Typoscript (doorslag/carbonkopie van een uitgaande brief).
Origineel
Typoscript (doorslag/carbonkopie van een uitgaande brief). 7 december 1940. De Directeur (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentelijke dienst, gezien de referentie naar de Wethouder voor de Levensmiddelen). [Handgeschreven: Verzonden 7/12] VD/HG.
den Heer M.E. Neeter,
Anemonenstraat 23,
S a n t p o o r t.
18/81/2 M. 7 December 1940.
Naar aanleiding van een mededeeling van den Wethouder voor de
Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen
moet ik U berichten, dat U ingevolge opdracht van den Secretaris-
Generaal, waarnemend Hoofd van het Departement van Binnenlandsche
Zaken van Uw functie als lid van de Commissie van Advies voor de
Markten, de Commissie van Advies voor de Centrale Markt en de Per-
manente Commissie van Advies inzake ventvergunningen is ontheven.
De Directeur, Dit korte, zakelijke schrijven is een ontslagbrief. De heer M.E. Neeter wordt met onmiddellijke ingang ontheven uit drie verschillende adviescommissies die betrekking hebben op de Amsterdamse markthandel en ventvergunningen.
De toon is strikt bureaucratisch. Opvallend is de rechtvaardiging voor het ontslag: het gebeurt op last van de Secretaris-Generaal van het Departement van Binnenlandsche Zaken. In december 1940 betekende dit dat de opdracht voortkwam uit de directe aansturing door de Duitse bezetter van de Nederlandse overheidsbureaucratie. Er wordt geen expliciete reden voor het ontslag genoemd in de tekst zelf, wat kenmerkend is voor de kille, administratieve afhandeling van de uitsluiting van Joodse burgers uit het openbare leven in die periode. Dit document vormt een tastbaar bewijs van de vroege fase van de Jodenvervolging in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In oktober 1940 voerde de bezetter de 'Ariërverklaring' in voor ambtenaren. In november 1940 volgde de schorsing van alle Joodse ambtenaren en personen in publieke functies.
De geadresseerde, Maurits Eduard Neeter (Amsterdam, 1888), was van Joodse afkomst. Hij was een deskundige op het gebied van markten en handel. Dit document markeert het moment waarop hij, louter vanwege zijn afkomst, uit zijn maatschappelijke functies werd gestoten. De commissies waaruit hij werd gezet (Markten, Centrale Markt, Ventvergunningen) waren vitale onderdelen van de Amsterdamse economie waarin de Joodse gemeenschap van oudsher sterk vertegenwoordigd was.
De bureaucratische precisie van deze brief staat in schril contrast met het tragische lot van de geadresseerde; Maurits Eduard Neeter werd in 1943 in het vernietigingskamp Sobibor vermoord. M.E. Neeter
Samenvatting
Dit korte, zakelijke schrijven is een ontslagbrief. De heer M.E. Neeter wordt met onmiddellijke ingang ontheven uit drie verschillende adviescommissies die betrekking hebben op de Amsterdamse markthandel en ventvergunningen.
De toon is strikt bureaucratisch. Opvallend is de rechtvaardiging voor het ontslag: het gebeurt op last van de Secretaris-Generaal van het Departement van Binnenlandsche Zaken. In december 1940 betekende dit dat de opdracht voortkwam uit de directe aansturing door de Duitse bezetter van de Nederlandse overheidsbureaucratie. Er wordt geen expliciete reden voor het ontslag genoemd in de tekst zelf, wat kenmerkend is voor de kille, administratieve afhandeling van de uitsluiting van Joodse burgers uit het openbare leven in die periode.
Historische Context
Dit document vormt een tastbaar bewijs van de vroege fase van de Jodenvervolging in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In oktober 1940 voerde de bezetter de 'Ariërverklaring' in voor ambtenaren. In november 1940 volgde de schorsing van alle Joodse ambtenaren en personen in publieke functies.
De geadresseerde, Maurits Eduard Neeter (Amsterdam, 1888), was van Joodse afkomst. Hij was een deskundige op het gebied van markten en handel. Dit document markeert het moment waarop hij, louter vanwege zijn afkomst, uit zijn maatschappelijke functies werd gestoten. De commissies waaruit hij werd gezet (Markten, Centrale Markt, Ventvergunningen) waren vitale onderdelen van de Amsterdamse economie waarin de Joodse gemeenschap van oudsher sterk vertegenwoordigd was.
De bureaucratische precisie van deze brief staat in schril contrast met het tragische lot van de geadresseerde; Maurits Eduard Neeter werd in 1943 in het vernietigingskamp Sobibor vermoord.