Handgeschreven ambtelijke notitie/memorandum op een gedrukt formulier ("Bijblad").
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie/memorandum op een gedrukt formulier ("Bijblad"). 22/8 (vermoedelijk 1939, gezien de voorgedrukte jaartal-aanduiding). [Gedrukt kader linksboven:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 62/7/1 1939
DOORGEZONDEN: 22/8
[Handgeschreven rechtsboven:]
mi. Hr. Sijpkens [?]
Hr Junkman.
[Body tekst:]
Grossiers werden reeds twee maal gewaarschuwd
tegen ondeskundige behandeling
Verder herhaaldelijk mondeling aan grossiers
aanwijzingen gegeven omtrent behandeling
vellen.
Het uitreiken van schriftelijke voorschriften
aan huurders lijkt mij wel gewenscht.
~~(hierbij tevens concept brieven bijgevoegd)~~ [doorgehaald]
~~Het geven van inlichtingen...~~ [doorgehaald]
~~omtrent het aantal vellen...~~ [doorgehaald]
omtrent invoering strafbepalingen m.i.
informatie inwinnen omtrent doelmatigheid
bij Abattoir waar dergelijke bepalingen schijnen
te bestaan.
(opbrengst "boetes" 1938 abattoir
f 390.-)
[Gedrukte tekst linksonder:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 De tekst is een intern advies of voortgangsrapportage binnen een gemeentelijke of provinciale afdeling (Algemene Zaken). De kern van de zaak is de ondeskundige behandeling van "vellen" (dierenhuiden) door grossiers en huurders op het terrein van een abattoir.
Er is een duidelijke escalatie zichtbaar in de aanpak:
1. Waarschuwingen: Grossiers zijn al tweemaal officieel gewaarschuwd.
2. Mondelinge instructies: Er zijn herhaaldelijk aanwijzingen gegeven over de juiste werkwijze.
3. Formalisering: De schrijver stelt voor om over te gaan op schriftelijke voorschriften voor de huurders.
4. Sancties: Men overweegt de invoering van "strafbepalingen" (boetes). Om de haalbaarheid hiervan te toetsen, wil de auteur informatie inwinnen bij een ander abattoir waar dit al gebruikelijk is. Als bewijs van de effectiviteit (of de inkomstenbron) wordt vermeld dat de boete-opbrengst daar in 1938 fl. 390,- bedroeg. Het document dateert van augustus 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In die tijd waren abattoirs vaak gemeentelijke nutsbedrijven waar strikte regels golden voor hygiëne en de verwerking van restproducten zoals huiden. De huidenhandel was een economisch belangrijke sector; ondeskundige behandeling leidde tot waardeverlies. De genoemde fl. 390,- aan boetes was voor die tijd een aanzienlijk bedrag (ter vergelijking: een gemiddeld maandloon lag rond de fl. 100,- à fl. 150,-). De ambtelijke voorzichtigheid ("informatie inwinnen omtrent doelmatigheid") duidt op een gedegen besluitvormingsproces voordat overgegaan wordt op geldboetes. M. No