Informatief aanplakbiljet / Instructievoorschrift.
Origineel
Informatief aanplakbiljet / Instructievoorschrift. [Afbeelding van het wapen van Amsterdam]
LUCHTBESCHERMING CENTRALE MARKT.
Aan alle bezoekers der Centrale Markt.
Het loeien van de sirene is een waarschuwing dat het gevaar voor een luchtaanval dreigend is. In het belang van eigen veiligheid dient men dan zijn goederen, materialen enz. in den steek te laten en ten spoedigste dekking te zoeken in de schuilplaats, welke het dichtst is gelegen bij de plaats, waar men zich op het oogenblik van de waarschuwing bevindt.
Het is noodzakelijk :
a. Dat men zich te voren reeds geheel op de hoogte stelt, welke de dichtstbij gelegen schuilplaatsen voor de verschillende marktgedeelten zijn en waar de ingangen daarvan zijn.
De ingangen zijn gemerkt met blauwen cirkel.
b. Dat men tijdens het verkeeren op de markt er voortdurend rekening mee houdt, dat elk oogenblik het alarmsignaal (sirene) kan worden gegeven, dat wil zeggen, dat men zorgt op ieder oogenblik te weten waarheen men zich precies begeven moet zoodra het alarmsignaal klinkt.
c. Dat men zich op het eerste alarm spoedig, doch zoo rustig mogelijk naar de schuilplaats begeeft, dus zonder wagens, goederen, enz. op zij te werpen, waardoor de doortocht voor anderen zou worden belemmerd.
d. Dat men zich in de schuilgelegenheden geheel gedraagt naar de aanwijzingen van de daar aanwezige schuilplaatsleiders.
De schuilplaatsen zijn : de bovenverdiepingen van de pakhuizen A, B, C, E, hal (Oost- en Westzijde), de ruimten in de hal onder de veilingtribunes, de kelder onder het café Marcanti (ingangsgebouw).
Als leiders van schuilplaatsen treden in de pakhuizen de daarin gevestigde grossiers op. In de ruimten onder de veilingtribunes heeft de directeur der veiling, of iemand, die hem vervangt, de leiding.
I Bij het parkeeren of stilzetten van voertuigen moet 1 m. afstand van reeds stilstaande of parkeerende voertuigen worden gehouden ;
II Het is verboden : voertuigen (auto’s, karren, enz. enz.) zoodanig te plaatsen dat de toegangen tot de pakhuizen (en andere schuilgelegenheden) worden versperd ;
III Het is verboden om goederen, emballage, materialen, enz. op de bovenbedoelde, voor het verkeer vrij te houden plaatsen, neer te zetten.
Op de markt moeten alle aanwijzingen gevolgd worden, welke door het marktpersoneel worden gegeven.
Bedenkt, dat het stipt nakomen van alle voorschriften en aanwijzingen noodzakelijk is in het belang van allen en dus ook van U zelve. Dit document is een officiële instructie voor de burgerbevolking en handelaren op de Centrale Markt in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De tekst is zakelijk en dwingend van toon, bedoeld om orde te handhaven tijdens de paniek van een luchtalarm.
Opvallende elementen zijn:
* Logistiek van veiligheid: Er wordt specifiek benoemd dat men goederen onbeheerd moet achterlaten. In een commerciële omgeving als een markt is dit een ingrijpende maatregel die de ernst van de situatie onderstreept.
* Visuele markering: De schuilplaatsen worden gemarkeerd met een "blauwen cirkel", een destijds algemeen bekend symbool voor schuilgelegenheden.
* Locatie-specifiek: De vernoeming van pakhuizen A t/m E, de veilingtribunes en het bekende café Marcanti maakt dit document zeer locatiespecifiek voor het marktterrein aan de Jan van Galenstraat.
* Taalgebruik: Het gebruik van de 'naamvallen-n' (den steek, blauwen cirkel) en de spelling met dubbel 'oo' (oogenblik) is kenmerkend voor de officiële taal van die periode. Tijdens de bezettingsjaren (1940-1945) was de Luchtbeschermingsdienst (LBD) zeer actief in Nederlandse steden. Omdat Amsterdam een strategisch doelwit kon zijn voor geallieerde bombardementen (gericht op industrie of transportlijnen), moesten grote publieke ruimtes zoals de Centrale Markt strikte protocollen hebben.
De Centrale Markt was het logistieke hart van de voedselvoorziening in Amsterdam. Een luchtaanval hier zou niet alleen directe slachtoffers maken, maar ook de distributie van schaars voedsel kunnen ontregelen. Café Marcanti, dat nog steeds bestaat (al heeft het nu een andere functie), diende als sociaal middelpunt en blijkbaar ook als schuilkelder vanwege de stevige constructie van het ingangsgebouw. De hiërarchie op de markt werd doorgetrokken naar de veiligheid: grossiers en directeuren werden aangesteld als 'schuilplaatsleiders'. Gemeente Amsterdam