose
genoemd als grossier (fruithandelaar). Is
Lodewijk bij ons bekend? Doet hij groote zaken?
Als kruier onvoldoende behoefte bij hem. Indien
uitbreiding, dan met paard & wagen.
Ter Centrale Besproken
10-11-42
[initialen]
Lodewijks is kleinhandelaar.
Gellekom kan pers. kaart bij Lodewijk krijgen.
[initialen] Dit document vormt een illustratief dossier over de bureaucratische afhandeling van een arbeidsvergunning tijdens de bezettingsjaren. De kernvraag is of Cornelis van Gellekom, een tbc-patiënt die medisch ongeschikt is verklaard voor het zware werk op een bakfiets, als 'kruier' (sjouwer) op de Centrale Markt mag werken.
- Medische paradox: De controleur merkt op dat Van Gellekom extra rantsoenen (melk en boter) krijgt vanwege zijn zwakke gezondheid. In de handgeschreven kanttekening wordt terecht de kritische vraag gesteld: "Mag deze man dan wel zware vrachten duwen?".
- Status van de werkgever: Er is onduidelijkheid over de status van de zwager, C. Lodewijks. De tuberculosevereniging noemt hem een 'grossier', maar de gemeentelijke controle stelt vast dat hij slechts een 'kooper' of 'kleinhandelaar' is die onvoldoende werk heeft om een eigen kruier te rechtvaardigen.
- Besluitvorming: Uiteindelijk wordt besloten dat Van Gellekom geen algemene kruierskaart krijgt, maar een persoonlijke kaart die gekoppeld is aan de handel van zijn zwager Lodewijks. * Tweede Wereldoorlog: Het document dateert uit november 1942, de periode waarin de Duitse bezetting in Nederland steeds repressiever werd. De Centrale Markt was een cruciaal distributiepunt voor de voedselvoorziening en stond onder streng toezicht.
- Volksgezondheid: Tuberculose (tbc) was in die tijd een veelvoorkomende en gevreesde ziekte. De "Amsterdamse vereniging tot bestrijding der tuberculose" probeerde patiënten te re-integreren in het arbeidsproces, wat in dit geval leidde tot de aanvraag.
- Joodse sporen: De genoemde arts, Dokter Max Juda (Leliegracht 15), was een Joodse huisarts. Het feit dat zijn verklaring eind 1942 nog door de autoriteiten wordt geaccepteerd, is opmerkelijk gezien de toenemende uitsluiting van Joodse professionals. Max Juda is later, in 1943, in Sobibor omgebracht.
- Schaarsche: De vermelding van "extra liter melk en 400 gram boter" verwijst naar de distributiestamkaarten en extra toewijzingen voor zieken in een tijd van toenemende tekorten. A. Ver B. Ulthin C. Lodewijks Marktwezen