Administratieve notitie / telefoonnotitie op ongelinieerd papier.
Origineel
Administratieve notitie / telefoonnotitie op ongelinieerd papier. (Bovenzijde, potlood)
↑
Meyer Mok [onleesbaar, mogelijk: in bager]
Mevr. Reuchen
pakhuisruimte op
C.M.
(Midden links, paars stempel en potlood)
No. 66/12/2 M. 1943
[Omkaderd:] 40078 | K 1800
(Rechtsboven, blauwe inkt)
civiel 1/7 43
(Rechtsmidden, rode inkt)
12-7-43
met Hr Gombault
getelefoneerd. C.M.
Zal Mevr R naar
Hr Steensma brengen
[pijl naar links] mevr R is in
vrijheidgesteld en
Hr Gombault is hiervan niet
op de hoogte.
(Midden, potlood)
Th. Gombault
telefoneert 12/7 43
(Onderzijde, potlood)
civiel 1/7 43 voor
zaken van Meyer Mok
waargenomen door
Mevr. Reuchen:
Er moet pakhuisruimte
worden gemaakt voor
deze zaak! Th. Gomb.
verwacht vanmiddag nader
bericht. [Initialen, mogelijk J.H.]
--- Het document is een interne werkaantekening, waarschijnlijk van een instantie die betrokken was bij het beheer of de liquidatie van Joodse goederen tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
- Meyer Mok: De notitie betreft de zaken van Meyer Mok (1881-1944), een Joodse textielhandelaar uit Amsterdam (firma S.I. de Vries). In 1943 werden dergelijke bedrijven stelselmatig onteigend of geliquideerd.
- Th. Gombault: Verwijst naar Théo Gombault, een medewerker van de Omnia-Treuhandgesellschaft, de organisatie die door de bezetter was aangesteld om Joodse ondernemingen te beheren en te liquideren.
- C.M.: Staat zeer waarschijnlijk voor de 'Centrale Magazijnen'. Dit waren opslagplaatsen (vaak in voormalige Joodse pakhuizen) waar in beslag genomen goederen werden verzameld.
- Inhoud: De kern van de notitie is de dringende noodzaak voor "pakhuisruimte" voor de zaak Meyer Mok. Opvallend is de rode aantekening dat een zekere "Mevr. R" (waarschijnlijk Reuchen) in vrijheid is gesteld zonder dat Gombault daarvan wist, wat duidt op de nauwe verwevenheid tussen de economische roof en de arrestaties door de bezetter.
--- Dit document is een direct bewijsstuk van de bureaucratische afhandeling van de roof van Joods bezit in Nederland. In de zomer van 1943 was de deportatie van de Joodse bevolking in volle gang, terwijl hun achtergelaten handelsvoorraden en inboedels administratief werden verwerkt door instanties als de Omnia-Treuhandgesellschaft en de roofbank Lippmann, Rosenthal & Co. (LiRo). De naam van Gombault komt in veel archieven van de Omnia voor als een actieve speler in dit proces. De notitie laat de alledaagse, bijna banale logistiek zien (het zoeken naar opslagruimte) die gepaard ging met deze grootschalige onteigening. C.M. Liro Omnia
Samenvatting
Het document is een interne werkaantekening, waarschijnlijk van een instantie die betrokken was bij het beheer of de liquidatie van Joodse goederen tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
- Meyer Mok: De notitie betreft de zaken van Meyer Mok (1881-1944), een Joodse textielhandelaar uit Amsterdam (firma S.I. de Vries). In 1943 werden dergelijke bedrijven stelselmatig onteigend of geliquideerd.
- Th. Gombault: Verwijst naar Théo Gombault, een medewerker van de Omnia-Treuhandgesellschaft, de organisatie die door de bezetter was aangesteld om Joodse ondernemingen te beheren en te liquideren.
- C.M.: Staat zeer waarschijnlijk voor de 'Centrale Magazijnen'. Dit waren opslagplaatsen (vaak in voormalige Joodse pakhuizen) waar in beslag genomen goederen werden verzameld.
- Inhoud: De kern van de notitie is de dringende noodzaak voor "pakhuisruimte" voor de zaak Meyer Mok. Opvallend is de rode aantekening dat een zekere "Mevr. R" (waarschijnlijk Reuchen) in vrijheid is gesteld zonder dat Gombault daarvan wist, wat duidt op de nauwe verwevenheid tussen de economische roof en de arrestaties door de bezetter.
Historische Context
Dit document is een direct bewijsstuk van de bureaucratische afhandeling van de roof van Joods bezit in Nederland. In de zomer van 1943 was de deportatie van de Joodse bevolking in volle gang, terwijl hun achtergelaten handelsvoorraden en inboedels administratief werden verwerkt door instanties als de Omnia-Treuhandgesellschaft en de roofbank Lippmann, Rosenthal & Co. (LiRo). De naam van Gombault komt in veel archieven van de Omnia voor als een actieve speler in dit proces. De notitie laat de alledaagse, bijna banale logistiek zien (het zoeken naar opslagruimte) die gepaard ging met deze grootschalige onteigening.