Ambtelijke kantoornotitie of memoblaadje.
Origineel
Ambtelijke kantoornotitie of memoblaadje. 14 augustus 1942 (vastgesteld via datumstempel). Centr. Dienst v. Levensmiddelenvoorziening
heeft per 15/8. in gebruik genomen
kantoor No 58. in de hal.
f 25. p. maand.
Wethouder machtiging vragen?
[stempel rechts:] 14 AUG. 1942
[linksonder in potlood/andere hand:]
Model briefje
v.w.l.m.
B 64/25/1 Het document is een korte interne notitie betreffende de huisvesting van de Centrale Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening (CDL). Er wordt gemeld dat deze dienst vanaf 15 augustus (waarschijnlijk 1942, gezien het stempel) intrek neemt in "kantoor No 58", gelegen in de hal van een niet nader genoemd (waarschijnlijk gemeentelijk) gebouw.
De huurprijs is vastgesteld op 25 gulden per maand. De schrijver van het briefje stelt de procedurele vraag of er voor deze regeling een officiële machtiging van de wethouder nodig is. De aantekeningen linksonder wijzen op een administratieve afhandeling: het diende als 'model' voor een uit te sturen brief en is voorzien van een archiefkenmerk (B 64/25/1). De datum, augustus 1942, plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Levensmiddelenvoorziening was in deze periode een vitaal onderdeel van het staatsapparaat; zij hielden toezicht op de distributie van schaarse goederen en de uitgifte van distributiebonnen.
Door de oorlogsomstandigheden en de groeiende bureaucratie rondom de rantsoenering was er voortdurend behoefte aan extra kantoorruimte voor dergelijke diensten. Dit briefje illustreert de zakelijke, dagelijkse gang van zaken binnen de gemeentelijke administratie, waarbij zelfs onder bezettingstijd vastgehouden werd aan formele procedures zoals het vragen van machtigingen aan wethouders.
Samenvatting
Het document is een korte interne notitie betreffende de huisvesting van de Centrale Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening (CDL). Er wordt gemeld dat deze dienst vanaf 15 augustus (waarschijnlijk 1942, gezien het stempel) intrek neemt in "kantoor No 58", gelegen in de hal van een niet nader genoemd (waarschijnlijk gemeentelijk) gebouw.
De huurprijs is vastgesteld op 25 gulden per maand. De schrijver van het briefje stelt de procedurele vraag of er voor deze regeling een officiële machtiging van de wethouder nodig is. De aantekeningen linksonder wijzen op een administratieve afhandeling: het diende als 'model' voor een uit te sturen brief en is voorzien van een archiefkenmerk (B 64/25/1).
Historische Context
De datum, augustus 1942, plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Levensmiddelenvoorziening was in deze periode een vitaal onderdeel van het staatsapparaat; zij hielden toezicht op de distributie van schaarse goederen en de uitgifte van distributiebonnen.
Door de oorlogsomstandigheden en de groeiende bureaucratie rondom de rantsoenering was er voortdurend behoefte aan extra kantoorruimte voor dergelijke diensten. Dit briefje illustreert de zakelijke, dagelijkse gang van zaken binnen de gemeentelijke administratie, waarbij zelfs onder bezettingstijd vastgehouden werd aan formele procedures zoals het vragen van machtigingen aan wethouders.