Handgeschreven verzoekschrift / brief.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift / brief. 26 juli 1944. Een vishandelaar (naam niet vermeld op deze pagina). 26/7 1944
Aan Het Marktwezen
N° 466/108/1 M.1944 [stempel: 27/7]
Mijne Heeren naar aanleiding van
dit schrijven wou ik uw vragen of ik weer
mijn Vis Toewyring terug kan krijgen
daar ik al meer dan 30 jaar in het vis
bedrijf zitten ik in 1942 voor de keus
werd gesteld groente of Vis heeft
ik groente gekozen dat had nog wel
goed gegaan met mijn zaak maar door
omstandigheden is toen mijn zaak
verlopen eerst dat ik maaglyder
was heeft ik eerst 6 weken in een rust
huis geweest en toen 6 weken in het Binne
gasthuis en toen 4 weken voor een
maagoperatie en ten tweede moest
ik mijn beide zoons missen voor de
arbeid inzet een voor Brandeburg
en voor de Oost Comperie in Riga
dus kun uw wel nagaan hoe met
die klantenbinding dat ik geen hulp
in mijn zaak had dat helemaal De auteur van deze brief, een vishandelaar met dertig jaar ervaring, verzoekt de instantie "Marktwezen" om herstel van zijn vis-toewijzing. In 1942 werd hij gedwongen te kiezen tussen de handel in groente of vis, waarbij hij indertijd voor groente koos.
De brief biedt een indringend inzicht in de persoonlijke ellende tijdens de late oorlogsjaren:
1. Medische problemen: De schrijver leed aan ernstige maagklachten ("maaglyder") en onderging een operatie, wat leidde tot een totale uitval van zestien weken (rusthuis en Binnengasthuis).
2. Gevolgen van de bezetting: De zaak is "verlopen" (failliet gegaan of stilgevallen) omdat de eigenaar zijn beide zoons moest missen. Zij waren weggevoerd voor de Arbeidseinsatz (dwangarbeid); één naar Brandenburg en één naar Riga (Letland).
3. Hulpvraag: Zonder de hulp van zijn zoons en geteisterd door ziekte kon hij de "klantenbinding" niet onderhouden. Hij hoopt nu door terugkeer naar de vishandel zijn bestaan weer op te bouwen.
De taal is informeel en bevat spelfouten ("Toewyring" voor toewijzing, "maaglyder", "Brandeburg", "Comperie"), wat duidt op een afzender uit de arbeidersklasse of kleine middenstand. Het document dateert van juli 1944, vlak voor de spoorwegstaking en de Hongerwinter. Tijdens de bezetting was de handel in schaarse goederen zoals vis en groente strikt gereguleerd via een systeem van vergunningen en toewijzingen door het Marktwezen.
De vermelding van de zoon in Riga "voor de Oost Comperie" verwijst naar de Nederlandsche Oost Compagnie (NOC). Dit was een nationaalsocialistische organisatie die Nederlandse arbeiders en boeren wierf (of dwong) om de door Duitsland bezette gebieden in de Sovjet-Unie te exploiteren. De vermelding van het Binnengasthuis plaatst de afzender zeer waarschijnlijk in Amsterdam. De brief illustreert hoe de Arbeidseinsatz niet alleen individuen trof, maar ook leidde tot de economische ondergang van kleine familiebedrijven in Nederland. Marktwezen