Archief 745
Inventaris 745-424
Pagina 14
Dossier 2A
Jaar 1944
Stadsarchief

Getypte brief of ambtelijk verslag (fragment).

18 februari 1915.

Origineel

Getypte brief of ambtelijk verslag (fragment). 18 februari 1915. 1 18 Februari 5
20/15 den Heer Weth.v.d.Levensmiddelen
Amsterdam

rubber-zolen; in werkelykheid gaat het tegen den ver-
koop dier producten, welke den schoenmakers niet wel-
gevallig zyn. De practyk heeft n.l. bewezen, dat deze
zolen haast onverslytbaar zyn; schoenen, die ermede
zyn beplakt behoeven zeker gedurende 3/4 jaar, by dage-
lyksch gebruik, geen verdere reparaties. En deze voor
het publiek zeer voordeelige, doch voor de schoenmakers
even nadeelige waren, worden op de markten geleverd en
op de schoenen geplakt voor den totalen prys van ƒ 0.40
per paar ! Dat vooral in dezen tyd van groote werkloos-
heid, hiervan meer en meer gebruik wordt gemaakt, is
uiteraard niet te verwonderen.
Het is niet goed mogelyk de zolen alleen te ver-
koopen, omdat zy, wanneer zy onoordeelkundig worden op-
geplakt, niet houden en de koopers er dus niets aan
hebben. Wordt het opplakken verboden, dan handelt men
volgens de vorenbedoelde organisatie-vertegenwoordigers
oneconomisch èn onsociaal, doordat men verhindert, dat
een goed en goedkoop product ten dienste van de bevol-
king wordt gesteld. Ik kan deze opvatting volkomen
onderschryven.
Door een der organisatie-vertegenwoordigers is my
meegedeeld, dat te Rotterdam het opplakken van nopjes-
rubber is verboden. De door dit verbod getroffen markt-
kooplieden hebben thans, in de onmiddellyke nabyheid
der markt een locaaltje gehuurd, waar het opplakken
van de op de markt gekochte zolen geschiedt en daardoor
is zelfs een veel grootere markt-schoenmakery ontstaan,
dan waarvan te voren sprake was. Het valt daarom te be-
twyfelen, of een eventueel verbod hier ter stede, wel
het door de voorstanders van dit verbod gewenschte
resultaat zal hebben.
Waar de zaken zoo staan en het hier dus speciaal * Kernprobleem: Er is een conflict tussen de marktverkoop van goedkope rubberzolen (inclusief montage voor 40 cent) en de traditionele schoenmakers. De schoenmakers zien hun klandizie voor reparaties verdwijnen omdat de rubberzolen zeer duurzaam zijn (tot 9 maanden bij dagelijks gebruik).
* Argumentatie: De schrijver pleit tegen een verbod op het opplakken van deze zolen op de markt. Hij noemt een verbod "oneconomisch en onsociaal", zeker gezien de grote werkloosheid in die tijd. Het publiek is gebaat bij deze goedkope oplossing.
* Effectiviteit van handhaving: De auteur haalt een voorbeeld uit Rotterdam aan, waar een soortgelijk verbod averechts werkte: marktlui huurden een pand vlakbij de markt, waardoor de handel juist verder professionaliseerde en groeide.
* Stijl: Zakelijk, ambtelijk en overtuigend. Er wordt gebruikgemaakt van de toenmalige spelling (bijv. "practyk", "nadeelige", "locaaltje"). * Tijdsgeest (1915): Hoewel Nederland neutraal was tijdens de Eerste Wereldoorlog, heerste er door de oorlogssituatie elders in Europa grote economische schaarste en werkloosheid. De "Wethouder van de Levensmiddelen" was in deze periode een cruciale post in Amsterdam (vaak geassocieerd met de socialist Floor Wibaut), belast met de distributie en betaalbaarheid van eerste levensbehoeften.
* Technologische verandering: De opkomst van rubber als vervanging voor lederen zolen was een disruptieve innovatie voor de ambachtelijke schoenmakerij. Leder was duurder en slijtagegevoeliger, waardoor mensen vaker naar de schoenmaker moesten voor dure verzolingen.
* Sociale kwestie: Het document illustreert de spanning tussen protectionisme van oude ambachten (de schoenmakers) en de behoefte van de arme arbeidersbevolking aan goedkope duurzame goederen. De auteur kiest hier duidelijk de kant van de consument en de sociale noodzaak.

Samenvatting

  • Kernprobleem: Er is een conflict tussen de marktverkoop van goedkope rubberzolen (inclusief montage voor 40 cent) en de traditionele schoenmakers. De schoenmakers zien hun klandizie voor reparaties verdwijnen omdat de rubberzolen zeer duurzaam zijn (tot 9 maanden bij dagelijks gebruik).
  • Argumentatie: De schrijver pleit tegen een verbod op het opplakken van deze zolen op de markt. Hij noemt een verbod "oneconomisch en onsociaal", zeker gezien de grote werkloosheid in die tijd. Het publiek is gebaat bij deze goedkope oplossing.
  • Effectiviteit van handhaving: De auteur haalt een voorbeeld uit Rotterdam aan, waar een soortgelijk verbod averechts werkte: marktlui huurden een pand vlakbij de markt, waardoor de handel juist verder professionaliseerde en groeide.
  • Stijl: Zakelijk, ambtelijk en overtuigend. Er wordt gebruikgemaakt van de toenmalige spelling (bijv. "practyk", "nadeelige", "locaaltje").

Historische Context

  • Tijdsgeest (1915): Hoewel Nederland neutraal was tijdens de Eerste Wereldoorlog, heerste er door de oorlogssituatie elders in Europa grote economische schaarste en werkloosheid. De "Wethouder van de Levensmiddelen" was in deze periode een cruciale post in Amsterdam (vaak geassocieerd met de socialist Floor Wibaut), belast met de distributie en betaalbaarheid van eerste levensbehoeften.
  • Technologische verandering: De opkomst van rubber als vervanging voor lederen zolen was een disruptieve innovatie voor de ambachtelijke schoenmakerij. Leder was duurder en slijtagegevoeliger, waardoor mensen vaker naar de schoenmaker moesten voor dure verzolingen.
  • Sociale kwestie: Het document illustreert de spanning tussen protectionisme van oude ambachten (de schoenmakers) en de behoefte van de arme arbeidersbevolking aan goedkope duurzame goederen. De auteur kiest hier duidelijk de kant van de consument en de sociale noodzaak.

Kooplieden in dit dossier 96

A. Dombroek Waterlooplein
A. Groen Waterlooplein
A.P. Groen Waterlooplein
A. v. Nierop Waterlooplein }
A. van Schaik Waterlooplein
Beier/Willem (✓) Waterlooplein vr.pl.T.K.str.
C. Groot Waterlooplein
C. de Groot Waterlooplein
C. Grijp Waterlooplein
C. Koning Waterlooplein 80 "
C. Koning Waterlooplein 80 "
C. Koning Waterlooplein 80 pond
A. Troost Azn. Waterlooplein
M. Barkhuizen Waterlooplein "
H.H. de Beer Waterlooplein
De Ruyter/Jacob Waterlooplein vr.pl.Noorderm.
S. Nanninga Waterlooplein vr. pl. Alb. Cuypstraat.
De Vries/Nanning Waterlooplein vr.pl.Alb. Cuypstraat.
D. van Schaik Waterlooplein
E.J. Glimmerveen Waterlooplein
E.J. Glimmerveen Waterlooplein
E. Smit Waterlooplein
Ferron/Johannes (✓) Waterlooplein vr.pl.T.K.str.
F. Ossendorp Waterlooplein
G. Hendriks Waterlooplein
G. Hessels Waterlooplein
G. Koning Waterlooplein 80 pond
G.J. Lammers Waterlooplein
F.J. Grenzebach Waterlooplein vr.pl.T.K.str.
Alle 96 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 3