Getypte ambtelijke brief of adviesnota.
Origineel
Getypte ambtelijke brief of adviesnota. 13 Juli [jaartal niet expliciet vermeld op deze pagina, vermoedelijk jaren '30 of '40]. 1 13 Juli 9
53/54/2 den Heer Wethouder voor de
Amsterdam. Levensmiddelen
voor, dat een koopman zyn betalingsbewys verliest en dus ge-
durende eenige maanden het entréegeld opnieuw moet betalen,
doch dat hy het daarna terugvindt. De schade blyft dan tot
één of enkele guldens beperkt. Indien het betalingsbewys
inderdaad niet wordt teruggevonden, kan aan het einde van
een kalenderjaar alsnog worden overwogen om den belangheb-
bende, krachtens artikel 36 van de Heffingsverordening, op
gronden van billykheid teruggave van het te veel betaalde
entréegeld toe te staan. Deze teruggave moet dan natuurlyk
alleen worden verleend, indien aannemelyk is, dat het ver-
loren gegane betalingsbewys niet op een of andere wyze is
misbruikt.
Ik heb de eer U te adviseeren den adressant te
doen berichten, dat het niet wenschelyk wordt geacht om de
ten deze bestaande voorschriften te veranderen. Echter kan
aan het einde van dit kalenderjaar worden overwogen om aan
den door adressant bedoelden koopman, D.Espinoza, restitutie
van alsdan te veel betaald entréegeld te verleenen, indien
blykt, dat het betalingsbewys inderdaad definitief verloren
is gegaan.
De Directeur, De tekst betreft een ambtelijk advies over een verzoek van een koopman genaamd D. Espinoza. Deze koopman is zijn bewijs van betaling voor "entréegeld" (waarschijnlijk marktgeld of toegang tot een handelsfaciliteit) kwijtgeraakt en moest dit daarom opnieuw betalen.
De kern van het advies is:
1. De algemene regels worden niet veranderd om dit probleem op te lossen.
2. Er kan aan het einde van het jaar wel een uitzondering worden gemaakt op basis van de "billykheid" (billijkheid/redelijkheid) via artikel 36 van de Heffingsverordening.
3. Er moet wel vaststaan dat er geen misbruik van het verloren bewijs is gemaakt en dat het echt definitief weg is. Dit document is afkomstig uit het archief van de gemeente Amsterdam, specifiek gerelateerd aan de Wethouder voor de Levensmiddelen. De spelling duidt op de periode voor de spellinghervorming van 1947.
De naam D. Espinoza is een typisch Sefardisch-Joodse naam, die veel voorkwam in de Amsterdamse handelswereld. Gezien de focus op marktregels en "levensmiddelen" zou dit document betrekking kunnen hebben op de regulering van de Amsterdamse markten (zoals de Centrale Markthallen) in het interbellum of tijdens de vroege jaren van de Duitse bezetting, waarin bureaucratische procedures rondom Joodse handelaren vaak minutieus werden vastgelegd. De afwijzende houding ten aanzien van regelverandering, maar de opening voor individuele "billijkheid", is kenmerkend voor de toenmalige bestuurscultuur. D. Espinoza Gemeente Amsterdam