Archief 745
Inventaris 745-432
Pagina 365
Dossier 5
Jaar 1944
Stadsarchief

Begeleidende ambtelijke brief.

15 juni 1944. Van: De Directeur (vermoedelijk van een Gemeentelijke Vischafslag).

Origineel

Begeleidende ambtelijke brief. 15 juni 1944. De Directeur (vermoedelijk van een Gemeentelijke Vischafslag). 46d/2/5M. SV.
1
15 Juni 1944.

    Bijgaand heb ik de eer U een

overzicht te zenden van de bruto-opbrengst
der gedurende de maand Mei in den Gemeen-
telijken Vischafslag verkochte visch.

                                De Directeur,

Gezonden aan:
den Heer Directeur v.h. Bureau van Statistiek
den Heer Inspecteur bij den Rijksdienst ter
Uitvoering v.d. Zuiderzeesteunwet, Jac. Obrecht-
str.67, Dit document is een doorslag van een formele begeleidende brief, getypt op dun doorslagpapier. Het betreft een puur administratieve handeling: het doorsturen van statistische gegevens over de visverkoop van de voorgaande maand (mei 1944).

Opvallend is de formele, ambtelijke stijl ("heb ik de eer U een overzicht te zenden"), die gebruikelijk was in die periode. De brief is gericht aan twee instanties: het Bureau van Statistiek (voor de economische verslaglegging) en de Rijksdienst ter Uitvoering van de Zuiderzeesteunwet. Het adres van de laatste (Jac. Obrechtstraat 67) bevindt zich in Amsterdam-Zuid.

Het document weerspiegelt de voortgang van de reguliere bureaucratie en economische monitoring tijdens de bezettingsjaren. Ondanks de oorlogsomstandigheden bleven administratieve processen rondom voedselvoorziening en sociale steunwetten functioneren. De datum, 15 juni 1944, valt net na de invasie in Normandië (D-Day, 6 juni 1944). Nederland was op dat moment nog bezet door nazi-Duitsland. De visserij was in deze periode aan strenge beperkingen onderhevig vanwege de Atlantikwall en het mijnengevaar op zee, maar de binnenvisserij (waaronder het IJsselmeer) bleef een cruciale bron van voedsel.

De Zuiderzeesteunwet (oorspronkelijk uit 1925) was in het leven geroepen om vissers te compenseren die hun broodwinning verloren door de afsluiting van de Zuiderzee en de aanleg van de Afsluitdijk. De controle op de opbrengsten van de visafslagen was noodzakelijk om te bepalen wie recht had op steun of om de economische status van de visserijgemeenschappen te monitoren. De vermelding van de "Gemeentelijken Vischafslag" wijst erop dat de brief afkomstig is uit een vissersplaats aan het IJsselmeer of de Noordzee (bijv. Amsterdam, IJmuiden of een voormalige Zuiderzeegemeente).

Samenvatting

Dit document is een doorslag van een formele begeleidende brief, getypt op dun doorslagpapier. Het betreft een puur administratieve handeling: het doorsturen van statistische gegevens over de visverkoop van de voorgaande maand (mei 1944).

Opvallend is de formele, ambtelijke stijl ("heb ik de eer U een overzicht te zenden"), die gebruikelijk was in die periode. De brief is gericht aan twee instanties: het Bureau van Statistiek (voor de economische verslaglegging) en de Rijksdienst ter Uitvoering van de Zuiderzeesteunwet. Het adres van de laatste (Jac. Obrechtstraat 67) bevindt zich in Amsterdam-Zuid.

Het document weerspiegelt de voortgang van de reguliere bureaucratie en economische monitoring tijdens de bezettingsjaren. Ondanks de oorlogsomstandigheden bleven administratieve processen rondom voedselvoorziening en sociale steunwetten functioneren.

Historische Context

De datum, 15 juni 1944, valt net na de invasie in Normandië (D-Day, 6 juni 1944). Nederland was op dat moment nog bezet door nazi-Duitsland. De visserij was in deze periode aan strenge beperkingen onderhevig vanwege de Atlantikwall en het mijnengevaar op zee, maar de binnenvisserij (waaronder het IJsselmeer) bleef een cruciale bron van voedsel.

De Zuiderzeesteunwet (oorspronkelijk uit 1925) was in het leven geroepen om vissers te compenseren die hun broodwinning verloren door de afsluiting van de Zuiderzee en de aanleg van de Afsluitdijk. De controle op de opbrengsten van de visafslagen was noodzakelijk om te bepalen wie recht had op steun of om de economische status van de visserijgemeenschappen te monitoren. De vermelding van de "Gemeentelijken Vischafslag" wijst erop dat de brief afkomstig is uit een vissersplaats aan het IJsselmeer of de Noordzee (bijv. Amsterdam, IJmuiden of een voormalige Zuiderzeegemeente).

Kooplieden in dit dossier 100

A.V. de Jong Waterlooplein - 1 87
A. Koning Waterlooplein " 9-9-1893
A. Koning Waterlooplein Geb. 12-7-1886
A. Sier Waterlooplein " 21-10-1897
A. Merens Waterlooplein
A. Harte Waterlooplein - 3 11
B.C.v.Es Waterlooplein - 5 83
B.C.v.Es Waterlooplein **F 17608 37** (rood)
C. Bras Waterlooplein - 1.65
C. de Jong Waterlooplein - 43
C. de Jong Waterlooplein
C. Dekker Waterlooplein - 1 20
C. Dienst Waterlooplein - 5 24
C. Dienst Waterlooplein - 5.38
C. Dienst Waterlooplein - 7 41
C. Voedselvoorz Waterlooplein - 3 60
C. Voedselvoorz Waterlooplein - 1 27
C.M. Voorstel Waterlooplein - 4.49
C.H. Heerding Waterlooplein - 2 14
C.H. Heerding Waterlooplein
C H Herwig Waterlooplein - 500.00
C. Kooy Waterlooplein
C. Koning Waterlooplein " 4-4-1903
C. Schilder Waterlooplein " 13-12-1918
S. Israels Waterlooplein
D. Bakker Waterlooplein - 3 37
D. Visser Waterlooplein " 3-4-1894
Gebr.Kooy Waterlooplein
G.G.D. Amsterdam Waterlooplein fl 7732.13
G.G.D. Amsterdam Waterlooplein f 17553 67
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 3