Getypte ambtelijke brief (doorslag/kopie) met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte ambtelijke brief (doorslag/kopie) met handgeschreven kanttekeningen. 3 maart 1942 (met handgeschreven verzenddatum 10 maart). [Rechtsboven, handgeschreven in potlood:]
Inspecteur
[Middenboven, handgeschreven in potlood:]
Verzonden 10/3
[Rechtsboven, getypt:]
HG.
[Briefhoofd, getypt:]
het Bureau voor Sociale Zaken,
Reguliersdwarsstraat 65-71,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 5.
[Kenmerk en datum:]
52/47/1 M. 1 3 Maart 1942.
[Onderwerp:]
Mutaties uitgegeven plaatsen
op de dag- en weekmarkten.
[Inhoud:]
Ten vervolge op mijn brief d.d. 11 October 1941 (No.52/13/13 M.) doe ik U in bijlage dezes een lijst toekomen, houdende de mutaties in de uitgegeven vaste plaatsen op de dag- en weekmarkten. Een afschrift van deze lijst is reeds ondershands gezonden aan de afdeeling O.W., Marnixstraat.
[Ondertekening:]
De Directeur, Dit document is een interne administratieve mededeling van het Amsterdamse Bureau voor Sociale Zaken. De brief begeleidt een lijst (niet aanwezig in de afbeelding) met wijzigingen in de toewijzing van marktplaatsen.
Enkele opvallende administratieve details:
* Ondershands: Er wordt vermeld dat een afschrift al 'ondershands' (direct/informeel tussen ambtenaren) naar de afdeling Openbare Werken (O.W.) aan de Marnixstraat is gestuurd.
* Verzending: Hoewel de brief gedateerd is op 3 maart, noteert de administratie met potlood dat de brief pas op 10 maart daadwerkelijk is verzonden.
* Wijk 5: De aanduiding "Wijk 5" verwijst waarschijnlijk naar de administratieve indeling van de stad door het bureau. De datum van het document, maart 1942, is historisch zeer relevant. Nederland was op dat moment bezet door nazi-Duitsland. De term "mutaties" in de context van marktplaatsen in Amsterdam was in deze periode vaak direct gerelateerd aan de anti-Joodse maatregelen.
Vanaf september 1941 werden Joodse marktkooplieden stelselmatig geweerd van de reguliere markten. In november 1941 werden in Amsterdam specifieke "Joodsche markten" aangewezen (zoals op het Waterlooplein en de Gaaspstraat), waardoor hun plaatsen op de reguliere dag- en weekmarkten vrijkwamen. Het document verwijst naar een eerdere brief uit oktober 1941, de periode waarin deze segregatie en uitsluiting volop in gang werd gezet. De administratieve verwerking van deze "mutaties" door het Bureau voor Sociale Zaken en de afdeling Openbare Werken was een essentieel onderdeel van de bureaucratische uitvoering van de uitsluitingspolitiek van de bezetter.
Samenvatting
Dit document is een interne administratieve mededeling van het Amsterdamse Bureau voor Sociale Zaken. De brief begeleidt een lijst (niet aanwezig in de afbeelding) met wijzigingen in de toewijzing van marktplaatsen.
Enkele opvallende administratieve details:
* Ondershands: Er wordt vermeld dat een afschrift al 'ondershands' (direct/informeel tussen ambtenaren) naar de afdeling Openbare Werken (O.W.) aan de Marnixstraat is gestuurd.
* Verzending: Hoewel de brief gedateerd is op 3 maart, noteert de administratie met potlood dat de brief pas op 10 maart daadwerkelijk is verzonden.
* Wijk 5: De aanduiding "Wijk 5" verwijst waarschijnlijk naar de administratieve indeling van de stad door het bureau.
Historische Context
De datum van het document, maart 1942, is historisch zeer relevant. Nederland was op dat moment bezet door nazi-Duitsland. De term "mutaties" in de context van marktplaatsen in Amsterdam was in deze periode vaak direct gerelateerd aan de anti-Joodse maatregelen.
Vanaf september 1941 werden Joodse marktkooplieden stelselmatig geweerd van de reguliere markten. In november 1941 werden in Amsterdam specifieke "Joodsche markten" aangewezen (zoals op het Waterlooplein en de Gaaspstraat), waardoor hun plaatsen op de reguliere dag- en weekmarkten vrijkwamen. Het document verwijst naar een eerdere brief uit oktober 1941, de periode waarin deze segregatie en uitsluiting volop in gang werd gezet. De administratieve verwerking van deze "mutaties" door het Bureau voor Sociale Zaken en de afdeling Openbare Werken was een essentieel onderdeel van de bureaucratische uitvoering van de uitsluitingspolitiek van de bezetter.