Officiële correspondentie (doorslag van een brief).
Origineel
Officiële correspondentie (doorslag van een brief). 9 juni 1944. De Directeur (organisatie niet expliciet vermeld op dit blad, maar waarschijnlijk een overheidsinstantie belast met distributie). [handgeschreven in blauwe inkt]: extra
46b/71/2M. 9 Juni 1944.
toewijzing L.van Den Heer Directeur van het
Leeuwen. Bedrijfschap voor Visscherij-
__________ producten,
2e Adelheidstraat 300
's-Gravenhage.
===============
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 8 Mei
jl. no.10358/V/Lan bericht ik U, dat het ver-
zoek van adressant is behandeld in een ver-
gadering van de Verdeelingscommissie.
De Commissie adviseert afwijzend, daar
Van Leeuwen geheel onbekend is in den visch-
handel.
De Directeur, De tekst is een zakelijke en formele afwijzing van een verzoek tot toewijzing (waarschijnlijk een vergunning of toewijzing van handelsvoorraad) aan een zekere L. van Leeuwen. De kern van de afwijzing ligt in het feit dat de aanvrager niet bekend is in de branche (de vissector). Dit duidt op een streng gereguleerde markt waarbij ervaring of bestaande inschrijving in de branche een vereiste was. Het taalgebruik is kenmerkend voor de tijd, met woorden als "adressant", "afwijzend adviseren" en de oude spelling ("visscherij", "vischhandel"). De brief dateert van 9 juni 1944, slechts drie dagen na D-Day. Nederland bevond zich midden in de Duitse bezetting. Tijdens deze periode was de economie onderworpen aan strikte distributie- en vergunningsstelsels om schaarse goederen en handel te controleren. Het "Bedrijfschap voor Visscherijproducten" was een van de vele bureaucratische organen (instelling onder het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening) die de handel in goede banen moesten leiden – of beperken – naar de maatstaven van de bezetter en de toenmalige economische noodzaak. Toewijzingen werden vaak enkel verleend aan gevestigde ondernemers om de stabiliteit en controleerbaarheid van de sector te waarborgen.
Samenvatting
De tekst is een zakelijke en formele afwijzing van een verzoek tot toewijzing (waarschijnlijk een vergunning of toewijzing van handelsvoorraad) aan een zekere L. van Leeuwen. De kern van de afwijzing ligt in het feit dat de aanvrager niet bekend is in de branche (de vissector). Dit duidt op een streng gereguleerde markt waarbij ervaring of bestaande inschrijving in de branche een vereiste was. Het taalgebruik is kenmerkend voor de tijd, met woorden als "adressant", "afwijzend adviseren" en de oude spelling ("visscherij", "vischhandel").
Historische Context
De brief dateert van 9 juni 1944, slechts drie dagen na D-Day. Nederland bevond zich midden in de Duitse bezetting. Tijdens deze periode was de economie onderworpen aan strikte distributie- en vergunningsstelsels om schaarse goederen en handel te controleren. Het "Bedrijfschap voor Visscherijproducten" was een van de vele bureaucratische organen (instelling onder het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening) die de handel in goede banen moesten leiden – of beperken – naar de maatstaven van de bezetter en de toenmalige economische noodzaak. Toewijzingen werden vaak enkel verleend aan gevestigde ondernemers om de stabiliteit en controleerbaarheid van de sector te waarborgen.