Verslag van verhoor / Ambtelijk rapport betreffende een intern onderzoek.
Origineel
Verslag van verhoor / Ambtelijk rapport betreffende een intern onderzoek. 3 maart 1943. Verkoop van visch aan marktambtenaren en Commissie.
Op 3 Maart 1943 hoorde ik Kd. Stam, die verklaarde, dat Kd. Gootjes hem op 2 Febr. des morgens ^(vroeg, voordat de kooplieden op de markt waren toegelaten) of hij een partij snoekbaars mocht wegzetten; Stam stemde toe en er werd 126 pond visch in het ijshok gezet. Deze visch werd onder het personeel van de Vischpacht, halknechts en Com. leven verdeeld. Later kwam Gootjes bij het personeel afrekenen en daarna rekende hij af met den kassier van den vischafslag.
Stam ontkent, dat hij gezegd zou hebben, dat de Heer De Haer in de hal aanwezig was, toen het gebeurde, want toen was De Haer niet in de hal (het was ver voor markttijd). Wel zegt Stam, dat De Haer van een en ander af moest weten, daar hij ermede bekend was, dat in de zomermaanden, toen de Com. leven nog zelf een toewijzing visch ontvingen, de toewijzing van Van Zanten en van Gootjes gedeeltelijk aan het personeel werd verkocht. ^(i.v.m. winkel) Op grond hiervan veronderstelde Stam, dat De Haer, toen de toewijzingen van deze kooplieden, i.v.m. de mosselen, ophielden, ervan af wist, dat er visch werd weggezet, want anders had Stam het nooit toegestaan. ~~Overigens gesproken heeft Stam echter nooit met de Heer De Haer (hierover).~~
Ik heb daarna de Heer De Haer gehoord, die verklaarde, dat hij niet aanwezig is geweest bij het wegzetten va visch en er ook verder niets va wist. Dit klopt met de verklaring van Stam.
Bij den aanvang van het vorige aalseizoen heeft De Haer in overleg ^(en in opdracht van) den Directeur het personeel van de Vischmarkt verboden om visch voor eigen gebruik te reserveeren. Aangezien Van Zanten een winkel heeft en bereid was het personeel va visch te voorzien, heeft De Haer te kennen gegeven er geen bezwaar tegen te hebben, dat het personeel bij Van Zanten visch kocht. In October, toen de mosselen kwamen en de Com. leven niet meer in den kleinhandel werkzaam waren heeft niemand verder met de Haer over de zaak gesproken en kon hij er ook niets van afweten; de honderden registers met duizenden kwitanties van koopers worden nimmer door hem geraadpleegd; dit behoort niet tot zijn taak. Alleen het administratief personeel van de V.H. werkt in deze registers. De financieele controle van de de Heer Van Duinhoven, door mij gehoord, ontkende pertinent, met deze zaak iets te maken te hebben. Hij komt in de week slechts zelden op de Vischmarkt, daar hij dan dienst heeft op het Hoofdkantoor. Alleen op de zaterdagmiddagen is hij regelmatig op de V.H. aanwezig. Op 2 of 3 Februari jl. is hij beslist niet op den afslag geweest, volgens zijn zeggen.
--- * Kern van de zaak: Het rapport beschrijft een incident op 2 februari 1943 waarbij 126 pond snoekbaars "apart werd gezet" voordat de markt officieel opende. Deze vis werd buiten de reguliere markt om verdeeld onder het personeel.
* Verdediging van Stam: Stam geeft toe dat hij toestemming gaf, maar dacht dat zijn superieur (De Haer) hiervan op de hoogte was omdat dergelijke praktijken ("toewijzingen") in het verleden ook voorkwamen.
* Verweer van De Haer: De Haer ontkent elke betrokkenheid en stelt dat hij juist een verbod op het reserveren van vis had uitgevaardigd. Hij stelt dat hij de administratie (kwitanties) niet controleert en dus niet kon zien dat er vis was achtergehouden.
* Conclusie van de rapporteur: Er lijkt sprake van een misverstand of moedwillige overtreding door ondergeschikten, waarbij de hiërarchie (De Haer en Van Duinhoven) buiten schot blijft door een gebrek aan direct toezicht op dat specifieke tijdstip.
--- Dit document stamt uit maart 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Dit is een cruciale contextfactor:
1. Schaarste en Distributie: Vis was, net als bijna alle voedingsmiddelen, strikt gerantsoeneerd. Het "wegzetten" van 126 pond snoekbaars voor eigen gebruik door personeel werd in deze tijd gezien als een ernstig economisch delict (zwarte handel of onttrekking aan de officiële distributie).
2. Controle: De "Commissie voor de Levensmiddelenvoorziening" hield toezicht op de eerlijke verdeling. Dat personeel van deze commissie zelf betrokken was bij het onderhands verdelen van vis, maakt de zaak politiek en juridisch gevoelig.
3. Taalgebruik: Het gebruik van de "v"-spelling (visch, afslag) en de formele aanspreekvormen is typerend voor de ambtelijke correspondentie van die periode. De term "Kd." staat waarschijnlijk voor "Kandidaat" of een specifieke rang binnen de marktorganisatie. Kd. Stam Kd. Gootjes De Heer De Haer (toezichthouder/beheerder) Van Zanten (winkelier/koopman) De Heer Van Duinhoven (financiële controle).