Getypte ambtelijke notitie of rapportage-uittreksel.
Origineel
Getypte ambtelijke notitie of rapportage-uittreksel. 2 januari 1941. Bij nader onderzoek is den heer Vermeulen gebleken, dat Rijke, die in het bezit bleek te zijn van een erkenning waarop hij zoowel de groot als de kleinhandel in groenten mag drijven, de besproken partij uien had gekocht in Dirksland. Deze uien had Rijke aan Dusseldorp in diens winkel alhier te koop aangeboden. De uien zijn dus niet op de Centrale Markt alhier gekocht.
Amsterdam 2 Januari 1941
Controleur,
[Handtekening: Velthuis]
[Links handgeschreven initialen, mogelijk: vM] Het document is een korte, zakelijke verslaglegging van een feitelijk onderzoek. De kern van de zaak is de verificatie van twee zaken:
1. De bevoegdheid van de handelaar: Er wordt vastgesteld dat 'Rijke' beschikt over een officiële "erkenning" (vergunning) voor zowel groot- als kleinhandel. Dit was cruciaal om legaal te mogen opereren in de groentesector.
2. De herkomst van de goederen: Er wordt bevestigd dat een specifieke partij uien is ingekocht in Dirksland (Goeree-Overflakkee) en niet op de Centrale Markt in Amsterdam.
De nadruk op het feit dat de uien niet op de Centrale Markt zijn gekocht, suggereert dat er een onderzoek liep naar mogelijke overtredingen van de distributievoorschriften of prijsbeheersing. Door aan te tonen dat de uien rechtstreeks uit een teeltgebied (Dirksland) kwamen en door een erkende handelaar werden verhandeld, wordt de rechtmatigheid van de partij uien onderbouwd. Dit document stamt uit januari 1941, de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode werd de distributie van schaarse goederen, waaronder voedsel, steeds strikter gereguleerd door de overheid (onder toezicht van de bezetter).
Instanties zoals de Crisis Controle Dienst (CCD) hielden streng toezicht op de handel om prijsopdrijving en de "zwarte markt" te voorkomen. Handelaren moesten over de juiste papieren beschikken en de herkomst van hun goederen kunnen verantwoorden. De Centrale Markt in Amsterdam was het officiële knooppunt voor de distributie; handel die buiten dit kanaal omging, werd vaak met argusogen bekeken. Dit rapport diende waarschijnlijk om een transactie te legitimeren die buiten de Amsterdamse markt om was gegaan, maar die op basis van de vergunningen van Rijke en de herkomst uit Dirksland toch als legaal werd beschouwd.