Dienstbrief op officieel briefpapier van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Dienstbrief op officieel briefpapier van de Gemeente Amsterdam. 20 april 1944. De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (H. Posthuma). De Directeur van den Dienst van het Marktwezen. [Gedrukte en getypte tekst]
Nº 20/21/3 M.1944 21/4
Gemeente Amsterdam
Raadhuis, O.Z. Voorburgwal
Telefoon 43130, 43321
Men wordt verzocht, bij het antwoord nauwkeurig den datum, het nummer en de afdeeling van dezen brief te vermelden
Aan
den heer Directeur van den
Dienst van het Marktwezen.
Afd. L.M. No. 23/2 Bijlagen Uw brief: Datum: 20 April 1944.
-1944-
Onderwerp: schoenreparaties e.d. op markten.
Naar aanleiding van Uw brief van 5 April 1944 No.20/21/2 M deel ik U mede, dat ik, in weerwil van Uw betoog, van meening blijf, dat het verrichten van schoenreparaties, daaronder ook begrepen kleine herstellingen of voorzieningen, op de markten verboden is en dat ook moet blijven.
Ik verzoek U de noodige maatregelen te doen nemen een en ander op de markt met kracht tegen te gaan.
De Wethouder voor de Levensmiddelen,
Wasch- en schoonmaak-, bad- en zwem-
inrichtingen,
[Handtekening: Posthuma]
[Handgeschreven tekst in de linker marge]
22-4-'44 Met Hr Bergveld getelefoneerd; deze brief spreekt uitsluitend over schoenen; het gaat echter ook om de interpretatie van Art 2; daarom leek hem mij ook onder verboden reparaties / bewerkingen van welke aard ook aan verkoop-vaten / manden etc. etc. d. overeenkomstig t.z.t. de bereiding van oliebollen, moesten op de markten [onleesbaar]. 22-4-'44.
Zal m.h.e. [?] op de hoogte stellen.
[Handgeschreven tekst midden onder]
K.M. no. 179
[Handgeschreven tekst onderaan]
24/4 '44 Van de Prins mondeling opdracht om markt personeel last te geven dat alle reparaties of bewerkingen van welke aard ook aan schoenen, zijn verboden, direct ingaan. * Kernboodschap: De wethouder spreekt een formeel verbod uit op het uitvoeren van schoenreparaties (inclusief kleine herstellingen) op de Amsterdamse markten. Hij verwerpt hiermee een eerder tegenargument van de directeur van het Marktwezen.
* Handhavingsinstructie: De brief is een directe opdracht aan de dienstdirecteur om handhavend op te treden ("met kracht tegen te gaan"). Uit de handgeschreven kanttekening onderaan blijkt dat deze opdracht op 24 april 1944 mondeling is doorgegeven aan het personeel voor directe uitvoering.
* Juridische uitbreiding: In de marge wordt gediscussieerd over de reikwijdte van het verbod. Men overweegt om via de interpretatie van 'Artikel 2' niet alleen schoenreparaties, maar alle vormen van bewerkingen aan goederen (zoals vaten en manden) en zelfs de bereiding van voedsel (oliebollen) op de markt te verbieden.
* Toon: De toon is autoritair en beslist ("in weerwil van Uw betoog", "moet blijven"). Dit past bij de bestuurlijke cultuur van die tijd, waarin de hiërarchie tussen de wethouder en de diensthoofden strikt was. * Tijdsperk (Tweede Wereldoorlog): April 1944 was een periode van extreme schaarste in het bezette Nederland. De overheid probeerde de controle op handel en middelen te maximaliseren. Het verbod op reparaties op de markt kan te maken hebben gehad met het bestrijden van de zwarte markt, het reguleren van arbeid of het voorkomen van onbevoegde ambachtelijke werkzaamheden buiten de officiële distributiekanalen om.
* Bestuur: De ondertekenaar is H. Posthuma, die destijds wethouder was. De brief is gericht aan de Dienst van het Marktwezen, die verantwoordelijk was voor de orde en regelgeving op de vele Amsterdamse markten (zoals de Albert Cuyp of het Waterlooplein).
* Schaarste en Herstel: Dat men zich bezighield met het verbieden van "kleine herstellingen" aan schoenen benadrukt hoe kostbaar materialen als leer en rubber waren geworden; schoenreparatie was in 1944 een vitale noodzaak voor de bevolking. De overheid wilde blijkbaar dat dit via officiële schoenmakers gebeurde en niet informeel op de markt.