Archief 745
Inventaris 745-405
Pagina 523
Dossier 92
Jaar 1943
Stadsarchief

Handgeschreven memo of ambtelijk schrijven.

Origineel

Handgeschreven memo of ambtelijk schrijven. Gezien den toestand, waarin verleden jaar aan
de Coenhaven het terrein is achtergelaten, en
waar nu weer gewerkt moet worden in een
chaos, zoodat het geheele terrein met al zijn
kuilen een verschrikkelijke rommel is,
waardoor en aan arbeid en aan ruimte
zeer veel verloren gaat is het m. i. gewenscht
de gebruikers van toegewezen terreinen
te verplichten deze na gebruik weer
geëffend op te leveren.
De voorbereidingen tot het opslaan
van een zoo groot quantum bieten als
mij genoemd en het uitvoeren van
dit werk met over het geheel ongeschoolde
en wellicht te kort aan krachten mogen
wel met spoed worden ter hand genomen.
Een welslagen met het oog op het weer
is heusch niet aan de organisators te danken.

[Ondertekening:] Tj. Lieberdink [?]

[Marge links:] Sub. * Toestand van het terrein: De schrijver beklaagt zich over de staat van het terrein bij de Coenhaven. Er wordt gesproken over "chaos", "kuilen" en "verschrikkelijke rommel". Dit duidt op slecht beheer door vorige gebruikers, wat leidt tot inefficiëntie (verlies van arbeid en ruimte).
* Beleidsadvies: Er wordt een concreet voorstel gedaan: gebruikers van haventerreinen moeten contractueel of reglementair verplicht worden om het terrein "geëffend" (vlak en opgeruimd) achter te laten.
* Logistieke urgentie: Er is sprake van een aanstaande grote levering ("quantum") van bieten. De schrijver maakt zich zorgen over de uitvoering, aangezien er gewerkt moet worden met ongeschoolde krachten en er mogelijk een tekort aan personeel is.
* Kritische noot: De laatste zin bevat een cynische of scherpe opmerking richting de organisatie. De schrijver stelt dat als de operatie slaagt, dit ondanks de organisatoren is (en wellicht dankzij het goede weer of puur geluk), wat wijst op interne frictie of onvrede over de planning. De Coenhaven in Amsterdam werd in de jaren '20 van de vorige eeuw aangelegd voor de overslag van bulkgoederen. De "bietencampagne" (het oogsten en transporteren van suikerbieten naar fabrieken) was en is een jaarlijks terugkerend logistiek hoogtepunt in Nederland, dat vaak gepaard gaat met enorme tijdsdruk en de inzet van veel (seizoens)arbeid.

Het gebruik van de "n" in de verbogen naamvallen ("den toestand") en de spelling "zoodat" plaatst dit document in de periode vóór de spellinghervorming van Marchant (1934) of kort daarna, aangezien ambtelijke schrijvers vaak langer vasthielden aan de oude spelling. De referentie naar "ongeschoolde krachten" zou kunnen wijzen op de inzet van werklozen in het kader van de werkverschaffing tijdens de crisisjaren, of op de algemene schaarste aan geschoold havenpersoneel tijdens de piek van het seizoen.

Samenvatting

  • Toestand van het terrein: De schrijver beklaagt zich over de staat van het terrein bij de Coenhaven. Er wordt gesproken over "chaos", "kuilen" en "verschrikkelijke rommel". Dit duidt op slecht beheer door vorige gebruikers, wat leidt tot inefficiëntie (verlies van arbeid en ruimte).
  • Beleidsadvies: Er wordt een concreet voorstel gedaan: gebruikers van haventerreinen moeten contractueel of reglementair verplicht worden om het terrein "geëffend" (vlak en opgeruimd) achter te laten.
  • Logistieke urgentie: Er is sprake van een aanstaande grote levering ("quantum") van bieten. De schrijver maakt zich zorgen over de uitvoering, aangezien er gewerkt moet worden met ongeschoolde krachten en er mogelijk een tekort aan personeel is.
  • Kritische noot: De laatste zin bevat een cynische of scherpe opmerking richting de organisatie. De schrijver stelt dat als de operatie slaagt, dit ondanks de organisatoren is (en wellicht dankzij het goede weer of puur geluk), wat wijst op interne frictie of onvrede over de planning.

Historische Context

De Coenhaven in Amsterdam werd in de jaren '20 van de vorige eeuw aangelegd voor de overslag van bulkgoederen. De "bietencampagne" (het oogsten en transporteren van suikerbieten naar fabrieken) was en is een jaarlijks terugkerend logistiek hoogtepunt in Nederland, dat vaak gepaard gaat met enorme tijdsdruk en de inzet van veel (seizoens)arbeid.

Het gebruik van de "n" in de verbogen naamvallen ("den toestand") en de spelling "zoodat" plaatst dit document in de periode vóór de spellinghervorming van Marchant (1934) of kort daarna, aangezien ambtelijke schrijvers vaak langer vasthielden aan de oude spelling. De referentie naar "ongeschoolde krachten" zou kunnen wijzen op de inzet van werklozen in het kader van de werkverschaffing tijdens de crisisjaren, of op de algemene schaarste aan geschoold havenpersoneel tijdens de piek van het seizoen.

Kooplieden in dit dossier 36

Alg. Verbond v. Volkstuinvereenigingen C 3 X
B. den Haas quit. 1870
Bieten (gekookt) *35, =*
Bieten (gekookt) 58.75
T.H. Roelofs *4290, =*
T.H. Roelofs 1359. =
C. Dikstaal quit. 1875
Fa. J. de Geus en Co's A 10 X
Gereserveerd bedrag voor onderhoud transportmateriaal voor vervoer naar koelhuis (Telefonische prijsopgave)
G. v. d. Wal quit. 1876.
H. van Dijk B 1 X
J.C. Cramer C 4 X
E. Kool *1900, =*
E. Kool 540. =
Koolkratten voor opslag kool
L.H. Buys [bijbehorend bij H 23 X]
N. Brink H 23 X
No. 2 Zeeuwsche Bonten en blauwen -
No. 3 Zand- en gelijkgestelde soorten 6,5
No. 4 Tusschensoorten (Klei) 5
N.V. Keizer's Fruithandel plaats H 5 X
Alle 36 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 5