Politierapport / Proces-verbaal betreffende voedselvoorziening.
Origineel
Politierapport / Proces-verbaal betreffende voedselvoorziening. 14 oktober 1944. [Handgeschreven linksboven, doorgehaald:] Inschrijven
_ R a p p o r t _
Ondergeteekenden, E.A.v.Engelen en C.Veerman rapporteeren het navolgende :
Op Woensdag 11 October 1944 kwam ons ter oore, dat er op de Ruysdaelkade of daar in de omgeving geregeld schuiten met appelen en peren werden gelost.
Op Donderdag den 12 October hebben wy ons des morgens vroeg naar die buurt begeven en zagen in de Buitensingelgracht tegenover het Politiebureau op de Stadhouderskade een schuit met appelen en peren liggen. Aan de overzyde op de Nic. Witsenkade had zich reeds een file van eenige honderden menschen gevormd, aangezien het bekend was, dat spoedig de verkoop zou beginnen. Het schip, dat aan de Stadhouderskade gemeerd was, was genaamd "Zeven Gebroeders", groot 18 ton, schipper P.Hoogenboom te Roelof Arendsveen, Noordeinde 119. Het was beladen met ca. 18 ton fruit. De schipper verklaarde, dat de eigenaar van het fruit ieder oogenblik zou komen en dat dan met den verkoop hiervan zou worden begonnen en dat hy geregeld appelen en peren uit Schalkwyk haalde, die in de stad werden verkocht. Wy hebben den schipper aangezegd, dat wy voorloopig beslag hadden gelegd op zyn schip met de lading.
Gedurende het wachten op den eigenaar kwam ons nog ter oore, dat er aan de Oude Schans nog een schuit met fruit van denzelfden eigenaar moest liggen. Inmiddels was de Onderluitenant van de Waterpolitie Hulst ter assistentie verschenen en wy hebben de Zeven Gebroeders onder dien bewaking achtergelaten en hebben ons begeven naar de Oude Schans. De Heer Hulst zou inmiddels met de Zeven Gebroeders naar de Oude Schans opvaren.
Aldaar troffen wy aan het schip R.A.Veen V. van den expediteur G. van Ruiten te Roelof Arendsveen. De schipper was G. de Goede, wonende te Akersloot, Boschweg 182. Deze schuit was beladen met ongeveer 35 ton appelen en peren. Ook deze schuit hebben wy voorloopig in beslag genomen.
Kort daarop kwam de Zeven Gebroeders met den Onderluitenant Hulst aan boord naar de Oude Schans. Aan boord bevond zich de inmiddels aangekomen eigenaar van deze beide schuiten fruit : J.G.Winkel, wonende te Schalkwyk B.15. Hy verklaarde, dat hy den laatsten tyd geregeld schuiten fruit in Amsterdam bracht en dit fruit met toestemming van den Chef van den Economischen Dienst der Politie aan de burgery verkocht, zulks onder toezicht van ambtenaren van dien dienst. Ook de pryzen van dit fruit werden door deze ambtenaren vastgesteld. De Heer Winkel verklaarde een zak van ca. 20 K.G. val-goudreinetten te mogen verkoopen voor F. 9.--, d.i. F.0.45 per K.G. Tevens verklaarde hy van dezen Economischen Dienst toestemming te hebben gekregen 20 schuiten fruit in te voeren.
Daar het ons onwaarschynlyk voorkwam, dat inderdaad de Economische Dienst fruit buiten het P.V.K. om en boven den vastgestelden prys liet verkoopen, hebben wy ons telefonisch in verbinding gesteld met den Chef van den Economischen Dienst. Deze verklaarde, dat hy slechts voor één schuit toestemming had gegeven en dat hy van aanvoer van 20 schuiten niets afwist.
Inmiddels verschenen er op de Oude Schans een aantal ambtenaren van de Economischen Dienst der Politie, die naar zy verklaarden waren gekomen in opdracht van hun Chef om toezicht te houden by den verkoop van deze schuiten met fruit.
Vervolgens hebben wy ons in verbinding gesteld met den Heer Sixma en dezen met bovengemelde feiten in kennis gesteld. Hy gaf ons opdracht deze twee schuiten op te brengen naar het Oude Dok.
Wy hebben deze schuiten met assistentie van den Onderluit. Hulst naar het Oude Dok overgebracht en ter beschikking gesteld van den Heer Broerse.
Amsterdam 14 October 1944
Den Heer Inspecteur v.h.Marktwezen. E.A.v.Engelen [handtekening] C.Veerman [handtekening]
[Handgeschreven in linker kantlijn:]
Gezien 19-10-44 deHaer [handtekening] Dit document is een ambtelijk verslag van de inbeslagname van een grote hoeveelheid fruit (circa 53 ton in totaal) in de bezettingsperiode. Het rapport belicht de spanningen en mogelijke corruptie binnen de verschillende overheids- en politiediensten tijdens de voedselcrisis van 1944.
- Tegenstrijdige verklaringen: De eigenaar (J.G. Winkel) beweert toestemming te hebben voor grootschalige aanvoer (20 schuiten), terwijl de Chef van de Economische Dienst dit ontkent en spreekt over slechts één schuit.
- Contradictie binnen de politie: Ondanks de ontkenning van de Chef verschijnen er toch ambtenaren van diezelfde Economische Dienst ter plaatse om de verkoop te "begeleiden". Dit suggereert een gebrek aan coördinatie of malversaties binnen de Economische Dienst.
- Maatschappelijke context: De vermelding van een "file van eenige honderden menschen" die wacht op de verkoop, illustreert de nijpende voedselsituatie in Amsterdam vlak voor de Hongerwinter. In oktober 1944 was Nederland, en Amsterdam in het bijzonder, in de greep van extreme schaarste. De Spoorwegstaking was in volle gang en de aanvoer van voedsel was vrijwel stilgevallen. De distributie van voedsel werd streng gecontroleerd door het P.V.K. (Provinciaal Voedselcommissariaat / Plaatselijk Voedselvoorziening Korps). Verkoop "buiten het P.V.K. om" werd beschouwd als illegale handel of zwarte handel, zelfs als het (zoals hier geclaimd) onder toezicht van een andere politiedienst zou gebeuren. De Economische Dienst van de politie hield zich bezig met prijscontroles en fraudebestrijding, maar de grens tussen officiële distributie en grijze handel was in deze periode vaak vaag.