Zakelijke correspondentie / Betalingsherinnering.
Origineel
Zakelijke correspondentie / Betalingsherinnering. 1 juni 1939. De Directeur van de Centrale Markt (ondertekend met initialen, mogelijk "H. Rigter"). Den Heer M.J. Smit, Amsteldijk Zuid 202, Amstelveen. [Rechtsboven, handgeschreven:]
H. Rigter [?]
[Linksboven:]
vP/HG.
59/15/3 M.
[Rechtsmidden:]
1 Juni 1939.
den Heer M.J. Smit,
Amsteldijk Zuid 202,
Amstelveen.
Hiermede breng ik U in herinnering, dat U in het kalenderjaar 1937 een tuindersplaats op de Centrale Markt heeft bezet, uit welken hoofde U ƒ 90,- schuldig was. Terzake betaalde U ƒ 31,50, terwijl U, op grond van het feit dat U sedert 1 Augustus 1937 Uw producten veilde, een bedrag van ƒ 37,50 wordt kwijtgescholden.
U is thans nog ƒ 21,- aan mijn dienst schuldig, welk bedrag U uiterlijk 12 Juni 1939 gelieve te betalen door het te storten op Gemeentegirorekening no.74 der Centrale Markt, of bij den kassier te mijnen kantore Jan van Galenstraat 14.
De Directeur, Deze brief is een formele herinnering voor een openstaande schuld uit 1937. De heer M.J. Smit, een tuinder uit Amstelveen, had in dat jaar een staanplaats op de Centrale Markt in Amsterdam. De totale kosten hiervoor bedroegen 90 gulden.
De berekening van het resterende bedrag is als volgt:
* Oorspronkelijke schuld: ƒ 90,00
* Reeds betaald: - ƒ 31,50
* Kwijtschelding: - ƒ 37,50 (vanwege het feit dat hij vanaf 1 augustus 1937 zijn producten via de veiling verkocht)
* Resterend saldo: ƒ 21,00
De toon van de brief is strikt zakelijk en dwingend, met een harde deadline voor betaling (12 juni 1939, slechts elf dagen na dagtekening). De Centrale Markt in Amsterdam (geopend in 1934 aan de Jan van Galenstraat) was destijds het belangrijkste handelscentrum voor groenten, fruit en andere levensmiddelen in de regio. Tuinders uit omliggende gemeenten zoals Amstelveen brachten hun waar hierheen om te verkopen.
De brief dateert van vlak voor de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog. Het gebruik van "ƒ" voor de Nederlandse gulden en de spelling (zoals "welken hoofde" en "mijnen kantore") zijn typerend voor de ambtelijke schrijftaal van die periode. De kwijtschelding suggereert een stimuleringsmaatregel voor tuinders om gebruik te maken van de officiële veilingfaciliteiten op de markt. H. Rigter M.J. Smit
Samenvatting
Deze brief is een formele herinnering voor een openstaande schuld uit 1937. De heer M.J. Smit, een tuinder uit Amstelveen, had in dat jaar een staanplaats op de Centrale Markt in Amsterdam. De totale kosten hiervoor bedroegen 90 gulden.
De berekening van het resterende bedrag is als volgt:
* Oorspronkelijke schuld: ƒ 90,00
* Reeds betaald: - ƒ 31,50
* Kwijtschelding: - ƒ 37,50 (vanwege het feit dat hij vanaf 1 augustus 1937 zijn producten via de veiling verkocht)
* Resterend saldo: ƒ 21,00
De toon van de brief is strikt zakelijk en dwingend, met een harde deadline voor betaling (12 juni 1939, slechts elf dagen na dagtekening).
Historische Context
De Centrale Markt in Amsterdam (geopend in 1934 aan de Jan van Galenstraat) was destijds het belangrijkste handelscentrum voor groenten, fruit en andere levensmiddelen in de regio. Tuinders uit omliggende gemeenten zoals Amstelveen brachten hun waar hierheen om te verkopen.
De brief dateert van vlak voor de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog. Het gebruik van "ƒ" voor de Nederlandse gulden en de spelling (zoals "welken hoofde" en "mijnen kantore") zijn typerend voor de ambtelijke schrijftaal van die periode. De kwijtschelding suggereert een stimuleringsmaatregel voor tuinders om gebruik te maken van de officiële veilingfaciliteiten op de markt.