Administratieve brief/opgave (doorslag van een getypt document).
Origineel
Administratieve brief/opgave (doorslag van een getypt document). 5 juni 1944. De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Vismarkt Amsterdam). Bureau Statistiek, Spinhuissteeg 1, Amsterdam-Centrum. 46d/1/5M. [handgeschreven:] Verzonden 5/6 SV
5 Juni 1944.
Aan het Bureau Statistiek
Spinhuissteeg 1
Amsterdam-Centrum.
====================
VISCHMARKT.
HEFFINGEN OVER DE MAAND M E I 1944.
Aanvoer 2% f. 6.031,64
1% extra heffing van consigna-
tiezendingen f. --------
Heffing volgens art.21 sub 2
der Verordening op de heffing f. 2,72
Vaartuigen à 25 cent per ton f. --------
Vaartuigen à 10 cent per ton f. --------
Berging in de Hal f. --------
Huur bergplaatsen f. 66.--
De Directeur, Dit document is een officiële maandelijkse opgave van de inkomsten uit diverse heffingen op de Amsterdamse vismarkt. Het totaalbedrag wordt gedomineerd door de heffing van 2% op de aanvoer (f. 6.031,64). Andere posten, zoals de extra heffing op consignatiezendingen en liggelden voor vaartuigen, laten voor deze specifieke maand geen inkomsten zien, op een kleine heffing van f. 2,72 en de huur van bergplaatsen (f. 66,--) na.
De aanwezigheid van de handgeschreven notitie "Verzonden 5/6" bevestigt dat het document op de dag van datering is verwerkt. De strakke, ambtelijke lay-out is kenmerkend voor de gemeentelijke administratie uit die periode. Het document dateert van 5 juni 1944, één dag voor D-Day (de geallieerde landing in Normandië). Hoewel Nederland op dat moment nog bezet was door nazi-Duitsland, draaide de civiele administratie van de stad Amsterdam grotendeels door. De voedselvoorziening en de daarbij behorende markten stonden onder strikte controle.
Het Bureau Statistiek aan de Spinhuissteeg verzamelde dergelijke gegevens voor economische monitoring. De vermelding van specifieke artikelen uit "de Verordening op de heffing" wijst op de strikte reglementering van de handel tijdens de oorlogsjaren, waarbij elke transactie en handeling op de markt onderhevig was aan vastgestelde tarieven en controles. De relatief hoge opbrengst van de 2% aanvoerheffing suggereert dat er ondanks de oorlogsomstandigheden in mei 1944 nog een aanzienlijke hoeveelheid vis werd verhandeld via de officiële kanalen.
Samenvatting
Dit document is een officiële maandelijkse opgave van de inkomsten uit diverse heffingen op de Amsterdamse vismarkt. Het totaalbedrag wordt gedomineerd door de heffing van 2% op de aanvoer (f. 6.031,64). Andere posten, zoals de extra heffing op consignatiezendingen en liggelden voor vaartuigen, laten voor deze specifieke maand geen inkomsten zien, op een kleine heffing van f. 2,72 en de huur van bergplaatsen (f. 66,--) na.
De aanwezigheid van de handgeschreven notitie "Verzonden 5/6" bevestigt dat het document op de dag van datering is verwerkt. De strakke, ambtelijke lay-out is kenmerkend voor de gemeentelijke administratie uit die periode.
Historische Context
Het document dateert van 5 juni 1944, één dag voor D-Day (de geallieerde landing in Normandië). Hoewel Nederland op dat moment nog bezet was door nazi-Duitsland, draaide de civiele administratie van de stad Amsterdam grotendeels door. De voedselvoorziening en de daarbij behorende markten stonden onder strikte controle.
Het Bureau Statistiek aan de Spinhuissteeg verzamelde dergelijke gegevens voor economische monitoring. De vermelding van specifieke artikelen uit "de Verordening op de heffing" wijst op de strikte reglementering van de handel tijdens de oorlogsjaren, waarbij elke transactie en handeling op de markt onderhevig was aan vastgestelde tarieven en controles. De relatief hoge opbrengst van de 2% aanvoerheffing suggereert dat er ondanks de oorlogsomstandigheden in mei 1944 nog een aanzienlijke hoeveelheid vis werd verhandeld via de officiële kanalen.