Zakelijke verklaring op briefpapier.
Origineel
Zakelijke verklaring op briefpapier. 9 juni 1944. H. A. Kegge, Rookery, Commissie- en Groothandel in Vischwaren, Scheveningen. Onbekend ("Mijne Heeren"). H. A. KEGGE — SCHEVENINGEN
WESTDUINWEG 250-254 - TEL. 552941 - VISSCHERSHAVENWEG 84-85
—————— ROOKERIJ ——————
COMMISSIE- EN GROOTHANDEL IN VISCHWAREN
==========================================
POSTADRES: WESTDUINWEG 250
TELEGRAM-ADRES:
KEGGE SCHEVENINGEN
—
GIRO 5159
—
SCHEVENINGEN, 9 Juni 1944
Mijne Heeren,
Hierdoor verklaar ik, dat Leen Toet, wonende aan de Albert Cuijpstraat te Amsterdam, tot aan de verdeeling van de visch, gerookte en gestoomde visch en paling van mij betrokken heeft.
Hoogachtend,
[Signatuur: p.p. H.A. Kegge]
H. A. KEGGE
WESTDUINWEG 250-254
Telefoon 552941
SCHEVENINGEN Deze verklaring is opgesteld door de firma H.A. Kegge, een groothandel in vis en rokerij gevestigd in Scheveningen. De eigenaar of diens vertegenwoordiger verklaart hiermee dat een zekere Leen Toet uit de Albert Cuypstraat in Amsterdam een vaste klant was voor de inkoop van gerookte vis, gestoomde vis en paling.
De verklaring specificeert dat deze handelsrelatie bestond "tot aan de verdeeling van de visch". Dit duidt op het moment dat de distributie en rantsoenering van vis door de overheid werd strikt gereguleerd of overgenomen. De verklaring was waarschijnlijk bedoeld als bewijsstuk voor Leen Toet om aan te tonen dat hij een legitieme handelaar was met een historisch aankoopkanaal, mogelijk om in aanmerking te komen voor toewijzingen (contingenten) binnen het distributiestelsel. Het document dateert van 9 juni 1944, drie dagen na D-Day. Nederland bevond zich op dat moment in de late fase van de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog. De voedselsituatie was precair en bijna alle levensmiddelen, inclusief vis, vielen onder het distributiesysteem.
De Albert Cuypstraat in Amsterdam staat bekend om zijn grote markt; het is zeer aannemelijk dat Leen Toet daar een viskraam of viswinkel dreef. De achternaam 'Toet' is bovendien een zeer typische Scheveningse familienaam, wat suggereert dat de handelaar oorspronkelijk uit het vissersdorp kwam of nauwe familiebanden had met de bron van zijn handelswaar. Dergelijke "bewijzen van herkomst" waren cruciaal om tijdens de bezetting aan te tonen dat men recht had op een deel van de schaarse voorraden die voor de burgerbevolking beschikbaar bleven. A. Kegge H.A. Kegge
Samenvatting
Deze verklaring is opgesteld door de firma H.A. Kegge, een groothandel in vis en rokerij gevestigd in Scheveningen. De eigenaar of diens vertegenwoordiger verklaart hiermee dat een zekere Leen Toet uit de Albert Cuypstraat in Amsterdam een vaste klant was voor de inkoop van gerookte vis, gestoomde vis en paling.
De verklaring specificeert dat deze handelsrelatie bestond "tot aan de verdeeling van de visch". Dit duidt op het moment dat de distributie en rantsoenering van vis door de overheid werd strikt gereguleerd of overgenomen. De verklaring was waarschijnlijk bedoeld als bewijsstuk voor Leen Toet om aan te tonen dat hij een legitieme handelaar was met een historisch aankoopkanaal, mogelijk om in aanmerking te komen voor toewijzingen (contingenten) binnen het distributiestelsel.
Historische Context
Het document dateert van 9 juni 1944, drie dagen na D-Day. Nederland bevond zich op dat moment in de late fase van de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog. De voedselsituatie was precair en bijna alle levensmiddelen, inclusief vis, vielen onder het distributiesysteem.
De Albert Cuypstraat in Amsterdam staat bekend om zijn grote markt; het is zeer aannemelijk dat Leen Toet daar een viskraam of viswinkel dreef. De achternaam 'Toet' is bovendien een zeer typische Scheveningse familienaam, wat suggereert dat de handelaar oorspronkelijk uit het vissersdorp kwam of nauwe familiebanden had met de bron van zijn handelswaar. Dergelijke "bewijzen van herkomst" waren cruciaal om tijdens de bezetting aan te tonen dat men recht had op een deel van de schaarse voorraden die voor de burgerbevolking beschikbaar bleven.