Ambtelijk concept-rapport/brief.
Origineel
Ambtelijk concept-rapport/brief. 24 februari 1940. N.B.: Tussen vierkante haken [ ] staan doorgehaalde teksten of toevoegingen in de kantlijn/boven de regel.
A’dam 24 Februari 1940
Concept
MNr [rood: SA/44/2 M]
Aanstelling van een typist op arbeidscontract.
W.A.U.
In mijn rapport d.d. 8 September 1939 (No. SA/86/4 M) deelde ik U mede, dat van het administratieve personeel, werkzaam op het hoofdkantoor van het Marktwezen, de hoofdclerk Van Duinhoven en de bureauambtenaar De Vries zijn gemobiliseerd, terwijl hun werk zoveel mogelijk door andere administratieve ambtenaren wordt waargenomen. Tot hun vervanging werd dan ook voorloopig alleen een jeugdige typist op arbeidscontract aangesteld.
Een belangrijk deel van hun werk wordt [tot nu toe] waargenomen door den klerk-kassier van de Vischmarkt en door een schrijver, die anders [doorgehaald: een] gedurende de helft van zijn werktijd op de Vischmarkt werkzaam is. (vide vervolgblad 1 van mijn rapport d.d. 24 Jan. j.l. No. SA/25/1 M). In de aanstaande voorjaars- en zomermaanden kunnen de bedoelde ambtenaren echter onmogelijk op de Vischmarkt worden gemist, niet alleen omdat dan de vacanties moeten worden verleend, maar in de voornaamste plaats, omdat de aanvoer ter Vischmarkt [in het voorjaar en] des zomers belangrijk grooter is dan des winters. [doorgehaald: en reeds thans – naar de feitelijke – buitengewone toevoer te duchten (?) – nauwelijks voldoende personeel op de Vischmarkt werkzaam is.]
Daarbij komt, dat in normale tijden ook de marktopzichter Beenting, des zomers op het hoofdkantoor werkt, ter vervanging [doorgehaald: tijdens] de vacanties van den klerk die de boekhouding assisteert en van den kassier. Ook Beenting is gemobiliseerd; [doorgehaald: zijn werk, speciaal in de zomermaanden] zijn werk zal door den klerk-kassier van de [onderaan: bovenbedoelde] ... Het document is een concept-verslag waarin de personele nood op het Amsterdamse hoofdkantoor van het "Marktwezen" wordt besproken. Door de Nederlandse mobilisatie (die in augustus 1939 begon) zijn twee vaste krachten (Van Duinhoven en De Vries) weggevallen voor militaire dienst.
De kern van het betoog is dat de huidige tijdelijke oplossing — het inzetten van personeel van de vismarkt — niet houdbaar is in de lente- en zomermaanden. De redenen hiervoor zijn:
1. De jaarlijkse vakantieperiode van het overgebleven personeel.
2. De seizoensgebonden drukte op de vismarkt (hogere aanvoer in het voorjaar/zomer).
3. Het feit dat ook de reservekracht (marktopzichter Beenting) gemobiliseerd is.
De schrijver bereidt hiermee de argumentatie voor om een extra typist op arbeidscontract aan te mogen nemen om de continuïteit van de administratie te waarborgen. Dit document stamt uit de periode van de "Phoney War" (de Schemeroorlog), enkele maanden voor de Duitse inval in Nederland in mei 1940. Nederland was sinds de nazomer van 1939 gemobiliseerd om de neutraliteit te bewaken. Dit had enorme gevolgen voor de civiele maatschappij: veel vitale functies bij de overheid en in het bedrijfsleven bleven onderbezet omdat mannen tussen de 20 en 35 jaar in de kazernes of aan de linies (zoals de Grebbelinie) lagen.
In Amsterdam beheerde de afdeling "Marktwezen" de diverse markten (zoals de Centrale Markthallen en de Vischmarkt). De logistiek van de voedselvoorziening was cruciaal, zeker in oorlogstijd, waardoor de personele bezetting van deze diensten een prioriteit was voor de gemeente. Het document illustreert de bureaucratische strijd om mankracht in een tijd van nationale crisis.