Officieel schrijven/circulaire van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Officieel schrijven/circulaire van de Gemeente Amsterdam. 24 september 1940. Gemeente Amsterdam (College van B&W/Wethouder voor Arbeidszaken). G E M E E N T E A M S T E R D A M
No 1302 b Arb. 1940
2 bylagen [handgeschreven]
AMSTERDAM, 24 September 1940.
In aansluiting op het rondschryven van den Wethouder voor de Arbeidszaken van 3 September 1940, No 1302 Arb., deelen wy U mede, dat wy, na kennisneming van de door de diensthoofden uitgebrachte rapporten in zake het regelen van den werktyd van het personeel in de komende wintermaanden, van meening zyn, dat het niet wel mogelyk en ook niet wenschelyk is, voor den werktyd van het personeel een uniforme regeling vast te stellen, doch dat wy volstaan moeten met het aangeven van een leidraad, welke door de diensthoofden by de regeling van den werktyd van het personeel, werkzaam in den zgn. dagdienst, in acht ware te nemen.
Deze leidraad volgt hieronder:
I met het oog op de bezwaren van een verduistering, geheel overeenkomstig de bestaande voorschriften en de daaraan verbonden kosten, dient de verduistering van de werklokalen alleen plaats te hebben, indien een goede gang van den dienst arbeid vóór zonsopgang en/of nà zonsondergang noodzakelyk maakt;
II voor het verrichten van noodzakelyk overwerk dient, zoo noodig, een lokaal verduisterd te worden;
III de werktyd mag niet aanvangen vóór zonsopgang en niet eindigen nà zonsondergang; in bylage A zyn de tydstippen van zonsopgang en van zonsondergang vermeld;
IV wyziging van de werktydregeling mag er niet toe leiden, dat over een aantal weken gemiddeld minder dan 41 ½ uur door de administratieve ambtenaren en 48 uur door de werklieden en de ambtenaren, wier werktyd gelyk is aan die der werklieden, wordt gewerkt;
V de onderbreking van den werktyd voor het nuttigen van de boterham mag, behoudens een hooge uitzondering, in totaal niet meer en niet minder bedragen dan ½ uur;
VI indien in eenige week de werktyd van 41 ½ resp. 48 uur niet kan worden bereikt, moet de werktyd in een aantal daarop aansluitende weken zoodanig worden opgevoerd, dat in die weken het aantal uren, dat minder is gewerkt, wordt gecompenseerd door den werktyd op Maandag t/m Vrydag te verlengen; tot verlenging van den werktyd op Zaterdag ware alleen in de uiterste noodzakelykheid en met toestemming van ons College over te gaan;
VII in verband met het bepaalde sub VI is, zoowel voor het personeel, dat niet en dat wel onder de Arbeidswet valt, rekening te houden met het besluit van het waarnemend Hoofd van het Departement van Sociale Zaken, van 4 September 1940, No 3287 afd. Arbeid, hetwelk in afschrift hierby gaat (bylage B);
VIII indien by eenigen dienst het personeel binnen den normalen werktyd op een dag een bepaalde taak is opgedragen en diezelfde taak door hem wordt verricht in den verkorten werktyd op een dag gedurende de wintermaanden, dan blyft het bepaalde sub VI buiten toepassing;
Aan Heeren Hoofden van Diensten,
Bedryven en Administratiën. Het document bevat richtlijnen voor de werktijden van het gemeentepersoneel in Amsterdam tijdens de wintermaanden van 1940-1941. De kern van de regeling is dat er zoveel mogelijk gewerkt moet worden bij daglicht. De belangrijkste punten zijn:
- Beperking van de verduistering: Vanwege de kosten en praktische bezwaren wil de gemeente vermijden dat werkplekken kunstmatig verduisterd moeten worden. Werktijden worden daarom idealiter beperkt tot de uren tussen zonsopgang en zonsondergang.
- Handhaving van arbeidsduur: Ondanks de kortere dagen moet het gemiddelde aantal werkuren (41,5 voor administratie, 48 voor werklieden) gehaald worden. Indien dit in de winter niet lukt, moeten deze uren later (door de week) worden ingehaald.
- Efficiëntie: Er wordt een strikte lunchpauze van exact een half uur voorgeschreven. Artikel VIII suggereert dat wanneer hetzelfde werk in minder tijd kan worden gedaan (taakgericht werken), de compensatieregeling niet geldt. Dit document is opgesteld in september 1940, slechts enkele maanden na de start van de Duitse bezetting van Nederland. De nadruk op "verduistering" (black-out) is direct gerelateerd aan de oorlogssituatie. Steden moesten 's nachts volledig donker zijn om te voorkomen dat geallieerde bommenwerpers zich konden oriënteren.
Het aanpassen van de werktijden aan het daglicht was een pragmatische oplossing van het gemeentebestuur om zowel de veiligheidsvoorschriften van de bezetter na te leven als te besparen op de kosten van verduisteringsmaterialen en kunstlicht. Het toont aan hoe de oorlogssituatie onmiddellijk invloed had op de dagelijkse administratieve en logistieke organisatie van de stad. Gemeente Amsterdam