Officieel afschrift van een circulaire.
Origineel
Officieel afschrift van een circulaire. 27 november 1940. Departement van Binnenlandsche Zaken (bij monde van de Secretaris-Generaal). De gemeentebesturen (via de Secretaris van Amsterdam). No. 534 Bur.G. Afschrift.
DEPARTEMENT VAN BINNENLANDSCHE ZAKEN
No. 49794 Afd. Ambtenarenzaken.
Betreffende ontheffing van
de waarneming van hun func-
tie van Joden. 's-Gravenhage, 27 November 1940.
1 bijl.
Ik heb de eer Uw College hierbij te doen toekomen afschrift van mijn circulaire dd.heden No. 49794, afdeeling Ambtenarenzaken, gericht aan de Colleges van Gedeputeerde Staten der onderscheidene provincien, met verzoek onverwijld te handelen en te doen handelen, in den zin als in die circulaire aangegeven.
EL
DE SECRETARIS-GENERAAL
Waarnemend Hoofd van het
DEPARTEMENT VAN BINNENLANDSCHE ZAKEN,
(get.) onleesbaar.
Voor eensluidend afschrift,
de Secretaris van Amsterdam,
[handgeschreven handtekening: J. F. Franken]
l.s.
A a n
de gemeentebesturen. Dit document is een administratief afschrift van een zeer ingrijpende maatregel aan het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Het is de formele doorgeleiding van een circulaire van de Secretaris-Generaal van Binnenlandse Zaken naar lokale overheden (in dit geval via Amsterdam).
De taal is gortdroog en ambtelijk ("Ik heb de eer Uw College hierbij te doen toekomen"), wat in schril contrast staat met de inhoud: de ontslagprocedure van Joodse burgers uit de openbare dienst. Het gebruik van het woord "onverwijld" benadrukt de spoed die door de bezetter werd opgelegd. De handtekening onderaan is van J.F. Franken, die destijds secretaris van de gemeente Amsterdam was en de centrale order vertaalde naar lokaal beleid. Dit document markeert een cruciaal moment in de Holocaust in Nederland. In oktober 1940 voerden de Duitsers de zogenaamde 'Ariërverklaring' in, die alle ambtenaren moesten ondertekenen. Op 21 november 1940 volgde het bevel van Rijkscommissaris Seyss-Inquart om alle Joodse ambtenaren per direct te schorsen.
Deze circulaire van 27 november 1940 is de administratieve uitvoering van dat bevel. Het Departement van Binnenlandse Zaken, onder leiding van Secretaris-Generaal Frederiks, fungeerde hierbij als doorgeefluik voor de maatregelen van de bezetter. Het is een tastbaar bewijs van hoe de Nederlandse bureaucratie al vroeg in de oorlog werd ingezet om de Joodse bevolking stapsgewijs uit de samenleving te isoleren en te verwijderen.
Samenvatting
Dit document is een administratief afschrift van een zeer ingrijpende maatregel aan het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Het is de formele doorgeleiding van een circulaire van de Secretaris-Generaal van Binnenlandse Zaken naar lokale overheden (in dit geval via Amsterdam).
De taal is gortdroog en ambtelijk ("Ik heb de eer Uw College hierbij te doen toekomen"), wat in schril contrast staat met de inhoud: de ontslagprocedure van Joodse burgers uit de openbare dienst. Het gebruik van het woord "onverwijld" benadrukt de spoed die door de bezetter werd opgelegd. De handtekening onderaan is van J.F. Franken, die destijds secretaris van de gemeente Amsterdam was en de centrale order vertaalde naar lokaal beleid.
Historische Context
Dit document markeert een cruciaal moment in de Holocaust in Nederland. In oktober 1940 voerden de Duitsers de zogenaamde 'Ariërverklaring' in, die alle ambtenaren moesten ondertekenen. Op 21 november 1940 volgde het bevel van Rijkscommissaris Seyss-Inquart om alle Joodse ambtenaren per direct te schorsen.
Deze circulaire van 27 november 1940 is de administratieve uitvoering van dat bevel. Het Departement van Binnenlandse Zaken, onder leiding van Secretaris-Generaal Frederiks, fungeerde hierbij als doorgeefluik voor de maatregelen van de bezetter. Het is een tastbaar bewijs van hoe de Nederlandse bureaucratie al vroeg in de oorlog werd ingezet om de Joodse bevolking stapsgewijs uit de samenleving te isoleren en te verwijderen.