Ambtelijke correspondentie (waarschijnlijk een doorslag van een rapport of brief).
Origineel
Ambtelijke correspondentie (waarschijnlijk een doorslag van een rapport of brief). 1 december [192]4 (gebaseerd op de '4' in de rechterbovenhoek). De Directeur (vermoedelijk van de Markthallen of de Dienst van het Marktwezen). 1 1 December 4
20/108 den Heer Weth.v.d. Levensmiddelen
Amsterdam
nog vaak afgesproken werk; de koopman past hier een by
standwerkers gebruykelyke reclame-truc toe.
Hieronder volgt een opsomming van het aantal koop-
lieden, die op de verschillende markten nopjes-rubber
verkoopen; de tusschen haakjes geplaatste cyfers geven aan,
hoevelen hunner nooit de zolen of hakken opplakken.
Waterlooplein met Zwanenburgwal 4 (1);
Dapperstraat 1 (staat ook op
Waterlooplein);
Javastraat geen;
Nieuwmarkt geen;
Albert Cuypstraat geen;
Lindengracht en Noordermarkt 2 (1);
Amstelveid 7 (2); hier zyn 5
kooplieden lid van de "Centrale van Schoenmakers".
Voor zoo ver dezerzyds na een nauwgezet onderzoek is
gebleken worden op de markten geen andere schoenmakerswerk-
zaamheden dan de hierboven bedoelde verricht.
In alle gevallen is het verkoopen der rubber-producten
hoofdzaak; veelal geschiedt het opplakken gratis; hoogere
betaling dan ƒ 0.10 per paar wordt hiervoor nooit bedongen.
Ik handhaaf mitsdien myne opvatting, dat de markten g
geenszins als schoenmakers-werkplaatsen worden gebezigd en
dat er vooralsnog geen enkele aanleiding bestaat den hier
geschetsten vorm van verkoop van rubber-producten te
verbieden.
Ik heb mitsdien de eer U te adviseeren der adressante
te doen berichten, dat er geen termen bestaan om aan haar
verzoek te voldoen.
De Directeur, * **Taalgebruik:** Het document is opgesteld in een formele, ambtelijke stijl met de destijds gebruikelijke spelling (zoals "gebruykelyke", "cyfers", "myne", "verkoopen"). Opvallend is het woord "mitsdien" (daarom/dienovereenkomstig).
- Inhoud: De kern van het geschil is of marktkooplieden die rubberen plakzolen verkopen en ter plekke opplakken, zich schuldig maken aan het uitoefenen van het schoenmakersvak zonder de juiste papieren of op een ongeoorloofde plek. De directeur concludeert dat het opplakken slechts een verkooptechniek ("reclame-truc") is en dat de prijs (maximaal 10 cent) aantoont dat het geen volwaardig schoenmakerswerk is.
- Typering: Er is een typfout zichtbaar in de zin "dat de markten g geenszins...", waarbij waarschijnlijk eerst een 'g' werd aangeslagen voordat het hele woord werd getypt. De vermelding van het "Amstelveid" is vermoedelijk een typefout voor het Amstelveld. Dit document past in de context van de professionele strijd tussen ambachtslieden (verenigd in gilden of bonden zoals de genoemde "Centrale van Schoenmakers") en de opkomende handel in goedkope, industriële halffabricaten zoals rubberen zolen. De schoenmakers probeerden hun broodwinning te beschermen tegen de 'standwerkers' op de markt. Het onderzoek geeft een interessant historisch overzicht van de bedrijvigheid op bekende Amsterdamse markten in het interbellum. Het feit dat de brief gericht is aan de Wethouder van Levensmiddelen suggereert dat markttoezicht destijds onder deze portefeuille viel.