Handgeschreven concept-brief of officiële kennisgeving.
Origineel
Handgeschreven concept-brief of officiële kennisgeving. 20 maart 1942. A’dam, 20/3 '42
77/2/49 M
Aan 23/3/42 [initialen]
Hierbij deel ik U mede,
dat mij door den Inspecteur
voor de Prijsbeheersching is be-
richt, dat U wegens overtreding
v. de maximumprijzen o.a.
is gestraft met sluiting van
Uw bedrijf voor den tijd van
___, ingaande __
op grond v. het bepaalde
in artikel 35 lid 2 van het
R. v. W. C.M. wordt U ~~bij dezen~~
~~voor~~ gedurende die sluiting geen
toegang tot de C.M. verleend.
[initialen] Dit document is een ambtelijk concept voor een strafoplegging tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kern van de brief is de mededeling dat een ondernemer is gestraft voor het overtreden van de prijsvoorschriften ("overtreding v. de maximumprijzen"). De straf behelst de tijdelijke sluiting van het bedrijf.
Een cruciaal element in de tekst is de afkorting "C.M.", wat in de context van Amsterdam vrijwel zeker staat voor de Centrale Markt (de groothandelsmarkt aan de Jan van Galenstraat). De overtreder wordt op basis van artikel 35, lid 2 van het "R. v. W." (Reglement voor de Warenmarkt) de toegang tot de markt ontzegd voor de duur van de sluiting. Dit was een zware sanctie, omdat men zonder toegang tot de Centrale Markt geen handel kon drijven. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was er sprake van schaarste, wat leidde tot een bloeiende zwarte markt. Om dit tegen te gaan, stelde de overheid strikte maximumprijzen vast. De Dienst van de Prijsbeheersing hield hier streng toezicht op.
Handelaren die zich niet aan de prijzen hielden, riskeerden niet alleen boetes, maar ook administratieve maatregelen zoals de hier beschreven "bedrijfssluiting". Dat dit document gedateerd is op maart 1942, plaatst het in een periode waarin de economische controle door de bezetter en de Nederlandse collaborerende instanties steeds verder werd aangescherpt om de voedselvoorziening en de distributie onder controle te houden. De verwijzing naar de Centrale Markt Amsterdam benadrukt de lokale impact op de Amsterdamse voedselvoorziening.
Samenvatting
Dit document is een ambtelijk concept voor een strafoplegging tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kern van de brief is de mededeling dat een ondernemer is gestraft voor het overtreden van de prijsvoorschriften ("overtreding v. de maximumprijzen"). De straf behelst de tijdelijke sluiting van het bedrijf.
Een cruciaal element in de tekst is de afkorting "C.M.", wat in de context van Amsterdam vrijwel zeker staat voor de Centrale Markt (de groothandelsmarkt aan de Jan van Galenstraat). De overtreder wordt op basis van artikel 35, lid 2 van het "R. v. W." (Reglement voor de Warenmarkt) de toegang tot de markt ontzegd voor de duur van de sluiting. Dit was een zware sanctie, omdat men zonder toegang tot de Centrale Markt geen handel kon drijven.
Historische Context
Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was er sprake van schaarste, wat leidde tot een bloeiende zwarte markt. Om dit tegen te gaan, stelde de overheid strikte maximumprijzen vast. De Dienst van de Prijsbeheersing hield hier streng toezicht op.
Handelaren die zich niet aan de prijzen hielden, riskeerden niet alleen boetes, maar ook administratieve maatregelen zoals de hier beschreven "bedrijfssluiting". Dat dit document gedateerd is op maart 1942, plaatst het in een periode waarin de economische controle door de bezetter en de Nederlandse collaborerende instanties steeds verder werd aangescherpt om de voedselvoorziening en de distributie onder controle te houden. De verwijzing naar de Centrale Markt Amsterdam benadrukt de lokale impact op de Amsterdamse voedselvoorziening.