Officiële vergunning/besluit van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Officiële vergunning/besluit van de Gemeente Amsterdam. [Linksboven stempels en nummers:]
Model 10
№ 20/2/3 I... 1940 22/4
No. 50/342 a.s. 1939
[Middenboven:]
№ 51/2 L.M. 1940 18/4
[Rijkswapen met de drie kruisen van Amsterdam]
Afgegeven
17 APR. 1940
[Rechtsboven handgeschreven:]
Markten
[Rechtsboven stempel:]
GEZIEN
DE INSPECTEUR,
[Handtekening: dell...]
BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN AMSTERDAM
Gezien een adres van Mej. de Wed. B. Lahnstein-Dekker, wonende alhier Vrolikstraat 317, waarbij zij verzoekt haar vergunning te verleenen op de markten in de Dapperstraat, in de Albert Cuypstraat, in de Ten Katestraat, op het Waterlooplein en op Uilenburg een op een marktkraam opgesteld gaskomfoor te gebruiken voor het bakken van pinda's en het smelten van suiker, bestemd voor den verkoop;
Gelet op artikel 265, eerste lid, in verband met artikel 5, eerste lid, der Algemeene Politieverordening van Amsterdam;
Geven adressante te kennen, dat het verzoek wordt toegestaan, onder voorwaarde:
1. dat de bakinrichting niet is opgesteld binnen een afstand van 20 m van garages en benzinepompen;
2. dat de opstellingsplaats van het gaskomfoor onder en ter breedte van tenminste 20 cm rondom het komfoor is vervaardigd van- of bekleed met brandvrij en de warmte slecht geleidend materiaal;
3. dat het gaskomfoor met een metalen buis (geen lood of compositie) en metalen koppelingen aan het butagasreservoir is verbonden;
4. dat het butagasreservoir op veiligen afstand van het komfoor is opgesteld;
5. dat nabij de bakpan steeds een metalen deksel van voldoende grootte aanwezig is, om de pan bij het in brand geraken van den inhoud, te kunnen afdekken;
6. dat de bakinrichting stabiel is opgesteld;
7. dat de bakinrichting is omgeven door een metalen bescherming van voldoende hoogte.
Bepalen, dat uiterlijk binnen 14 dagen na uitreiking dezer vergunning aan de daarin gestelde voorwaarden moet zijn voldaan.
Herinneren de houdster dezer vergunning, dat deze vergunning op hun eerste vordering aan ambtenaren van Politie, Marktwezen en Brandweer ter inzage moet worden ter hand gesteld.
Amsterdam, 5 April 1940.
Burgemeester en Wethouders voornoemd,
DE VLUGT
Leges f 1.-.
De Secretaris,
(get.) VAN LIER
Afschrift aan den Hoofdcommissaris van Politie (2 stuks), den Commandant der Brandweer (2 stuks), de afdeeling Levensmiddelen (2 stuks) en den Keuringsdienst van Waren.
[Linksonder handgeschreven aantekening:]
26.APR.1940
Genoteerd
[Handtekening]
[Rechtsonder stempel en handtekening:]
Voor eensluidend afschrift
de Secretaris.
[Handtekening: Van Rijn] Dit document is een officiële marktvergunning uit de vooravond van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. De kern van het document is de toestemming aan een weduwe om met een moderne brandstof (butagas) etenswaren te bereiden op de openbare markt.
Opvallend is de sterke nadruk op brandveiligheid. Van de zeven gestelde voorwaarden hebben ze vrijwel allemaal betrekking op het voorkomen van brand of de beheersing daarvan (afstand tot benzinepompen, brandvrij materiaal, metalen leidingen, aanwezigheid van een deksel). Dit suggereert dat het gebruik van butagas op marktkramen destijds een relatief nieuwe of risicovolle ontwikkeling was die strikte regulering vereiste.
De administratieve afhandeling is grondig; afschriften worden verzonden naar de Politie, Brandweer, de afdeling Levensmiddelen en de Keuringsdienst van Waren. Dit toont de gelaagde controle aan waarop het Amsterdamse marktwezen destijds functioneerde. De datum van het document, april 1940, is historisch zeer saillant. Het is slechts vijf weken voordat Nazi-Duitsland Nederland binnenviel (10 mei 1940). Op het moment van schrijven was de bureaucratie van Amsterdam nog volledig in werking volgens de vooroorlogse democratische structuren, onder burgemeester Willem de Vlugt.
De genoemde locaties — Dapperstraat, Albert Cuypstraat, Ten Katestraat, Waterlooplein en Uilenburg — zijn iconische Amsterdamse marktplaatsen. Met name de vermelding van het Waterlooplein en Uilenburg is wrang in historisch perspectief: dit waren de hartsteken van de Joodse buurt. De vergunninghoudster, een weduwe die door middel van straathandel in haar onderhoud probeerde te voorzien, zou kort na de afgifte van dit document geconfronteerd worden met de drastische beperkingen en verschrikkingen van de bezettingstijd, die de Amsterdamse markten voorgoed zouden veranderen.