Archief 745
Inventaris 745-310
Pagina 421
Dossier 55
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte circulaire/mededeling.

10 oktober 1940. Van: Molestfonds Gemeentepersoneel, Amsterdam.

Origineel

Getypte circulaire/mededeling. 10 oktober 1940. Molestfonds Gemeentepersoneel, Amsterdam. MOLESTFONDS GEMEENTEPERSONEEL.

RAADHUIS KAMER 28 - . - . - . - . - . - . - . - . - GEMEENTEGIRO M.6300.

No.12 M.G. Amsterdam, 10 October 1940.

Aan de leden en adspirantleden van het
"Molestfonds - Gemeentepersoneel";
(ter circulatie onder het gemeentepersoneel).

Het door het Comité van Voorbereiding genomen initiatief tot oprichting van het bovengenoemde Fonds, heeft bij een groot deel van het gemeentepersoneel, warme instemming ontmoet, zoodat reeds kort nadat de circulaire was verspreid, het gestelde minimum aantal leden was bereikt. Derhalve staat thans vast, dat de oprichting van het Fonds doorgang zal vinden; het eerste boekjaar loopt over het tijdvak 1 October 1940 - 1 October 1941.

Op grond hiervan is de mogelijkheid tot aanmelding onbeperkt verlengd.

Ieder, die zich derhalve heeft aangemeld, kan zich binnen de grenzen, genoemd in meerbedoelde circulaire, voor materieele schade beveiligd achten.

Ten einde de belangen der deelnemers zooveel mogelijk te verzekeren, is besloten aan het Fonds, rechtspersoonlijkheid (namelijk die van een onderlinge waarborgmaatschappij) te geven.

De statuten zijn inmiddels vastgesteld. De uitwerking daarvan, bij reglement, is ter hand genomen door een Algemeen Bestuur, bestaande uit leden van de onderscheidene diensttakken. Zoodra een en ander gereed is, zal met de verzending der bewijzen van lidmaatschap een aanvang gemaakt worden. Tegelijkertijd zal dan mededeeling worden gedaan van de statuten en het reglement.

In verband met de beschikbare plaatsruimte, is het niet mogelijk deze stukken, voor zooveel zij reeds gereed zijn, in zijn geheel op te nemen.

De oplossing die gekozen is voor enkele punten, ten aanzien waarvan de meeste vragen gesteld zijn, is de volgende:

a. Kostwinners zijn mede verzekerd voor de eigendommen van hen, voor wie zij onderhoudsplichtig zijn, in de mate waarin hun onderhoudsplicht strekt;

b. Indien meerdere personen, in gezinsverband samenlevende, tot toetreding zijn gerechtigd, is één bijdrage verschuldigd, berekend naar de som hunner jaarlijksche inkomens. In dit geval wordt niet meer dan het maximum voor 1 lid uitgekeerd;

c. Eigendommen, die niet in het door het lid bewoonde pand zijn opgeslagen, zijn mede verwaarborgd.
Indien een of meerdere personen, bedoeld onder b., aanspraak willen maken op verwaarborging hunner elders opgeslagen eigendommen, dienen deze personen afzonderlijk als lid toe te treden;

d. Gepensionneerden (voor zoover in dienst van de Gemeente geweest) kunnen als lid toetreden;

e. Ten behoeve van een behoorlijke risico-spreiding, zal toetreding van overheidspersoneel uit andere deelen des lands, (met uitsluiting van bepaalde gebieden) worden geopend. Deze circulaire bevestigt dat het "Molestfonds - Gemeentepersoneel" in Amsterdam officieel van start gaat omdat het vereiste minimumaantal leden is gehaald. Het fonds fungeert als een onderlinge waarborgmaatschappij met rechtspersoonlijkheid.

De brief verduidelijkt enkele administratieve en verzekeringstechnische punten:
* Dekking: Het fonds dekt materiële schade (molest). Kostwinners verzekeren hun gezinsleden mee.
* Contributie: Gezinnen betalen één bijdrage gebaseerd op het gezamenlijk inkomen, maar de uitkering is gemaximeerd.
* Opslag: Goederen buitenshuis zijn ook gedekt, mits onder bepaalde voorwaarden.
* Doelgroep: Ook gepensioneerde gemeenteambtenaren mogen deelnemen.
* Risicobeheer: Om het financiële risico te spreiden, mogen ook ambtenaren van buiten Amsterdam (met uitzonderingen) lid worden. Het document is gedateerd op 10 oktober 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Een 'molestfonds' was in die tijd essentieel omdat reguliere schadeverzekeringen oorlogsschade (molest) meestal uitsloten van dekking.

Door de onzekere situatie en de dreiging van luchtaanvallen of andere oorlogshandelingen, zochten werknemers collectieve manieren om zich in te dekken tegen financieel verlies door verwoesting van hun eigendommen. Dat het fonds werd beheerd vanuit het Raadhuis (destijds aan de Oudezijds Voorburgwal) en gebruikmaakte van de gemeentegiro, toont de nauwe verwevenheid met het officiële Amsterdamse stadsbestuur aan. De uitbreiding naar landelijk overheidspersoneel (punt e) wijst op een groeiende behoefte aan financiële solidariteit onder ambtenaren tijdens de bezettingsjaren.

Samenvatting

Deze circulaire bevestigt dat het "Molestfonds - Gemeentepersoneel" in Amsterdam officieel van start gaat omdat het vereiste minimumaantal leden is gehaald. Het fonds fungeert als een onderlinge waarborgmaatschappij met rechtspersoonlijkheid.

De brief verduidelijkt enkele administratieve en verzekeringstechnische punten:
* Dekking: Het fonds dekt materiële schade (molest). Kostwinners verzekeren hun gezinsleden mee.
* Contributie: Gezinnen betalen één bijdrage gebaseerd op het gezamenlijk inkomen, maar de uitkering is gemaximeerd.
* Opslag: Goederen buitenshuis zijn ook gedekt, mits onder bepaalde voorwaarden.
* Doelgroep: Ook gepensioneerde gemeenteambtenaren mogen deelnemen.
* Risicobeheer: Om het financiële risico te spreiden, mogen ook ambtenaren van buiten Amsterdam (met uitzonderingen) lid worden.

Historische Context

Het document is gedateerd op 10 oktober 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Een 'molestfonds' was in die tijd essentieel omdat reguliere schadeverzekeringen oorlogsschade (molest) meestal uitsloten van dekking.

Door de onzekere situatie en de dreiging van luchtaanvallen of andere oorlogshandelingen, zochten werknemers collectieve manieren om zich in te dekken tegen financieel verlies door verwoesting van hun eigendommen. Dat het fonds werd beheerd vanuit het Raadhuis (destijds aan de Oudezijds Voorburgwal) en gebruikmaakte van de gemeentegiro, toont de nauwe verwevenheid met het officiële Amsterdamse stadsbestuur aan. De uitbreiding naar landelijk overheidspersoneel (punt e) wijst op een groeiende behoefte aan financiële solidariteit onder ambtenaren tijdens de bezettingsjaren.

Kooplieden in dit dossier 100

A.W. Rijvordt Waterlooplein
A.W. Rijvordt Waterlooplein
Besparing te stellen op Waterlooplein
Besparing te stellen op Waterlooplein
B.F. Peyra Waterlooplein
B.F. Peyra Waterlooplein
C. Bakker 1 Jan. 1940
C.G. de Vries Waterlooplein
C.G. de Vries Waterlooplein
C.F. Sixma Waterlooplein
C.F. Sixma Waterlooplein
C. Hoevers Waterlooplein
C.J. van Moerkerken Waterlooplein
C.J. van Moerkerken Waterlooplein
C.J.L. Lak Waterlooplein
C.J.L. Lak Waterlooplein
C.Müller Waterlooplein
C.Müller Waterlooplein
C. Paats Waterlooplein
C. Paats Waterlooplein
C. Veerman Waterlooplein
C. Veerman Waterlooplein
D.H.V. Schiermeier Waterlooplein
D.H.V. Schiermeier Waterlooplein
Dr. A.v.d. Laan Waterlooplein
Dr. A.v.d. Laan Waterlooplein
E.J. Stegeman Waterlooplein
F.A. Uitvlugt Waterlooplein
F.A. Uitvlugt Waterlooplein
F. de Vries Waterlooplein
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6