Getypte brief op officieel briefpapier.
Origineel
Getypte brief op officieel briefpapier. 2 februari 1940. Marktkoopliedenvereeniging "Vooruitgang Zij Ons Doel", Amsterdam (Secr. A.N. Prins). Den WelEdele Heer Directeur Dienst Marktwezen, Amsterdam. [Briefhoofd]
MARKTKOOPLIEDENVEREENIGING
GEM. GIRO M. 3 8 5 0
"VOORUITGANG ZIJ ONS DOEL"
OPGERICHT 2 JUNI 1934
KON. GOEDGEK. 1 MEI 1936
SECR. A. N. PRINS
WIJTTENBACHSTRAAT 61 OOST
TELEFOON 5-3-8-2-7
No.
ONDERWERP: Verz. disp. art. 11. Marktbep.
AMSTERDAM 2 Februari 19 40
Den WelEdele Heer Directeur
Dienst Marktwezen
Alhier.
[Handgeschreven/Stempels linksboven]
Nº 20/7/1 M.1940 3/2
[Handgeschreven rechtsboven]
u Insp
Hulluller [?]
[Inhoud]
WelEdele Heer Directeur
Met meesten beleefdheid brengt het Bestuur van bovengenoem-
den organisatie ter kennis, dat het dezer dagen gebleken is, dat
van de zijde Uwer administratie aan de houders van vaste stand-
plaatsen een schrijven is gezonden, waarin werd melding gedaan dat
door het feit dat zij in gebreke zijn gebleven de laatsten drie
weken hun marktgelden te betalen, hun rechten op de standplaatsen
worden ingetrokken.
Het is onnodig om U er op attent te maken, dat de mogelijkheid in
de laatste maanden om op de markten te kunnen uitstallen voor
verschillende kooplieden onmogelijk bleek, dit naar gelang het te
verkoopen artikel.
Om dien reden verzoeken wij U beleefd, om art. 11, onder d, aldus
in toepassing te brengen, zoals ook de laatste allinea dit uit-
spreekt.
Met meesten dank en beleefdheid op Uwe welwillendheid in deze re-
kenende,
teekenen wij met meesten hoogachting
namens het bestuur
[Handtekening: B. Hof?] [Handtekening: A. Prins]
20 [handgeschreven rechtsonder] * Kernboodschap: De vereniging protesteert tegen het intrekken van standplaatsvergunningen van kooplieden die hun marktgeld drie weken niet hebben betaald. Ze vragen om clementie op basis van een specifiek artikel in de reglementen.
* Argumentatie: Het bestuur stelt dat het voor veel kooplieden de afgelopen maanden feitelijk onmogelijk was om handel te drijven ("uitstallen"). Dit wordt gepresenteerd als een overmachtssituatie die afhangt van het type product dat men verkoopt.
* Toon: De brief is geschreven in een zeer formele, bijna onderdanige ambtelijke stijl die gebruikelijk was in die tijd ("Met meesten beleefdheid", "Uwe welwillendheid").
* Juridische verwijzing: Er wordt expliciet verwezen naar "art. 11, onder d" van de Marktbepalingen, wat suggereert dat er een ontsnappingsclausule bestond voor uitzonderlijke omstandigheden. * Historische periode: De brief dateert van februari 1940, de periode van de 'Schemeroorlog' vlak voor de Duitse inval in Nederland (mei 1940). De economische onzekerheid en de mobilisatie zorgden voor moeilijke tijden voor kleine ondernemers.
* De winter van 1939-1940: Deze winter staat bekend als een van de strengste winters van de 20e eeuw in Nederland. De extreme kou en sneeuwval maakten het voor marktkooplieden (zeker degenen met bederfelijke waar of textiel) vaak fysiek onmogelijk om hun waar uit te stallen op de open markten in Amsterdam. Dit verklaart de zinsnede dat uitstallen "onmogelijk bleek".
* Organisatie: De vereniging "Vooruitgang Zij Ons Doel" fungeerde als een vakbond voor marktkooplieden om hun belangen te behartigen bij de gemeente (Dienst Marktwezen). De secretaris, A.N. Prins, woonde in de Wijttenbachstraat, een buurt in Amsterdam-Oost met veel markthandel (Dapperbuurt).