Typoscript (doorslag/carbonkopie van een uitgaande brief).
Origineel
Typoscript (doorslag/carbonkopie van een uitgaande brief). 4 november 1940. De Directeur (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentelijke instantie, zoals de Marktwezen of Publieke Werken). De Secretaris van de Marktkoopliedenvereeniging "Vooruitgang Zij Ons Doel". [Handgeschreven rechtsboven]: extra
[Adresblok]:
den Heer Secretaris van de Marktkoop-
liedenvereeniging "Vooruitgang Zij Ons
Doel".,
Wijttenbachstraat 61,
Amsterdam-Oost. Wijk 18.
[Kenmerk en datum]:
15/8/2 M. 4 November 1940.
[Inhoud]:
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 22 October jl. bericht
ik U, dat dezerzijds geen bezwaar bestaat om aan het door U gedane
verzoek te voldoen.
[Ondertekening]:
De Directeur, * Vorm: Het betreft een uiterst kort en zakelijk administratief schrijven. Het feit dat het op dun papier is getypt zonder briefhoofd, wijst erop dat dit een doorslag (archiefkopie) is van de originele brief die is verzonden.
* Inhoud: De brief is een positieve beschikking op een verzoek dat op 22 oktober 1940 door de vereniging was ingediend. De aard van het verzoek wordt in deze brief niet gespecificeerd, wat gebruikelijk was in korte begeleidende brieven waarbij het dossiernummer (15/8/2 M.) naar de details verwees.
* Taalgebruik: Het taalgebruik is formeel en ambtelijk ("dezerzijds", "geen bezwaar bestaat", "jl." voor jongstleden).
* Organisatie: De geadresseerde vereniging, "Vooruitgang Zij Ons Doel", was een van de belangenorganisaties voor Amsterdamse markthandelaren, gevestigd in de Dapperbuurt (Wijttenbachstraat). * Historische periode: De brief is gedateerd op 4 november 1940, ruim zes maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland.
* Bestuurlijke continuïteit: Het document illustreert de voortgang van de reguliere gemeentelijke bureaucreatie tijdens de vroege fase van de bezetting. Terwijl de politieke top veranderde, bleven de lagere ambtelijke molens voor alledaagse zaken (zoals marktvergunningen of verzoeken van verenigingen) in eerste instantie op de oude voet doorwerken.
* Betekenis: Voor markthandelaren was 1940 een jaar van grote onzekerheid. Kort na deze datum zouden de maatregelen van de bezetter tegen Joodse markthandelaren steeds nijpender worden, wat uiteindelijk leidde tot hun uitsluiting van de markten in 1941. Hoewel deze specifieke brief een neutraal, positief antwoord bevat, maakt hij deel uit van het administratieve archief dat de regulering van het openbare leven in oorlogstijd vastlegt. Marktwezen Publieke Werken
Samenvatting
- Vorm: Het betreft een uiterst kort en zakelijk administratief schrijven. Het feit dat het op dun papier is getypt zonder briefhoofd, wijst erop dat dit een doorslag (archiefkopie) is van de originele brief die is verzonden.
- Inhoud: De brief is een positieve beschikking op een verzoek dat op 22 oktober 1940 door de vereniging was ingediend. De aard van het verzoek wordt in deze brief niet gespecificeerd, wat gebruikelijk was in korte begeleidende brieven waarbij het dossiernummer (15/8/2 M.) naar de details verwees.
- Taalgebruik: Het taalgebruik is formeel en ambtelijk ("dezerzijds", "geen bezwaar bestaat", "jl." voor jongstleden).
- Organisatie: De geadresseerde vereniging, "Vooruitgang Zij Ons Doel", was een van de belangenorganisaties voor Amsterdamse markthandelaren, gevestigd in de Dapperbuurt (Wijttenbachstraat).
Historische Context
- Historische periode: De brief is gedateerd op 4 november 1940, ruim zes maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland.
- Bestuurlijke continuïteit: Het document illustreert de voortgang van de reguliere gemeentelijke bureaucreatie tijdens de vroege fase van de bezetting. Terwijl de politieke top veranderde, bleven de lagere ambtelijke molens voor alledaagse zaken (zoals marktvergunningen of verzoeken van verenigingen) in eerste instantie op de oude voet doorwerken.
- Betekenis: Voor markthandelaren was 1940 een jaar van grote onzekerheid. Kort na deze datum zouden de maatregelen van de bezetter tegen Joodse markthandelaren steeds nijpender worden, wat uiteindelijk leidde tot hun uitsluiting van de markten in 1941. Hoewel deze specifieke brief een neutraal, positief antwoord bevat, maakt hij deel uit van het administratieve archief dat de regulering van het openbare leven in oorlogstijd vastlegt.