Archief 745
Inventaris 745-380
Pagina 336
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Proces-verbaal of ambtelijke verklaring betreffende een overtreding van de visverkoopregels.

Origineel

Proces-verbaal of ambtelijke verklaring betreffende een overtreding van de visverkoopregels. geschreven bij de Gemeentelijke Vischafslag te
Amsterdam, waardoor hij wordt erkend bij
de verdeeling van zoetwatervisch, door de
Gemeentelijke Vischafslag te Amsterdam.

Op mijn vraag hoe Fransman aan
deze partij zoetwatervisch kwam antwoordde
hij ,,Mijn broer Jozef, waar ik mede
samen doe, heeft j.l. Zaterdag te IJmuiden
een mand inhoudende 50 KG voorn
gekocht en ga deze thans aan het publiek
verkoopen."

Desgevraagd antwoordde Jacob Frans-
man. ,,Ik wist niet dat we geen zoet-
watervisch buiten de afslag om mochten
koopen. Het is de eerste maal, dat ik of
wij dit deden en zal in het vervolg
het ook niet meer doen. Maakt U
er geen werk van Mijnheer, want
anders krijgen we geen zoetwatervisch
van de verdeeling van de Gemeentelijke
Vischafslag meer."

Uit de verklaring van Jacob Fransman
blijkt duidelijk dat hij wel bekend was,
dat door een vischventer welke zijn zoet-
watervisch krijgt van de Gemeentelijke
Vischafslag te Amsterdam, geen zoetwater-
visch mag worden bijgekocht, zooals
dit thans door hun werd gedaan. Het document beschrijft een verhoor van visventer Jacob Fransman. Hij wordt geconfronteerd met het feit dat hij een partij van 50 kilogram voorn (zoetwatervis) heeft gekocht in IJmuiden, buiten het officiële toewijzingssysteem van de Gemeentelijke Visafslag in Amsterdam om.

Jacob probeert de overtreding te bagatelliseren door te stellen dat hij niet op de hoogte was van de regels en smeekt de ambtenaar om er "geen werk van te maken" (geen officieel rapport op te maken). De reden voor zijn angst is dat hij bij een officiële sanctie uitgesloten zou kunnen worden van de verdere "verdeeling" (distributie) van vis, wat zijn broodwinning zou bedreigen.

De ambtenaar trekt aan het eind van het document een harde conclusie: hij gelooft de onschuld van Fransman niet en stelt vast dat de venter wel degelijk wist dat bijkoop verboden was. Dit document stamt waarschijnlijk uit de periode rond de Tweede Wereldoorlog of de vroege wederopbouw. In die tijd was er sprake van een strikt distributiestelsel. Om eerlijke prijzen en een gelijke verdeling van voedsel te garanderen, mochten handelaren alleen goederen verkopen die via de officiële kanalen (zoals de Gemeentelijke Visafslag) waren verkregen.

"Bijkoop" op de vrije markt werd gezien als een economisch delict omdat het de gereguleerde markt ondermijnde. De tekst illustreert de dagelijkse strijd van kleine handelaren om aan voldoende voorraad te komen en de strenge controle door de overheid op de naleving van de distributiewetten. De naam "Fransman" komt veelvuldig voor in de Joodse geschiedenis van de Amsterdamse markthandel, wat een extra aanwijzing kan zijn voor de sociaal-economische context van het document. Jacob Fransman (visventer) Jozef Fransman (broer/compagnon) en een niet nader genoemde ambtenaar.

Samenvatting

Het document beschrijft een verhoor van visventer Jacob Fransman. Hij wordt geconfronteerd met het feit dat hij een partij van 50 kilogram voorn (zoetwatervis) heeft gekocht in IJmuiden, buiten het officiële toewijzingssysteem van de Gemeentelijke Visafslag in Amsterdam om.

Jacob probeert de overtreding te bagatelliseren door te stellen dat hij niet op de hoogte was van de regels en smeekt de ambtenaar om er "geen werk van te maken" (geen officieel rapport op te maken). De reden voor zijn angst is dat hij bij een officiële sanctie uitgesloten zou kunnen worden van de verdere "verdeeling" (distributie) van vis, wat zijn broodwinning zou bedreigen.

De ambtenaar trekt aan het eind van het document een harde conclusie: hij gelooft de onschuld van Fransman niet en stelt vast dat de venter wel degelijk wist dat bijkoop verboden was.

Historische Context

Dit document stamt waarschijnlijk uit de periode rond de Tweede Wereldoorlog of de vroege wederopbouw. In die tijd was er sprake van een strikt distributiestelsel. Om eerlijke prijzen en een gelijke verdeling van voedsel te garanderen, mochten handelaren alleen goederen verkopen die via de officiële kanalen (zoals de Gemeentelijke Visafslag) waren verkregen.

"Bijkoop" op de vrije markt werd gezien als een economisch delict omdat het de gereguleerde markt ondermijnde. De tekst illustreert de dagelijkse strijd van kleine handelaren om aan voldoende voorraad te komen en de strenge controle door de overheid op de naleving van de distributiewetten. De naam "Fransman" komt veelvuldig voor in de Joodse geschiedenis van de Amsterdamse markthandel, wat een extra aanwijzing kan zijn voor de sociaal-economische context van het document.

Genoemde Personen 3

Locaties

Gemeentelijke Visafslag Amsterdam / IJmuiden.

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch Vis & Zee: Zoetwatervis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Kooplieden in dit dossier 100

A. Brandt Waterlooplein kooper (winkelier)
A. Brandt Waterlooplein kooper (winkelier)
A.Th.Waalberg, Kinkerstr. 60/62 Waterlooplein kooper winkelier
A.Th.Waalberg, Kinkerstr.60/62 Waterlooplein kooper winkelier
B. Soort Waterlooplein ongeknipt
B. Soort Waterlooplein ƒ 0,11 p.kg
B extra Waterlooplein ƒ 0,15 p.kg
Weduwe Roemer Waterlooplein kooper (winkelier)
Weduwe Roemer Waterlooplein kooper (winkelier)
Brasem (blei), meun, sneep en winde boven ½ kg Barbeel en kroeskarper Waterlooplein 0,41
dhr. Dinkgreve (voorzitter) Waterlooplein 0,30
C.Mooijer & Zonen
E.J.F. Weise Waterlooplein kooper winkelier
E.J.F. Weise Waterlooplein kooper winkelier
E. Schalm Waterlooplein kooper winkelier
E. Schalm Waterlooplein kooper winkelier
Gebr.Böhne
Gebr.Smit
Gestripte kabeljauw Waterlooplein 0,65
M. Sicma Waterlooplein 0,75
M. Sicma Waterlooplein 0,40
M. Sicma Waterlooplein 0,55
Gestripte wijting Waterlooplein 0,65
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6