Officieel reglement/besluit betreffende arbeidsvoorwaarden.
Origineel
Officieel reglement/besluit betreffende arbeidsvoorwaarden. 1
A. LOONEN VOOR VOLWASSEN WERKLIEDEN.
Raadsbesluit van 28 November 1933, No. 891, en de krachtens art. 126 der Ambtenarenwet-1929 door Burgemeester en Wethouders genomen besluiten van 7 Dec 1934, No. 1075b-f Arb. en 7 Februari 1936, No. 1075 b-l Arb. 1935.
I De weekloonen voor de werklieden van 23-jarigen of ouderen leeftijd zijn vastgesteld als volgt :
| Categorie | (Sub)categorie | Weekloon (f) | Uurloon (cent) |
|---|---|---|---|
| Reserve | (mannen) .......... | f 22,08 | ( 46 cent per uur.) ¹) |
| ,, | (vrouwen) ......... | ,, 13,92 | ( 29 ,, ,, ,, ) ¹) |
| Nulklasse | (mannen) .......... | ,, 23,04 | ( 48 ,, ,, ,, ) ¹) |
| ,, | (vrouwen) ......... | ,, 16,80 | ( 35 ,, ,, ,, ) ¹) |
| Loonklasse | I ....... | f 23,04—, 26,88 | (48—56 ,, ,, ,, ) ¹) |
| II ...... | ,, 24,48—, 28,32 | (51—59 ,, ,, ,, ) ¹) | |
| ,, | III ..... | ,, 25,92—, 29,76 | (54—62 ,, ,, ,, ) ¹) |
| ,, | IV ...... | ,, 27,36—, 31,20 | (57—65 ,, ,, ,, ) ¹) |
| ,, | V ....... | ,, 28,80—, 32,64 | (60—68 ,, ,, ,, ) ¹) |
II Voor de werklieden, die aangesteld zijn in een betrekking, die ingedeeld is in loonklasse I tot en met V, wordt het loon telkens na 1 jaar dienst verhoogd met f 0,96 per week, totdat het maximum-loon van de betreffende loonklasse is bereikt (52 loonweken worden aangemerkt als één jaar). ²)
Kindertoeslag.
III Aan de verzorgers van gezinnen wordt boven de onder I vastgestelde weekloonen tijdelijk toegekend een kindertoeslag van f 1 per week voor ieder kind beneden 18 jaar boven het eerste kind beneden dien leeftijd.
Ongehuwdenaftrek.
IV De onder I bedoelde loonen worden verminderd met drie ten honderd, indien de werkman ongehuwd is.
V Burgemeester en Wethouders regelen, wie als verzorgers van gezinnen en wie als ongehuwden zijn aan te merken. * Loonstructuur: Er is een duidelijke hiërarchie in loonklassen, variërend van de 'Reserve' en 'Nulklasse' naar Loonklasse I t/m V. Binnen de loonklassen (I-V) is er sprake van een minimum- en maximumloon met een jaarlijkse periodieke verhoging.
* Genderongelijkheid: Er is een significant loonverschil tussen mannen en vrouwen. In de 'Reserve'-categorie verdienen mannen f 22,08 per week (46 cent per uur), terwijl vrouwen slechts f 13,92 verdienen (29 cent per uur). Dit weerspiegelt de toenmalige maatschappelijke norm waarin de man als hoofdkostwinner werd gezien.
* Sociale voorzieningen:
* Kindertoeslag: Er wordt een toeslag gegeven voor kinderen onder de 18 jaar, maar pas vanaf het tweede kind.
* Kostwinnerprincipe: Het loon is gebaseerd op de status van 'verzorger van een gezin'.
* Sancties op ongehuwd zijn: Ongehuwde mannelijke werklieden kregen een korting van 3% op hun loon (ongehuwdenaftrek), een maatregel die destijds vaker werd toegepast om gezinsvorming te stimuleren of omdat men ervan uitging dat alleenstaanden minder kosten hadden. Dit document stamt uit de jaren '30 van de 20e eeuw, de periode van de Grote Depressie. De Ambtenarenwet van 1929 vormde de wettelijke basis voor deze regelingen. In deze tijd was het 'kostwinnersmodel' de standaard: de overheid en gemeenten voerden een beleid waarbij getrouwde mannen extra financiële steun kregen (zoals de kindertoeslag), terwijl vrouwen en ongehuwde mannen minder verdienden of zelfs actief uit de arbeidsmarkt werden geweerd (bijvoorbeeld door het ontslag van getrouwde leraressen).
De bedragen worden vermeld in guldens (f). Een uurloon van 46 cent was voor die tijd een gangbaar tarief voor ongeschoolde of licht geschoolde arbeid bij de overheid. Het document illustreert de bureaucratische nauwkeurigheid waarmee arbeidsvoorwaarden tot in de kleinste details (zoals de definitie van een jaar als 52 loonweken) werden vastgelegd. V. Binnen