Handgeschreven concept of ambtelijke notitie.
Origineel
Handgeschreven concept of ambtelijke notitie. [Links bovenin staat in een cirkel het cijfer 5 geschreven]
deze opvatting deelde ik U mede, dat uit een desbetreffende
[doorgehaald: vooral] onderzoek is gebleken, dat de meerderheid
der [doorgehaald: vaste]-plaatshouders op de markten hier ter stede
slechts op één enkele markt een plaats bezetten.
De van de zijde der marktkooplieden-organisaties bij
herhaling geuite bewering, dat het marktgeld hier ter stede
in werkelijkheid voor de kooplieden belangrijk hooger is,
omdat zij genoodzaakt zijn op meer dan één markt
een plaats te bezetten, wordt door het vorenbedoelde
onderzoek niet bevestigd. Bijgaande staat No IV [geschreven over III] geeft
hiervan een beeld. [doorgehaald: Hij wijst in de richting van ... ]
Weliswaar mag hiermee niet zonder meer de conclusie
worden getrokken, dat de meerderheid der Amsterdamsche
kooplieden op één enkele markt hun [doorgehaald: bestaan]
[doorgehaald: vinden] kunnen vinden — neveninkomsten en
bezoek van [doorgehaald: buiten] markten buiten Amsterdam spelen hier
ook een rol — desniettemin wijst bijgaande staat
wel in de evenbedoelde richting. Nadere gegevens
worden hieromtrent nog verzameld.
S.D. Het document is een ambtelijk schrijven of een voortgangsrapportage over een sociaal-economisch onderzoek naar de Amsterdamse marktsector. De kern van de tekst is een weerlegging van een klacht van marktkooplieden-organisaties. Deze organisaties stelden dat het "marktgeld" (de belasting of huur voor een staplaats) te hoog was, omdat kooplieden gedwongen zouden zijn op meerdere markten tegelijk te staan om het hoofd boven water te kunnen houden.
Uit de tekst blijkt dat een statistisch onderzoek (verwijzend naar "Staat No. IV") aantoont dat de meeste plaatshouders in werkelijkheid slechts op één markt staan. De auteur plaatst echter een nuance: het feit dat men op één markt staat, betekent niet automatisch dat men daar een volledig inkomen uit genereert. Er wordt gewezen op neveninkomsten en handel op markten buiten de stadsgrenzen. Het document ademt een voorzichtige, objectieve sfeer uit ("Nadere gegevens worden hieromtrent nog verzameld"). Dit document past in de context van de regulering van de Amsterdamse markten in de eerste helft of het midden van de 20e eeuw. In deze periode trachtte het gemeentebestuur de marktsector te rationaliseren en de inkomsten uit marktgeld te rechtvaardigen tegenover de belangenorganisaties van kooplieden. De discussie over de hoogte van staangelden en de economische levensvatbaarheid van de ambulante handel was in die tijd een terugkerend thema in de Amsterdamse gemeentepolitiek. De initialen "S.D." zouden kunnen verwijzen naar een inspecteur of een hoge ambtenaar van de Dienst der Markten.