Brief (doorslag of kopie van een ambtelijk schrijven)
Origineel
Brief (doorslag of kopie van een ambtelijk schrijven) 10 december 1943 De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Markt- of Voedselvoorzieningsdienst) Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen 41/1/10aM. 1 10 December 1943. SV.
[Handgeschreven onleesbare krabbel in blauwe inkt, doorgestreept met grijs potlood]
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
===========
In bijlage dezes heb ik de eer
U te doen toekomen een staat van ont-
vangen marktgeld over de maand October
1943.
De Directeur,
[Rond paarsig stempel met de letter 'M'] Dit document is een formele ambtelijke kennisgeving van een directeur aan een wethouder. De kern van de boodschap is de verzending van een financiële verantwoording ("staat van ontvangen marktgeld") over de maand oktober 1943. De toon is uiterst beleefd en bureaucratisch ("heb ik de eer U te doen toekomen"), wat kenmerkend is voor de bestuurlijke correspondentie van die tijd. De vermelding "Alhier" duidt erop dat beide partijen zich in dezelfde gemeente bevinden. De "1" naast het referentienummer suggereert dat dit het eerste document is in een reeks of dossier. Het document dateert uit december 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de voedselvoorziening een cruciaal en streng gereguleerd onderdeel van het dagelijks leven en het lokaal bestuur. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" had de zware taak om de distributie van schaarse goederen en de controle op markten in goede banen te leiden. Het innen van "marktgeld" (staangeld voor marktkooplieden) was een reguliere bron van inkomsten voor de gemeente, die ondanks de oorlogssituatie nauwgezet werd geadministreerd. De aanwezigheid van administratieve codes en stempels getuigt van het voortbestaan van de Nederlandse bureaucratische machine onder het bezettingsregime.
Samenvatting
Dit document is een formele ambtelijke kennisgeving van een directeur aan een wethouder. De kern van de boodschap is de verzending van een financiële verantwoording ("staat van ontvangen marktgeld") over de maand oktober 1943. De toon is uiterst beleefd en bureaucratisch ("heb ik de eer U te doen toekomen"), wat kenmerkend is voor de bestuurlijke correspondentie van die tijd. De vermelding "Alhier" duidt erop dat beide partijen zich in dezelfde gemeente bevinden. De "1" naast het referentienummer suggereert dat dit het eerste document is in een reeks of dossier.
Historische Context
Het document dateert uit december 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de voedselvoorziening een cruciaal en streng gereguleerd onderdeel van het dagelijks leven en het lokaal bestuur. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" had de zware taak om de distributie van schaarse goederen en de controle op markten in goede banen te leiden. Het innen van "marktgeld" (staangeld voor marktkooplieden) was een reguliere bron van inkomsten voor de gemeente, die ondanks de oorlogssituatie nauwgezet werd geadministreerd. De aanwezigheid van administratieve codes en stempels getuigt van het voortbestaan van de Nederlandse bureaucratische machine onder het bezettingsregime.