Archief 745
Inventaris 745-380
Pagina 223
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Archiefdocument

10 augustus 1942. Van: Departement van Landbouw en Visscherij, Afdeeling Visscherijen. Dossier: 218/1940, 285, 3/1940

Origineel

10 augustus 1942. Departement van Landbouw en Visscherij, Afdeeling Visscherijen. N. V. C. No. 285.

BESCHIKKING VAN DEN SECRETARIS-GENERAAL VAN HET DEPARTEMENT VAN LANDBOUW EN VISSCHERIJ INZAKE MAXIMUM PRIJZEN VOOR ZEEVISCH.

10 Augustus 1942.
1881.
Afdeeling Visscherijen.

Op grond van Artikel 2 van het Besluit No. 218/1940 in zake de benoeming van een Gemachtigde voor de Prijzen en in overeenstemming met de §§ 2 en 3 van de Verordening No. 3/1940 van den Rijkscommissaris voor het bezette Nederlandsche gebied, wordt bepaald:

§ 1. Voorschriften voor reeders van visschersvaartuigen en visschers.

Artikel 1. De prijzen, tegen welke zeevisch ten hoogste aan den afslag mag worden verkocht en afgeleverd, worden door of vanwege den Directeur-Generaal van de Voedselvoorziening in overeenstemming met den Gemachtigde voor de Prijzen vastgesteld en op door hem te bepalen wijze gepubliceerd.
Artikel 2. De reeders van visschersvaartuigen of visschers zijn bij de levering van de zeevisch verplicht aan hun afnemers een overwicht te geven van ten minste 10 pct. voor grove visch en 5 pct. voor fijne visch.
Artikel 3. De reeders van visschersvaartuigen of visschers zijn verplicht de door hen aangevoerde visch naar de soorten en onderverdeeling van deze soorten, waarvoor maximum prijzen en/of marges zijn vastgesteld, te sorteeren. Indien aan deze verplichting niet is voldaan, geldt als maximum prijs voor deze partij de laagste maximum prijs van de desbetreffende vischsoort.

§ 2. Voorschriften voor groot- en kleinhandelaren en commissiekoopers in zeevisch.

Artikel 4. De marges, welke de groot- en kleinhandelaren bij verkoop en aflevering aan hun afnemers ten hoogste mogen berekenen, zijn vervat in de bij deze beschikking gevoegde bijlagen.
Artikel 5. De groot- en kleinhandelaren zijn verplicht de betrokken zeevisch, gesorteerd naar de soorten en onderverdeeling van deze soorten, waarvoor maximum prijzen en/of marges zijn vastgesteld, door te leveren.
Artikel 6. De groothandelaren mogen voor verpakkingen, kleiner dan 50 kg, hun maximum marge met ten hoogste f 0,01 per kg verhoogen.
Artikel 7. 1. De in artikel 4 genoemde marges voor de groot- en kleinhandelaren mogen ten aanzien van een en dezelfde partij visch slechts éénmaal worden berekend.
2. Behoudens toestemming van de Nederlandsche Visscherijcentrale mag een zelfde handelaar slechts één maximum marge berekenen.
Artikel 8. 1. Indien meer dan één groothandelaar is ingeschakeld, moeten de groothandelaren de maximum marge voor den groothandelaren onderling deelen en wel zoodanig, dat de tweede groothandelaar ten minste f 1,— per 50 kg ontvangt.
2. De tweede groothandelaar mag de vrachtkosten voor verzending van de visch van den eersten groothandelaar naar den kleinhandelaar aan dezen laatste in rekening brengen, mits deze vrachtkosten afzonderlijk op de verkoopnota voor den kleinhandelaar worden vermeld.
Artikel 9. Commissiekoopers en zij, die naar het oordeel van de Nederlandsche Visscherijcentrale daarmede gelijk zijn te stellen, mogen voor de door hen verrichte diensten een vergoeding van ten hoogste f 0,02 per kg, exclusief vracht, aan hun opdrachtgevers in rekening brengen. Deze commissie moet uit de maximum marge voor den opdrachtgever worden betaald.

§ 3. Voorschriften voor be- of verwerkte visch.

Artikel 10. Indien zeevisch, ontdaan van den kop, wordt verkocht en afgeleverd, mogen de maximum prijzen met 1/3 van den desbetreffenden maximum prijs voor de reeders van visschersvaartuigen of visschers voor niet gestripte visch worden verhoogd.
Artikel 11. Indien de zeevisch gefileerd wordt verkocht en afgeleverd, mogen de maximum prijzen met het tweevoud van den desbetreffenden maximum prijs voor de reeders van visschersvaartuigen of visschers voor niet gestripte visch worden verhoogd.
Artikel 12. Indien de zeevisch in bevroren toestand wordt verkocht en afgeleverd, mag de maximum marge voor den groothandelaar worden vermeerderd met invries- en bewaarkosten van ten hoogste f 1,— per 50 kg per maand, met een maximum van f 2,50 per 50 kg.
Artikel 13. Indien kabeljauw of wijting door de groot- of kleinhandelaren wordt gestript, zijn de maximum verkoopprijzen voor de groot- en kleinhandelaren gelijk aan de verkoopprijzen op den afslag van gestripte kabeljauw of wijting, vermeerderd met de groothandelsmarge, onderscheidenlijk de som van de groot- en kleinhandelsmarge van kabeljauw en wijting.
Artikel 14. Indien de kabeljauw door de kleinhandelaren in mooten wordt verkocht en afgeleverd, mogen de kleinhandelaren den maximum inkoopprijs per kg van deze kabeljauw verdubbelen en daarna vermeerderen met f 0,35 per kg.
Artikel 15. De kleinhandelaren, niet zijnde venters of marktkooplieden, mogen voor het bezorgen van zeevisch aan hun afnemers geen hoogeren prijs in rekening brengen dan 10 cent per bezorging; het schoonmaken mag niet berekend worden.
Artikel 16. De Directeur-Generaal kan in overeenstemming met den Gemachtigde voor de Prijzen nadere prijzen vaststellen voor gestripte, gefileerde, in mooten verdeelde of op soortgelijke wijze be- of verwerkte, alsook voor beschadigde visch. Deze prijzen kunnen op door hem te bepalen wijze bekend worden gemaakt.

§ 4. Slotbepaling.

Artikel 17. 1. Deze beschikking, welke kan worden aangehaald als „Prijzenbeschikking 1942 Zeevisch", treedt in werking met ingang van den dag na dien der dagteekening, onderscheidenlijk der eerste dagteekening van de Nederlandsche Staatscourant, waarin zij is geplaatst.
2. Tegelijkertijd treedt het Prijzenbesluit 1941 Zeevisch buiten werking.

's-Gravenhage, 10 Augustus 1942.

De Secretaris voornoemd,
w.g. H. M. HIRSCHFELD.

(A) 23443 - '42 - K 983

--- Dit document is een officiële "beschikking" (besluit) uitgevaardigd door het Departement van Landbouw en Visscherij tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Het doel van de beschikking is het reguleren van de prijzen en de handel in zeevis. De tekst is verdeeld in vier paragrafen:

  1. Reeders en visschers (§ 1): Bepaalt hoe prijzen aan de visafslag worden vastgesteld en verplicht hen tot het geven van een "overwicht" (extra gewicht ter compensatie) en het sorteren van de vis.
  2. Handelaren (§ 2): Legt regels op aan de tussenhandel (groot- en kleinhandel) betreffende winstmarges, verpakking en het doorrekenen van kosten door commissiekoopers.
  3. Be- of verwerkte vis (§ 3): Bevat specifieke prijsverhogingen die zijn toegestaan wanneer vis bewerkt is (bijv. gekopt, gefileerd, bevroren of in mooten gesneden). Er wordt specifiek verwezen naar kabeljauw en wijting.
  4. Slotbepaling (§ 4): Geeft de officiële citeertitel ("Prijzenbeschikking 1942 Zeevisch") en regelt de inwerkingtreding.

De toon is juridisch en dwingend, typerend voor de distributie- en prijsbeheersingsmaatregelen van de oorlogstijd.

--- De "Prijzenbeschikking 1942 Zeevisch" werd uitgevaardigd op 10 augustus 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog. Nederland was op dat moment bezet door nazi-Duitsland. Om de economie onder controle te houden en inflatie of zwarte handel tegen te gaan, voerde het Rijkscommissariaat een strak systeem van prijsbeheersing en distributie in.

De ondertekenaar, H.M. Hirschfeld, was een invloedrijke figuur tijdens de bezetting. Als Secretaris-Generaal bleef hij op zijn post om de Nederlandse economie draaiende te houden en de ergste voedseltekorten te beheersen, hoewel zijn samenwerking met de bezetter na de oorlog onderwerp van discussie was.

De visserijsector had het in 1942 zwaar: een groot deel van de Noordzee was verboden gebied vanwege mijnen en militaire operaties, en veel vissersschepen waren door de Duitsers gevorderd. De vis die wel werd binnengebracht, was schaars en essentieel voor de voedselvoorziening. Deze beschikking zorgde ervoor dat de schaarse vis tegen vastgestelde prijzen bij de consument terechtkwam, waarbij elke stap in de keten (van visser tot winkelier) aan strikte winstmarges was gebonden. De verwijzing naar de "Voedselvoorziening" en de "Gemachtigde voor de Prijzen" benadrukt de gecentraliseerde overheidscontrole op de dagelijkse levensbehoeften in die periode. C. No H.M. Hirschfeld M. Hirschfeld

Samenvatting

Dit document is een officiële "beschikking" (besluit) uitgevaardigd door het Departement van Landbouw en Visscherij tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Het doel van de beschikking is het reguleren van de prijzen en de handel in zeevis. De tekst is verdeeld in vier paragrafen:

  1. Reeders en visschers (§ 1): Bepaalt hoe prijzen aan de visafslag worden vastgesteld en verplicht hen tot het geven van een "overwicht" (extra gewicht ter compensatie) en het sorteren van de vis.
  2. Handelaren (§ 2): Legt regels op aan de tussenhandel (groot- en kleinhandel) betreffende winstmarges, verpakking en het doorrekenen van kosten door commissiekoopers.
  3. Be- of verwerkte vis (§ 3): Bevat specifieke prijsverhogingen die zijn toegestaan wanneer vis bewerkt is (bijv. gekopt, gefileerd, bevroren of in mooten gesneden). Er wordt specifiek verwezen naar kabeljauw en wijting.
  4. Slotbepaling (§ 4): Geeft de officiële citeertitel ("Prijzenbeschikking 1942 Zeevisch") en regelt de inwerkingtreding.

De toon is juridisch en dwingend, typerend voor de distributie- en prijsbeheersingsmaatregelen van de oorlogstijd.


Historische Context

De "Prijzenbeschikking 1942 Zeevisch" werd uitgevaardigd op 10 augustus 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog. Nederland was op dat moment bezet door nazi-Duitsland. Om de economie onder controle te houden en inflatie of zwarte handel tegen te gaan, voerde het Rijkscommissariaat een strak systeem van prijsbeheersing en distributie in.

De ondertekenaar, H.M. Hirschfeld, was een invloedrijke figuur tijdens de bezetting. Als Secretaris-Generaal bleef hij op zijn post om de Nederlandse economie draaiende te houden en de ergste voedseltekorten te beheersen, hoewel zijn samenwerking met de bezetter na de oorlog onderwerp van discussie was.

De visserijsector had het in 1942 zwaar: een groot deel van de Noordzee was verboden gebied vanwege mijnen en militaire operaties, en veel vissersschepen waren door de Duitsers gevorderd. De vis die wel werd binnengebracht, was schaars en essentieel voor de voedselvoorziening. Deze beschikking zorgde ervoor dat de schaarse vis tegen vastgestelde prijzen bij de consument terechtkwam, waarbij elke stap in de keten (van visser tot winkelier) aan strikte winstmarges was gebonden. De verwijzing naar de "Voedselvoorziening" en de "Gemachtigde voor de Prijzen" benadrukt de gecentraliseerde overheidscontrole op de dagelijkse levensbehoeften in die periode.

Genoemde Personen 3

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Fruit): Peren A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Paling Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch Vis & Zee: Zeevis Vleeswaren: Lever Vleeswaren: Vlees

Thema's

Duitsland/Oosten Dwang/Vordering Jodenster/Maatregelen

Kooplieden in dit dossier 100

A. Brandt Waterlooplein kooper (winkelier)
A. Brandt Waterlooplein kooper (winkelier)
A.Th.Waalberg, Kinkerstr. 60/62 Waterlooplein kooper winkelier
A.Th.Waalberg, Kinkerstr.60/62 Waterlooplein kooper winkelier
B. Soort Waterlooplein ongeknipt
B. Soort Waterlooplein ƒ 0,11 p.kg
B extra Waterlooplein ƒ 0,15 p.kg
Weduwe Roemer Waterlooplein kooper (winkelier)
Weduwe Roemer Waterlooplein kooper (winkelier)
Brasem (blei), meun, sneep en winde boven ½ kg Barbeel en kroeskarper Waterlooplein 0,41
dhr. Dinkgreve (voorzitter) Waterlooplein 0,30
C.Mooijer & Zonen
E.J.F. Weise Waterlooplein kooper winkelier
E.J.F. Weise Waterlooplein kooper winkelier
E. Schalm Waterlooplein kooper winkelier
E. Schalm Waterlooplein kooper winkelier
Gebr.Böhne
Gebr.Smit
Gestripte kabeljauw Waterlooplein 0,65
M. Sicma Waterlooplein 0,75
M. Sicma Waterlooplein 0,40
M. Sicma Waterlooplein 0,55
Gestripte wijting Waterlooplein 0,65
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6