Doorslag van een officiële brief (ambtelijke correspondentie).
Origineel
Doorslag van een officiële brief (ambtelijke correspondentie). 4 september 1944. De waarnemend Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen of een voedselvoorzieningsinstantie van de Gemeente Amsterdam). (Handgeschreven): Verzonden 4/9
46b/115/1M. SV.
4 September 1944.
Den Heer waarnemend Politie-
President,
Marnixstraat 260-264,
Amsterdam-Centrum.
Krachtens een door den Burge-
meester en het Bedrijfschap voor Visscherij-
producten getroffen regeling wordt te
dezer stede op de Vischmarkt aan de daar-
voor in aanmerking komende kleinhandelaren
visch toegewezen, die deze aan de bevoking* [sic]
moeten verkoopen. Iedere kleinhandelaar
moet zooveel mogelijk zelf aanwezig zijn.
Sedert eenige tijd ontbreekt de kleinhan-
delaar P. Vrees Sr, geboren 15-11-78, wonen-
de K. Prinsengracht 25 I.
Volgens mijn informatie zou Vrees
zijn ingesloten. Ingevolge opdracht van
het Gemeentebestuur verzoek ik U beleefd
mij te doen weten, voor welk feit Vrees
is ingesloten en of reeds veroordeeling
heeft plaats gehad.
Van den aard van Uw mededeeling
ter zake zal het Gemeentebestuur het
laten afhangen of Vrees al dan niet in
de verdeeling blijft opgenomen.
De Directeur,
wnd.
*Opmerking: In de originele tekst staat "bevoking", waar "bevolking" bedoeld wordt. * Inhoud: De brief is een formeel verzoek om informatie over de detentie van een visboer, P. Vrees Sr. Volgens de geldende distributieregeling moeten erkende handelaren persoonlijk aanwezig zijn op de vismarkt om vis toegewezen te krijgen voor verkoop aan de bevolking. Omdat Vrees afwezig is en er geruchten zijn dat hij gevangen zit ("ingesloten"), vraagt de directeur aan de politie-president naar de reden van zijn opsluiting en een eventueel vonnis.
* Doel: De informatie is cruciaal voor het gemeentebestuur om te bepalen of Vrees zijn vergunning/toewijzing voor vis mag behouden. In tijden van schaarste was de betrouwbaarheid van distributiekanalen essentieel.
* Toon: De toon is strikt zakelijk en ambtelijk, passend bij de hiërarchische verhoudingen tussen gemeentelijke diensten en de politie in die tijd. * Tijdsgewricht: De datum, 4 september 1944, is historisch zeer saillant. Het is de dag vóór "Dolle Dinsdag". Terwijl het ambtelijke apparaat in Amsterdam nog probeert de normale gang van zaken (zoals visdistributie) te handhaven, staat de Duitse bezetting op het punt van instorten door de snelle opmars van de geallieerden.
* Voedselvoorziening: Tijdens de bezetting was de voedselvoorziening streng gereguleerd via "Bedrijfschappen" en distributiesystemen. Dit was noodzakelijk om zwarte handel tegen te gaan en de bevolking (minimaal) te voeden. De "Hongerwinter" zou kort na dit schrijven (eind 1944) aanbreken.
* Locatie: De Marnixstraat 260-264 was het hoofdbureau van de Amsterdamse politie. De "Politie-President" was in die tijd een door de bezetter gecontroleerde of aangestelde functionaris.
* Detentie: "Ingesloten" zijn kon in 1944 duiden op diverse zaken: een commune misdaad, economische vergrijpen (zoals illegale handel in vis) of politieke redenen (verzetsactiviteiten). Gezien zijn leeftijd (65 jaar) en beroep zou het kunnen gaan om een overtreding van de distributiewetten. I. Bedrijfschap Gemeente Amsterdam Hoofdbureau Marktwezen Politie