Getypt rapport (ambtelijke verklaring).
Origineel
Getypt rapport (ambtelijke verklaring). No 4b/321/116^P M. 1942 2/11 Div
R A P P O R T
In opdracht van den heer Directuer van het Marktwezen hebben wij, ondergetekende controleurs, K. Marinus en B. Felthuis, gehoord op 2 November 1942; Leendert Rooseman, oud 37 jaar, accountant, wonende Willem de Zwijgerlaan 22 alhier, die ons als volgt verklaarde:
Op 2 September 1942 was des avonds aan het Centraal Station alhier aangekomen een partij van 240 kilogram garnalen. Deze waren geadresseerd aan mijn broer de vischgrossier C. Rooseman en afkomstig van Vlissingen-Arnemuiden. Deze partij garnalen is toen ontvangen door K. Zwaan die een firmant is van mijn broer. Daar de garnalen s avonds aangekomen waren heeft Zwaan ze terstond door verkocht aan Mej: J. Fleijsman, wonende 2e Goudsbloemdwarsstraat 3 alhier. Toen het Mej: Fleijsman evenwel bleek dat de garnalen zich niet meer in een deugdelijke staat bevonden, heeft zij de geheele partij op 3 September nog voordat de vischmarkt een aanvang had genomen, op de vischmarkt gebracht en aan K. Zwaan terug gegeven. Zwaan heeft toen de garnalen gewasschen om te probeeren deze daardoor weer voor de consumptie geschikt te maken. Het gebeurt namelijk wel eens dat het bederf wel de schaal doch niet het vleesch, of de pit zooals dat in vaktermen heet, heeft aangetast. Toen ik op 3 September 1942, om 7.15 uur v.m op de vischmarkt kwam stelde Zwaan mij van de slechte kwaliteit der garnalen op de hoogte. Bij onderzoek bleek mij toen, dat ook het ~~vleesch~~ vleesch van de garnalen zurig aanproefde. Even nadat ik op de vischmarkt was aangekomen trad toen de grossier IJ. Goedhart op mij toe en gaf mij te kennen dat hij de geheele partij garnalen wilde koopen. Hij bood mij hiervoor 35 cent per kilogram, waaruit ik afleidde dat de ondeugdelijkheid van deze garnalen hem bekend, omdat de vastgestelde prijs 55 cent per kilogram bedroeg. IJ. Goedhart heeft toen de geheele partij van mij gekocht tegen 35 of 40 cent per kilogram. Hierbij heb ik Goedhart te kennen gegeven, dat elke risico aan deze koop verbonden voor hem was. Omstreeks 8 uur v.m op dien dag, nadat de koop tusschen mij en Goedhart gesloten was, verscheen Chef-Marktopzichter Stam bij de besproken partij garnalen en deelde mij mede dat hij deze zou verdeelen. Ik vertelde toen aan Stam dat deze garnalen niet meer aan mij maar aan Goedhart toebehoorden, dat ik de garnalen omstreeks 7.15 uur dien morgen aan Goedhart had verkocht omdat de garnalen zich in ondeugdelijke staat bevonden, Indien Stam dus de garnalen wilde verdeelen moest hij zich vervoegen bij IJ. Goedhart. Hierna is ook de keurmeester Snoek bij de partij garnalen verschenen en verklaarde deze ze hoogstens nog voor een uur te kunnen vrijgeven. Na een uur zouden ze niet meer voor de consumptie geschikt zijn. Wat zich verder heeft voorgedaan weet ik niet."
Op 2 November hebben wij, rapporteurs, ook gehoord; Cornelis Bonnier, oud 35 jaar, standplaatshouder voor visch in de Albert Cuypstraat alhier en wonende Borgerstraat 132/III, die ons als volgt verklaarde.
"Ik kan mij niet herinneren, dat ik op 3 September 1942 op de vischmarkt alhier door controleur Felthuis en in tegenwoordigheid van controleur Marinus, ben gehoord over een geval met garnalen hetwelk op 3 September 1942 zou hebben plaats gehad. Op dien dag zou ik van ~~van~~ IJ. Goedhart een partij van 120 kilogram garnalen hebben gekocht en deze hebben verkocht op mijn standplaats in de Albert Cuypstraat. Ik zou dat zelf hebben verklaard. Ik acht het echter niet mogelijk, temeer daar ik ~~zeker~~ zeker weet op 3 September geen garnalen te hebben gekocht van IJ. Goedhart." * Kern van de zaak: Een partij van 240 kg garnalen arriveert in slechte staat in Amsterdam. Er wordt geprobeerd de garnalen te "redden" door ze te wassen.
* Prijsvorming: De officiële vastgestelde prijs was 55 cent per kg. Vanwege de slechte staat werden ze onderhands verkocht voor 35 tot 40 cent, waarbij het risico expliciet werd overgedragen aan de koper (Goedhart). Dit duidt op handel in goederen van inferieure kwaliteit buiten de normale prijsregels om.
* Tegenspraak: Er is een duidelijke discrepantie tussen de administratie/observatie van de controleurs en de getuigenis van Cornelis Bonnier. Bonnier ontkent de partij van 120 kg te hebben gekocht of daarover eerder een verklaring te hebben afgelegd.
* Taalgebruik: Typisch ambtelijk Nederlands uit de jaren '40 ("alhier", "v.m." voor voormiddag, "ondeugdelijke staat"). Opvallend is de spelfout "Directuer" in de eerste regel en de vakterm "de pit" voor het vlees van de garnaal. Dit document stamt uit november 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Tijdens deze periode was er sprake van een distributiestelsel en strikte prijsbeheersing door het "Marktwezen" om zwarte handel en prijsopdrijving te voorkomen. De keuring van levensmiddelen was essentieel vanwege de schaarste; bedorven voedsel mocht niet in de handel komen, maar door de tekorten werd er vaak getracht de grenzen op te zoeken (zoals het wassen van garnalen). Het rapport illustreert de bureaucratische controle op de voedselvoorziening en de juridische verslaglegging van mogelijke overtredingen op de Amsterdamse markten (zoals de Albert Cuyp). K. Marinus (controleur) B. Felthuis (controleur) Leendert Rooseman (accountant) C. Rooseman (visgrossier) K. Zwaan (firmant) Mej. J. Fleijsman IJ. Goedhart (grossier) Stam (Chef-Marktopzichter) Snoek (keurmeester) Cornelis Bonnier (standplaatshouder).