Administratief voorblad (bijblad) voor dossier- of postcirculatie.
Origineel
Administratief voorblad (bijblad) voor dossier- of postcirculatie. 3 januari 1936 (datum van doorzending). [Rechtsboven, onderstreept:]
653
[Stempelkader linksboven:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 20/2/1. 1936 [handgeschreven '6' achter gedrukte '193']
DOORGEZONDEN: 3/1-'36 [handgeschreven datum]
[Handgeschreven namenlijst aan de rechterzijde, in potlood:]
v. mastriken —
adw eff. —
Stein —
Stam
Peyra
Viret.
Engelen
Groot
[Aantekeningen onderaan de lijst, in rood potlood:]
Kamphuis [mogelijk Klampuis]
23/1 bal
Renz
[Onderrand, gedrukt:]
Alg. Zaken Model No. 14-10.000-2 1935. Dit document functioneerde als een 'routablad' of geleideformulier binnen een bureaucratische organisatie, waarschijnlijk een Nederlandse overheidsinstelling of een koloniale administratie in Nederlands-Indië. Het stempelkader linksboven geeft de formele registratie weer: het dossiernummer (20/2/1) en de datum waarop de stukken werden doorgezonden (3 januari 1936).
De kolom aan de rechterzijde bevat een lijst met namen van ambtenaren die het dossier moesten inzien of behandelen. De eerste drie namen (v. Mastriken, adw eff., Stein) zijn voorzien van een horizontaal streepje, wat duidt op afvinking na afhandeling. De rode aantekeningen onderaan wijzen op een latere stap in het proces, gedateerd op 23 januari, waarbij "Renz" waarschijnlijk de definitieve afhandeling of paraaf verzorgde. Het gebruik van dergelijke bijbladen was standaard in de vroege 20e-eeuwse administratie om de fysieke stroom van documenten tussen verschillende afdelingen en functionarissen te beheersen en te archiveren. Het modelnummer ("Model No. 14-10.000-2 1935") geeft aan dat het een gestandaardiseerd formulier betreft dat in een grote oplage (10.000 stuks) is gedrukt in 1935. Dit soort bladen is voor archivarissen waardevol omdat het de interne hiërarchie en de snelheid van de informatievoorziening binnen een organisatie blootlegt. M. No
Samenvatting
Dit document functioneerde als een 'routablad' of geleideformulier binnen een bureaucratische organisatie, waarschijnlijk een Nederlandse overheidsinstelling of een koloniale administratie in Nederlands-Indië. Het stempelkader linksboven geeft de formele registratie weer: het dossiernummer (20/2/1) en de datum waarop de stukken werden doorgezonden (3 januari 1936).
De kolom aan de rechterzijde bevat een lijst met namen van ambtenaren die het dossier moesten inzien of behandelen. De eerste drie namen (v. Mastriken, adw eff., Stein) zijn voorzien van een horizontaal streepje, wat duidt op afvinking na afhandeling. De rode aantekeningen onderaan wijzen op een latere stap in het proces, gedateerd op 23 januari, waarbij "Renz" waarschijnlijk de definitieve afhandeling of paraaf verzorgde.
Historische Context
Het gebruik van dergelijke bijbladen was standaard in de vroege 20e-eeuwse administratie om de fysieke stroom van documenten tussen verschillende afdelingen en functionarissen te beheersen en te archiveren. Het modelnummer ("Model No. 14-10.000-2 1935") geeft aan dat het een gestandaardiseerd formulier betreft dat in een grote oplage (10.000 stuks) is gedrukt in 1935. Dit soort bladen is voor archivarissen waardevol omdat het de interne hiërarchie en de snelheid van de informatievoorziening binnen een organisatie blootlegt.