en een niet nader gespecificeerde wethouder (Weth. Krs.?).
Bekijk Verhaal ➔Archiefdocumenten
Document
Dit document is een officiële aanvraag voor een kostwinnersvergoeding ten behoeve van het gezin van een dienstplichtige. De aanvrager is een gemeenteambtenaar (hoofdklerk), werkzaam bij de afdeling Marktwezen van de Gemeente Amsterdam. De financiële situatie van het gezin wordt nauwgezet in kaart gebracht om de hoogte van de eventuele vergoeding te bepalen. De man verdient **f. 37,21** per week, een bedrag dat hij volledig afstaat aan zijn gezin. Zijn eigen kosten voor levensonderhoud worden geschat op **f. 6,30** per week. De aanvraag wordt gedaan ten behoeve van zijn 29-jarige echtgenote (huisvrouw) en hun 4-jarige zoon. De invulling is zakelijk en toont aan dat het gezin volledig afhankelijk is van het inkomen van de man; er zijn geen neveninkomsten (vermeld als "nihil"). De aanvraag lijkt standaard te zijn verlopen, aangezien de velden voor bijzondere bezwaren (vak 7 t/m 11) oningevuld zijn gelaten.
Document
* **Sociaaleconomische status:** De dienstplichtige is een ambtenaar bij de gemeente Amsterdam met een weekloon van 34 gulden. Hij is de enige kostwinner voor zijn gezin, bestaande uit een niet-werkende echtgenote en een jong kind. Het volledige loon wordt aan het gezin afgestaan, wat duidt op een budget dat volledig benodigd is voor de dagelijkse behoeften. * **Bureaucratie:** Het formulier getuigt van een gedetailleerde administratieve controle. De kosten voor eigen levensonderhoud (ƒ 6,30) worden specifiek in mindering gebracht op het afgestane bedrag om de feitelijke financiële behoefte van het achterblijvende gezin te bepalen. * **Veld 5:** De gegevens van de gezinsleden zijn met een typemachine ingevuld in een daarvoor bestemd kader, wat suggereert dat dit formulier door een loketambtenaar of administratieve dienst is voorbereid of verwerkt.
Document
Het document is een gedetailleerd formulier uit de periode van de Nederlandse dienstplicht (vermoedelijk eerste helft of midden 20e eeuw). Het doel is om de sociaaleconomische situatie van een dienstplichtige en zijn gezin in kaart te brengen. Centraal staat de vraag of de militaire dienst de financiële stabiliteit van het gezin in gevaar brengt, wat grond zou kunnen zijn voor een tegemoetkoming of vrijstelling. Er wordt specifiek gevraagd naar inkomsten uit beroep, eigen bedrijf (met extra aandacht voor landbouw), inkomsten in natura en de bijdrage van de dienstplichtige aan de gezinsleden (vak 5). De term 'herhalingsoefeningen' in punt 10 wijst erop dat dit formulier ook gebruikt werd voor mannen die hun eerste diensttijd al hadden voltooid.
Officieel aanvraagformulier voor militairen (dienstplichtigen) betreffende kostwinnersvergoeding, uitstel of vrijstelling van opkomst.
Dit formulier diende als bewijsstuk in een procedure waarbij een dienstplichtige probeerde aan te tonen dat zijn militaire dienst een onevenredig zware financiële last voor zijn gezin zou vormen. * **Sociaal-economisch aspect:** De nadruk ligt op de exacte wekelijkse verdiensten en de verdeling van dat geld binnen het gezin. Het gebruik van de term "kostwinnersvergoeding" geeft aan dat de staat een compensatieregeling had voor gezinnen die hun voornaamste inkomstenbron verloren. * **Handgeschreven notities:** De aantekeningen in vak 5 lijken instructies voor de invuller of een korte samenvatting door een ambtenaar. Er wordt specifiek gevraagd naar de rest van de familie (vader, moeder, broers, zussen) en hun inkomsten, om te bepalen of de dienstplichtige werkelijk de enige steunpilaar is. De opmerking `[Steunt de vrouw]` suggereert dat de aanvrager getrouwd is. * **Status van het formulier:** Het formulier is grotendeels oningevuld, wat erop kan wijzen dat dit een kladversie is, een controlelijst voor een gesprek, of dat de procedure in een vroeg stadium is gestaakt.
Ambtelijke notitie / memorandum (handgeschreven).
Het document is een interne werknotitie die de voortgang van een specifiek dossier binnen een gemeentelijke administratie (waarschijnlijk Amsterdam) bijhoudt. De kern van de zaak is een rapport over "moeilijkheden" die een zekere Sijkema ondervindt bij het bezetten van een marktplaats op het Smaleveld. Er wordt geadviseerd om over te gaan op het uitgeven van vaste plaatsen op zowel de Noordermarkt als het Smaleveld. Uit de tekst blijkt een bureaucratisch proces: 1. **Beleidsadvies:** De auteur van de notitie acht vaste plaatsen "mijns inziens" (m.i.) gewenst. 2. **Archiefonderzoek:** Er wordt verwezen naar een "klepper" (een indexkaart of archiefregister) uit 1939, wat duidt op een langer lopend dossier of een precedent. 3. **Bestuurlijke afstemming:** De wethouder wordt geraadpleegd en geeft in principe akkoord, mits er een concreet uitvoeringsplan komt. 4. **Ambtelijke ondersteuning:** Een jurist of hoge ambtenaar (Mr. de Haer) wordt ingeschakeld, die aangeeft dat er al een eerdere studie over dit onderwerp beschikbaar is. De verschillende kleuren inkt en data tonen aan dat dit document gedurende meerdere maanden als "levend" dossierstuk op een bureau heeft gelegen.
Handgeschreven brief (klacht/melding).
In deze brief meldt J. de Groot een onregelmatigheid op de zaterdagmarkt in de Dapperstraat. De strekking van de klacht is dat de heer A. de Groot zijn toegewezen standplaats illegaal overdraagt aan een zekere mevrouw Emrik. De briefschrijver voert aan dat dit problemen veroorzaakt in de opstelling van de kramen: mevrouw Park mag blijkbaar niet naast mevrouw Matteman staan (die een vaste standplaatshoudster is). De schrijver verzoekt de instantie om in te grijpen en wijst erop dat A. de Groot een vergelijkbare overtreding al eerder heeft begaan op de markt in de Westerstraat. Opvallend is dat de melder (J. de Groot) en de beklaagde (A. de Groot) dezelfde achternaam dragen, wat kan wijzen op een familie-vete of een zakelijk conflict binnen de Amsterdamse markthandel. De taal is formeel ("alsdat", "teekent"), maar bevat ook grammaticale eigenaardigheden en een dwingende ondertoon.
Typschrift (waarschijnlijk een doorslag/kopie) van een officiële brief.
Dit document is een kort administratief bericht waarin de ontvangst van een brief van Mevrouw Langezaal wordt bevestigd. De kern van de boodschap is een doorverwijzing: haar verzoek is doorgestuurd naar het specifieke "Verdeelkantoor voor groenten en fruit" dat gevestigd was op de Centrale Markt (waarschijnlijk de Centrale Markthallen in Amsterdam, gezien de referentie "alhier" en de nabijheid van Diemen). De heer J. de Geus wordt genoemd als de verantwoordelijke leider van dat kantoor. Het document getuigt van de bureaucratische afhandeling van verzoeken van burgers tijdens de oorlogsjaren.
Getypte ambtelijke rapportage / advies (doorslag of afschrift).
Dit document betreft een ambtelijk advies over de overdracht van een marktvergunning (erkenning) voor de vishandel. De kern van de zaak is het verzoek van de weduwe Looyen om de visverkoop van haar overleden echtgenoot voort te zetten. **Belangrijkste punten uit de tekst:** 1. **Vakbekwaamheid:** Er wordt benadrukt dat de weduwe uit een vishandelsfamilie (Zwaan) komt en haar man voorheen hielp in zijn winkels. Dit is relevant voor de professionele erkenning. 2. **Persoonlijke uitoefening:** De autoriteiten stellen een strikte voorwaarde: de weduwe moet *persoonlijk* op de markt staan. Dit was een cruciaal onderdeel van het marktbeleid om illegale onderverhuur of 'slapende' vergunningen tegen te gaan. 3. **Locatie:** Er wordt geadviseerd haar de oorspronkelijke plek van haar man in de Albert Cuypstraat te laten innemen. 4. **Hulp van derden:** Hoewel zij zelf moet verkopen, wordt er een concessie gedaan: een van haar zoons mag helpen bij het zware werk, zoals het transport. 5. **Precedent:** De zaak-Sterkenburg wordt genoemd als een vergelijkbare casus die op dezelfde strenge criteria (persoonlijke uitoefening) beoordeeld zal worden. De taal is formeel-ambtelijk met typische archaïsche spelling (visch, noodig, beteekenis) en bevat enkele typefouten ("nuop", "persoonlijkop", "ge val"), wat gebruikelijk was bij handgetypte rapporten op doorslagpapier.
Relevante Archieffragmenten
# TRANSCRIPTIE ? / Hiervan bij contr. Feldhuis en Kroon niets bekend.
# TRANSCRIPTIE aanvoer 14 Dec In Kalestraat Zoetwatervisch (voorw) van A Fonn . a B Fonn en W Ruiter 80p 40p + 40p. aanvoerders A Fonn <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> || Ik heb alleen vink af laten houden van de aanvoerder doch **niet** van de beide andere aanv...
# TRANSCRIPTIE Van nalatigheid van de zijde van de ambtenaren van het Marktwezen, is dan ook geen sprake. GM De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zwem- inrichtingen, (get.) J.J.L. Krak
De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen, (get.) F. VAN MEURS [Handgeschreven in de linker marge:] h. de Boer t.h. Aan den Kooplieden- en Marktkramersbond, "Mercurius", Nieuwe Achtergracht 101, _A L H I E R_ (C). Model G.A. 6 25.000-1-'39 [Handgeschreven rechtsonder:] 20
# TRANSCRIPTIE [<s>Het</s>] [<s>voor</s>] [<s>heb</s>] [<s>mij</s>] was door mij bekend dat C. Zwan enkele keer- per jaar partijtjes zoetwatervisch opkocht. [<s>worden</s>] [<s>Daarbij op de verdeellijst</s>] [<s>voorkomt had ik</s>] [<s>het gewaarschuwd</s>] [<s>dat hij</s>] [<s>als hem</s>] [<s>zo</s>] hij, ingeval hij [<s>voor zijn eigen</s>] [<s>winkel</s>] zoetwatervisch zou koopen en deze o...