Archiefdocument
Origineel
W. l. hr,
Voor de goede orde heb ik de eer
U in bijlage dezes te doen toekomen,
afschrift van een brief aan den heer
Bm. van Amsterdam inzake verkoop
van een gedeelte van het Observatorium
der C.V.
[handtekening, mogelijk D. G.] De brief is een korte, formele mededeling betreffende het toezenden van een kopie van een andere brief. De schrijver wendt zich tot de geadresseerde (geadresseerd met de beleefdheidsvorm "W. l. hr," wat staat voor WelEdelgeboren heer) om een afschrift te sturen van correspondentie gericht aan de burgemeester ("Bm.") van Amsterdam.
Het onderwerp van de bijgevoegde brief betreft de verkoop van een gedeelte van een object of instelling genaamd "het Observatorium", dat eigendom lijkt te zijn van een "C.V." (Commanditaire Vennootschap). Het taalgebruik is uiterst hoffelijk en ambtelijk, zoals gebruikelijk in de zakelijke correspondentie van die tijd ("heb ik de eer", "in bijlage dezes", "den heer"). Hoewel een exacte datum ontbreekt, wijst het handschrift en het gebruik van de naamval ("den heer") op een datering tussen circa 1910 en 1950. De vermelding van "het Observatorium" in Amsterdam is een specifiek aanknopingspunt. Dit kan verwijzen naar het gebouw van de voormalige Kweekschool voor de Zeevaart aan de Prins Hendrikkade, dat over een observatorium beschikte, of een commercieel pand met die naam. De betrokkenheid van de burgemeester en de vermelding van een "verkoop van een gedeelte" suggereert een onroerendgoedtransactie of een wijziging in de eigendomsstructuur waarbij de gemeente Amsterdam als partij of toezichthouder optrad. De afkorting C.V. duidt op een zakelijke ondernemingsvorm. Gemeente Amsterdam
Samenvatting
De brief is een korte, formele mededeling betreffende het toezenden van een kopie van een andere brief. De schrijver wendt zich tot de geadresseerde (geadresseerd met de beleefdheidsvorm "W. l. hr," wat staat voor WelEdelgeboren heer) om een afschrift te sturen van correspondentie gericht aan de burgemeester ("Bm.") van Amsterdam.
Het onderwerp van de bijgevoegde brief betreft de verkoop van een gedeelte van een object of instelling genaamd "het Observatorium", dat eigendom lijkt te zijn van een "C.V." (Commanditaire Vennootschap). Het taalgebruik is uiterst hoffelijk en ambtelijk, zoals gebruikelijk in de zakelijke correspondentie van die tijd ("heb ik de eer", "in bijlage dezes", "den heer").
Historische Context
Hoewel een exacte datum ontbreekt, wijst het handschrift en het gebruik van de naamval ("den heer") op een datering tussen circa 1910 en 1950. De vermelding van "het Observatorium" in Amsterdam is een specifiek aanknopingspunt. Dit kan verwijzen naar het gebouw van de voormalige Kweekschool voor de Zeevaart aan de Prins Hendrikkade, dat over een observatorium beschikte, of een commercieel pand met die naam. De betrokkenheid van de burgemeester en de vermelding van een "verkoop van een gedeelte" suggereert een onroerendgoedtransactie of een wijziging in de eigendomsstructuur waarbij de gemeente Amsterdam als partij of toezichthouder optrad. De afkorting C.V. duidt op een zakelijke ondernemingsvorm.