Dienstbrief / Geleidebrief
Origineel
Dienstbrief / Geleidebrief 19 mei 1943 De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of een gerelateerde gemeentelijke dienst) [Linksboven, getypt:]
37/35/5 M.
[Midden boven, getypt:]
4
[Rechtsboven, handgeschreven in paars/blauw potlood:]
Hmuyles [?]
[Rechtsboven, getypt:]
19 Mei 1943.
[Adressering:]
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen.
A l h i e r .
[Inhoud:]
In bijlage dezes heb ik de eer
U te doen geworden 4 contracten in
duplo betreffende de pakhuisafdeelingen
Nos.3, 1, 4 en 6 van pier P op de
Centrale Markt.
Ik moge U beleefd verzoeken
wel te willen bevorderen, dat deze
contracten door den heer Burgemeester
worden geteekend. Daarna gelieve U ze
mij te doen terugzenden, teneinde
voor registratie te kunnen zorgdragen.
[Ondertekening:]
De Directeur, * Taal en spelling: De brief is gesteld in formeel, ambtelijk Nederlands met de destijds gebruikelijke spelling (Marchant-spelling), zichtbaar in woorden als "dezes", "pakhuisafdeelingen", "den heer" en "geteekend".
* Inhoud: Het document betreft een administratieve handeling waarbij de directeur van een gemeentelijke instelling vier duplicaat-contracten voor de huur of het gebruik van pakhuisruimte (Pier P) op de Centrale Markt ter ondertekening aanbiedt. De hiërarchische weg loopt via de Wethouder voor de Levensmiddelen naar de Burgemeester voor de definitieve ondertekening.
* Structuur: De brief volgt de standaardconventies voor ambtelijke correspondentie uit die tijd: een zakelijke referentie linksboven, een directe adressering, een beleefde openingsformule ("heb ik de eer") en een verzoekende afsluiting. * Historische periode: De brief dateert van mei 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
* Locatie: "Centrale Markt" en "Alhier" verwijzen naar Amsterdam. De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat waren het logistieke hart van de voedselvoorziening in de stad.
* Bestuur: De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in oorlogstijd een cruciale functie vanwege de schaarste en de rantsoenering van voedsel. De Burgemeester van Amsterdam was in 1943 Edward Voûte, die door de bezetter was aangesteld.
* Administratieve continuïteit: Ondanks de oorlog en bezetting bleef de reguliere gemeentelijke bureaucratie en het beheer van vastgoed (zoals de pakhuizen op Pier P) grotendeels op de gebruikelijke wijze doorgaan.