Administratieve notitie / intern memo.
Origineel
Administratieve notitie / intern memo. 10 februari 1939 (besluit B&W) tot 10 maart 1939 (laatste aantekening). L. Kloots, Hofmeyerstraat 21. Stad
Na ontbinding van het huurcontract betreffende
pakhuis P 9 per 1 Dec 1938, krachtens
besluit van B.W. van 10-2-1939 no 128 4N
is van L. Kloots nog te vorderen
f 5.50.
restant plaatsgeld maand Juni 1938.
Volgens mededeeling van den heer
Moene is Kloots intusschen overleden.
Moeten de erfgenamen
van Kloots nu aangemaand tot
betaling van bovengenoemde schuld?
[Linker marge:]
3/3 '39
[Paraaf]
[Midden:]
1
64/3/4 [in rood]
7/3-'39 [Paraaf]
[Onderaan:]
Vrouw heeft steun
m.i. schuld niet inbaar
dus afschrijven
[Paraaf] 10/3 - '39
[Rechtsonder:]
Aanmaning aan erfgenamen is geschied.
Opb [Paraaf]
10-3-39 Het document betreft een interne correspondentie van een gemeentelijke dienst (waarschijnlijk de Dienst der Publieke Werken of de belastingdienst van de gemeente Amsterdam). Het gaat om een geringe schuld van fl. 5,50 aan "plaatsgeld" (huur voor een standplaats of pakhuis) voor pakhuis P9.
De administratieve gang van zaken is als volgt:
1. Vaststelling schuld: Er wordt geconstateerd dat L. Kloots na de opzegging van het huurcontract nog een bedrag verschuldigd is.
2. Overlijden: Men verneemt dat de schuldenaar is overleden. De ambtenaar vraagt zich af of de erfgenamen aangesproken moeten worden.
3. Sociaal onderzoek: Er wordt genoteerd dat de weduwe "steun" geniet (de toenmalige vorm van bijstand).
4. Besluit: Vanwege de armoede van de weduwe wordt geadviseerd de schuld als "niet inbaar" te beschouwen en deze af te schrijven.
5. Conflict in uitvoering: Ondanks het advies tot afschrijving, staat rechtsonder genoteerd dat de aanmaning aan de erfgenamen al is verzonden op 10 maart 1939. Dit document biedt een inkijkje in de ambtelijke molens van de late jaren dertig in Nederland, vlak voor de Tweede Wereldoorlog. Het illustreert de strikte boekhouding waarbij zelfs voor een klein bedrag van fl. 5,50 (tegenwoordig ongeveer 50 tot 60 euro aan koopkracht) een uitgebreide procedure werd gevolgd.
Tevens toont het de sociale realiteit van die tijd: de term "steun" verwijst naar de karige sociale voorzieningen tijdens de economische crisis. Het feit dat een ambtenaar adviseert de schuld af te schrijven omdat de weduwe in de steun zit, getuigt van een zekere mate van pragmatisch mededogen binnen de bureaucratie, hoewel de feitelijke aanmaning blijkbaar al de deur uit was voordat de afschrijving administratief was verwerkt.