Handgeschreven brief (formele correspondentie).
Origineel
Handgeschreven brief (formele correspondentie). 11 maart 1939. Weduwe R. Kloots-Druijf, namens de erven van L. Kloots. De Heer Directeur van het Marktwezen te Amsterdam. Nº 64/3/s M. 1939 1/3 [stempel/handgeschreven]
Amsterdam 11 Maart 1939.
Aan den Heer Directeur van het Marktwezen
te Amsterdam.
M.
Naar aanleiding van Uw geëerd schrijven
d.d. 7-3-’39, deelt ondergetekende mede dat
wijlen L. Kloots tengevolge zijner langdurige ziekte
geen middelen heeft nagelaten.
Behalve deze zijn er meerdere schulden.
Het gezin verkeert in behoeftige omstandigheden
en wordt bedeeld door Maatschappelijk Steun.
en dus onmachtig tot betaling.
Hoogachtend.
Namens de erven.
Hofmeyerstraat 21 I
Amsterdam. O.
Wed R Kloots Druijf
[Aantekening linkerzijde:]
7 Maart 1939
64/3/4. M. * Taal en Stijl: De brief is geschreven in formeel, enigszins afstandelijk Nederlands, kenmerkend voor de vooroorlogse periode. De schrijfster hanteert de beleefdheidsvormen ("Uw geëerd schrijven", "ondergetekende") om een precaire situatie uit te leggen.
* Inhoud: De weduwe reageert op een betalingsverzoek (waarschijnlijk marktgelden of leges) van de gemeente Amsterdam. Zij legt uit dat er geen erfenis is omdat haar overleden echtgenoot, L. Kloots, langdurig ziek was. Integendeel, er zijn schulden en het gezin leeft van de steun.
* Paleografie: Het handschrift is een vlot, goed leesbaar cursief. Opvallend is het gebruik van de Romeinse 'I' bij het huisnummer om de eerste verdieping aan te duiden.
* Administratieve sporen: De brief bevat diverse classificatiecodes (zoals 64/3/s) die erop wijzen dat dit document deel uitmaakte van een georganiseerd gemeentelijk archiefsysteem. Dit document biedt een inkijkje in de sociaaleconomische realiteit van Amsterdam aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. De Hofmeyerstraat ligt in de Transvaalbuurt in Amsterdam-Oost, een wijk die in die tijd een sterke Joodse populatie kende en waar veel armoede heerste als gevolg van de economische crisis van de jaren '30.
De term "Maatschappelijk Steun" verwijst naar de destijds geldende vorm van bijstand. De brief illustreert hoe de dood van een kostwinner, zeker na een ziekbed, een gezin direct in de diepe armoede kon storten, waarbij men voor basisbehoeften afhankelijk werd van de gemeente. Het document is waarschijnlijk bewaard gebleven in het archief van de Dienst Marktwezen als bewijs voor oninbare vorderingen. L. Kloots M. Gemeente Amsterdam Marktwezen
Samenvatting
- Taal en Stijl: De brief is geschreven in formeel, enigszins afstandelijk Nederlands, kenmerkend voor de vooroorlogse periode. De schrijfster hanteert de beleefdheidsvormen ("Uw geëerd schrijven", "ondergetekende") om een precaire situatie uit te leggen.
- Inhoud: De weduwe reageert op een betalingsverzoek (waarschijnlijk marktgelden of leges) van de gemeente Amsterdam. Zij legt uit dat er geen erfenis is omdat haar overleden echtgenoot, L. Kloots, langdurig ziek was. Integendeel, er zijn schulden en het gezin leeft van de steun.
- Paleografie: Het handschrift is een vlot, goed leesbaar cursief. Opvallend is het gebruik van de Romeinse 'I' bij het huisnummer om de eerste verdieping aan te duiden.
- Administratieve sporen: De brief bevat diverse classificatiecodes (zoals 64/3/s) die erop wijzen dat dit document deel uitmaakte van een georganiseerd gemeentelijk archiefsysteem.
Historische Context
Dit document biedt een inkijkje in de sociaaleconomische realiteit van Amsterdam aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. De Hofmeyerstraat ligt in de Transvaalbuurt in Amsterdam-Oost, een wijk die in die tijd een sterke Joodse populatie kende en waar veel armoede heerste als gevolg van de economische crisis van de jaren '30.
De term "Maatschappelijk Steun" verwijst naar de destijds geldende vorm van bijstand. De brief illustreert hoe de dood van een kostwinner, zeker na een ziekbed, een gezin direct in de diepe armoede kon storten, waarbij men voor basisbehoeften afhankelijk werd van de gemeente. Het document is waarschijnlijk bewaard gebleven in het archief van de Dienst Marktwezen als bewijs voor oninbare vorderingen.