Archiefdocument
Origineel
Gedateerd tussen 24 juli en 28 juli 1942. Stempel linksboven:
BIJBLAD VAN:
M. No. 72/10/1 194.2
DOORGEZONDEN: 24/7 '42
Rechtsboven:
809
Hoofdtekst (handgeschreven):
Inspecteur,
Verheyen komt reeds jaren
geregeld met dezelfde klacht.
m.i. [mijns inziens] is voortdurend toezicht
noodig om de venters op
de Amstelveensche weg (en
omgeving!) te beletten om
clandestien een standplaats
in te nemen. Hiervoor is
thans geen personeel beschikbaar.
[Paraaf/Handtekening] 27/7 '42
Links onderaan (handgeschreven):
Th. van Burg 28/7 '42
Rechts onderaan (rode inkt):
Marktambtenaren
Stadige controle
27-7-42 de Haes [?]
Gedrukte tekst linksonder:
Alg. Zaken-Model No. 14
14333-1000-7-'41-1727 Dit document betreft een interne rapportage over een terugkerende klacht van een burger (Verheyen) betreffende illegale straathandel. De kern van de zaak is dat "venters" (straatverkopers) zonder vergunning ("clandestien") standplaatsen innemen aan de Amstelveensche weg. De ambtenaar die het memo schrijft, bevestigt dat het probleem bekend is en dat er eigenlijk constant toezicht nodig is, maar moet concluderen dat er op dat moment geen personeel beschikbaar is voor handhaving.
Het document is door verschillende handen gegaan, wat te zien is aan de verschillende inktkleuren en data. De rode aantekening onderaan wijst op een instructie voor "Marktambtenaren" voor "stadige" (voortdurende) controle, gedateerd op 27 juli. De laatste aantekening is van Th. van Burg op 28 juli. Het document stamt uit juli 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de controle op de distributie van goederen en voedsel zeer strikt. "Clandestiene" handel werd door de autoriteiten streng bejegend, omdat dit vaak gerelateerd was aan de zwarte markt die ontstond door schaarste en rantsoenering.
De opmerking dat er "geen personeel beschikbaar" is, is illustratief voor de situatie van het ambtelijk apparaat en de politie tijdens de oorlogsjaren; de werkdruk was hoog door de vele nieuwe verordeningen van de bezetter en een deel van het personeel was vaak elders ingezet of niet langer in dienst. De Amstelveensche weg was (en is) een belangrijke verkeersader in Amsterdam, een strategische plek voor handelaren om voorbijgangers te bereiken. M. No Politie
Samenvatting
Dit document betreft een interne rapportage over een terugkerende klacht van een burger (Verheyen) betreffende illegale straathandel. De kern van de zaak is dat "venters" (straatverkopers) zonder vergunning ("clandestien") standplaatsen innemen aan de Amstelveensche weg. De ambtenaar die het memo schrijft, bevestigt dat het probleem bekend is en dat er eigenlijk constant toezicht nodig is, maar moet concluderen dat er op dat moment geen personeel beschikbaar is voor handhaving.
Het document is door verschillende handen gegaan, wat te zien is aan de verschillende inktkleuren en data. De rode aantekening onderaan wijst op een instructie voor "Marktambtenaren" voor "stadige" (voortdurende) controle, gedateerd op 27 juli. De laatste aantekening is van Th. van Burg op 28 juli.
Historische Context
Het document stamt uit juli 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de controle op de distributie van goederen en voedsel zeer strikt. "Clandestiene" handel werd door de autoriteiten streng bejegend, omdat dit vaak gerelateerd was aan de zwarte markt die ontstond door schaarste en rantsoenering.
De opmerking dat er "geen personeel beschikbaar" is, is illustratief voor de situatie van het ambtelijk apparaat en de politie tijdens de oorlogsjaren; de werkdruk was hoog door de vele nieuwe verordeningen van de bezetter en een deel van het personeel was vaak elders ingezet of niet langer in dienst. De Amstelveensche weg was (en is) een belangrijke verkeersader in Amsterdam, een strategische plek voor handelaren om voorbijgangers te bereiken.