Archiefdocument
Origineel
16 april 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Marktendienst of de Commissie van Advies voor de Markten). [Handgeschreven rechtsboven]
ten. K. de Raa.-
[Getypt/handgeschreven bovenaan]
HG.
extra
[Links]
17/1/2 M.
1
[Rechts]
16 April 1940.
[Links]
Toepassing artikel 11c
Reglement op de Markten.
[Rechts]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
[Inhoud brief]
Ten vervolge op mijn brief d.d. 7 November jl. (No.
17/2/8 M.) heb ik de eer U in bijlage dezes een veertiende
opgave te doen geworden van personen, die langer dan zes
achtereenvolgende maanden hun vaste plaats op de markten niet
hebben bezet, op grond van het feit, dat het hun wegens ver-
leende ondersteuning niet was toegestaan hun zaken te doen en
voor wie ik voornemens ben artikel 11c van het Reglement op
de Markten toe te passen.
Ten aanzien van de op de onderhavige lijst voor-
komende personen is de gedragslijn gevolgd omschreven in mijn
brief d.d. 8 Maart 1937 (No.17/5/1 M.), waaraan U, blijkens
Uw apostille d.d. 10 April 1937 No.330 L.M.1936 wel Uw goed-
keuring heeft willen hechten. Zooals U bekend is, heeft de
Commissie van Advies voor de Markten zich eveneens hiermede
vereenigd. (Vide mijn brief d.d. 18 Mei 1937 No.17/5/6 M.).
[Rechtsonder]
De Directeur, * Doel: De brief informeert de Wethouder over de intentie om marktplaatsen in te trekken van personen die hun plek langer dan zes maanden niet hebben gebruikt.
* Kern van de zaak: Het betreft marktkramers die financiële steun ("ondersteuning") ontvingen. Een voorwaarde voor deze steun was dat zij hun beroep niet mochten uitoefenen. Hierdoor bleven hun marktplaatsen onbezet. De directeur stelt nu voor om Artikel 11c van het Reglement toe te passen, wat hoogstwaarschijnlijk de formele beëindiging van het recht op die vaste staanplaats inhoudt.
* Procedure: Er wordt verwezen naar een eerder vastgestelde beleidslijn uit 1937 die door zowel de Wethouder als de Adviescommissie voor de Markten is goedgekeurd. Dit wijst op een gestandaardiseerde bureaucratische afhandeling van dit sociaal-economische probleem.
* Taalgebruik: De brief is geschreven in de formele, ambtelijke stijl van de jaren 1940, inclusief archaïsche spelling en zinsbouw ("de eer U ... te doen geworden", "onderhavige", "bijlage dezes"). * Historische periode: De brief is gedateerd op 16 april 1940, minder dan een maand voor de Duitse inval in Nederland. Het toont de normale gang van het dagelijks bestuur vlak voor het uitbreken van de oorlog.
* Sociaal-economisch: De brief illustreert de harde realiteit van de economische crisis in de jaren '30. Mensen die afhankelijk waren van de armenzorg ("ondersteuning") kwamen in een lastig parket: ze mochten niet werken om hun steun te behouden, maar raakten daardoor hun officiële marktplaats (hun bron van zelfstandig inkomen) kwijt na zes maanden inactiviteit.
* Administratieve context: Dit is een typisch voorbeeld van gemeentelijke marktbeheersing. Het laat zien hoe de overheid grip probeerde te houden op de schaarse openbare ruimte (marktplaatsen) en hoe sociaal beleid botste met marktverordeningen.