Administratieve registratiekaart / Oproepingskaart.
Origineel
Administratieve registratiekaart / Oproepingskaart. Naam v. d. opgeroepene: M. de Vries ( Moerplein )
Opgeroepen op: dag 6/11 tusschen 9 ½ en 12
of op: dag 8/11 tusschen 9 en 10
Artikel 11 b/c datum van ingang: 13-1-'40 (13-7-40)
Gesproken met: [leeg]
Opgekomen: [leeg]
Aanteekeningen: Reeds opgeroepen p 10/7 '40; aantekening van 10/7 '40 zoek geraakt.
Opmerkingen betrokkene: [leeg]
Advies: Aan oproeping geen gevolg gegeven, intrekken.
Handgeschreven paraaf: deHaer 8-11-'40
Accoord, De Directeur, [Onleesbare handtekening] Dit document is een administratieve kaart betreffende de oproeping van een individu, de heer of mevrouw M. de Vries, woonachtig aan het Moerplein (waarschijnlijk in Den Haag).
- Wetgeving: Er wordt verwezen naar "Artikel 11 b/c", wat waarschijnlijk duidt op een specifieke bepaling uit de Dienstplichtwet of een verwante verordening betreffende arbeidsinzet of militaire zaken.
- Administratieve fout: Uit de aanteekeningen blijkt dat er sprake was van een administratieve onvolkomenheid; een eerdere notitie van juli 1940 was "zoek geraakt", waardoor een nieuwe oproep voor november werd gepland.
- Besluitvorming: Het uiteindelijke advies luidt om de oproeping in te trekken omdat er geen gevolg aan is gegeven. Dit is op 8 november 1940 geparafeerd door een ambtenaar (mogelijk 'deHaer') en daarna formeel goedgekeurd door de directeur.
- Tijdsgeest: De data vallen in het eerste jaar van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de kaart een vooroorlogs Nederlands format heeft, vond de afhandeling plaats onder het regime van de bezetter, waarbij veel administratieve processen van de overheid (zoals de arbeidsbemiddeling of de afwikkeling van de demobilisatie) werden voortgezet of aangepast. Het document geeft inzicht in de bureaucratische processen in Nederland tijdens de overgangsfase kort na de capitulatie in mei 1940. Het Moerplein ligt in de wijk Moerwijk in Den Haag, een buurt die in die tijd volop in ontwikkeling was. De verwijzing naar "Artikel 11" suggereert een link met de verplichtingen van burgers jegens de staat. Het feit dat een oproep simpelweg "ingetrokken" kon worden wegens het niet opkomen en een verloren aanteekening, wijst op de soms chaotische staat van de administratie in de eerste maanden van de bezetting. Zulke kaarten bevinden zich vaak in archieven van gemeentelijke diensten, het Rijksarbeidsbureau of militaire registraties. M. de Vries
Samenvatting
Dit document is een administratieve kaart betreffende de oproeping van een individu, de heer of mevrouw M. de Vries, woonachtig aan het Moerplein (waarschijnlijk in Den Haag).
- Wetgeving: Er wordt verwezen naar "Artikel 11 b/c", wat waarschijnlijk duidt op een specifieke bepaling uit de Dienstplichtwet of een verwante verordening betreffende arbeidsinzet of militaire zaken.
- Administratieve fout: Uit de aanteekeningen blijkt dat er sprake was van een administratieve onvolkomenheid; een eerdere notitie van juli 1940 was "zoek geraakt", waardoor een nieuwe oproep voor november werd gepland.
- Besluitvorming: Het uiteindelijke advies luidt om de oproeping in te trekken omdat er geen gevolg aan is gegeven. Dit is op 8 november 1940 geparafeerd door een ambtenaar (mogelijk 'deHaer') en daarna formeel goedgekeurd door de directeur.
- Tijdsgeest: De data vallen in het eerste jaar van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de kaart een vooroorlogs Nederlands format heeft, vond de afhandeling plaats onder het regime van de bezetter, waarbij veel administratieve processen van de overheid (zoals de arbeidsbemiddeling of de afwikkeling van de demobilisatie) werden voortgezet of aangepast.
Historische Context
Het document geeft inzicht in de bureaucratische processen in Nederland tijdens de overgangsfase kort na de capitulatie in mei 1940. Het Moerplein ligt in de wijk Moerwijk in Den Haag, een buurt die in die tijd volop in ontwikkeling was. De verwijzing naar "Artikel 11" suggereert een link met de verplichtingen van burgers jegens de staat. Het feit dat een oproep simpelweg "ingetrokken" kon worden wegens het niet opkomen en een verloren aanteekening, wijst op de soms chaotische staat van de administratie in de eerste maanden van de bezetting. Zulke kaarten bevinden zich vaak in archieven van gemeentelijke diensten, het Rijksarbeidsbureau of militaire registraties.