Archief 745
Inventaris 745-312
Pagina 346
Dossier 25
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijke brief/adviesnota.

7 maart 1940 (verzonden op 8 maart 1940). Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Amsterdam). Aan: De Wethouder voor de Levensmiddelen, Amsterdam.

Origineel

Ambtelijke brief/adviesnota. 7 maart 1940 (verzonden op 8 maart 1940). De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Amsterdam). De Wethouder voor de Levensmiddelen, Amsterdam. [Handgeschreven, rechtsboven:] In de Leuer [?]

[Middenboven:] VP/HG.

[Handgeschreven:] Verzonden 8/3

[Linkermarge:]
20/11/2 M.
1

[Rechtsboven:] 7 Maart 1940.

Verzoek van E.Rosies om vergunning voor bakken op markten.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 21 Februari jl. om advies ontvangen stuk no.57/6 L.M.1940 heb ik de eer U te berichten, dat den adressant dezerzijds is meegedeeld, dat bereids op de markt Dapperstraat aan een koopman vergunning is verleend tot het bakken van pinda's. Adressant heeft er daarom de voorkeur aan gegeven, in plaats van voor de Dapperstraat vergunning te vragen voor de markt Mosplein. Hij heeft derhalve zijn verzoek in dien zin gewijzigd, dat hij thans vergunning vraagt voor de markten Uilenburg en Mosplein.

Aangezien het bakken van amandelen en pinda's inderdaad geen bijzonderen hinder oplevert voor de omgeving, bestaat dezerzijds tegen inwilliging van het onderhavige verzoek geen bezwaar. Ik geef U echter beleefd in overweging terzake ook het advies te vragen van Uw Ambtgenoot voor de Brandweer.

De Directeur, * Kern van de zaak: Het document betreft een administratieve afhandeling van een vergunningsaanvraag. E. Rosies wilde oorspronkelijk pinda's branden op de Dappermarkt, maar omdat daar al iemand stond met die vergunning (om concurrentie of overdaad te voorkomen), heeft hij zijn aanvraag gewijzigd naar de markten op het Mosplein (Amsterdam-Noord) en Uilenburg (centrum).
* Procedure: De Directeur adviseert positief aan de Wethouder. Hij stelt dat de activiteit (het bakken van noten) geen overlast veroorzaakt voor de omgeving (denk aan geur of rook).
* Veiligheid: Er wordt een expliciet voorbehoud gemaakt wat betreft de brandveiligheid. Omdat er bij het bakken van noten waarschijnlijk gebruik wordt gemaakt van open vuur of ovens, moet de brandweer ook advies uitbrengen voordat de vergunning definitief wordt verleend.
* Vorm: De taal is uiterst formeel en hoffelijk, typerend voor de vooroorlogse ambtelijke correspondentie in Nederland. * Tijdsgeest: De brief is gedateerd op 7 maart 1940. Dit is slechts twee maanden voor de Duitse inval in Nederland op 10 mei 1940. Het document toont aan dat het dagelijks leven en de gemeentelijke bureaucratie op dat moment nog op de normale voet verder gingen.
* Locatie: De genoemde markten zijn iconische Amsterdamse plekken. De Dapperstraat (Oost), het Mosplein (Noord) en de markt op de Uilenburg (de oude Joodse buurt). Vooral de vermelding van Uilenburg is historisch beladen, gezien de grote Joodse gemeenschap die daar destijds woonde en werkte, en die kort na deze brief door de bezetter zou worden weggevoerd.
* Economische bedrijvigheid: Het bakken van pinda's en amandelen was een veelvoorkomende vorm van kleine straathandel in Amsterdam. Het feit dat de gemeente reguleert hoeveel bakkers er op één markt mogen staan, duidt op een strak gereguleerd marktsysteem.

Samenvatting

  • Kern van de zaak: Het document betreft een administratieve afhandeling van een vergunningsaanvraag. E. Rosies wilde oorspronkelijk pinda's branden op de Dappermarkt, maar omdat daar al iemand stond met die vergunning (om concurrentie of overdaad te voorkomen), heeft hij zijn aanvraag gewijzigd naar de markten op het Mosplein (Amsterdam-Noord) en Uilenburg (centrum).
  • Procedure: De Directeur adviseert positief aan de Wethouder. Hij stelt dat de activiteit (het bakken van noten) geen overlast veroorzaakt voor de omgeving (denk aan geur of rook).
  • Veiligheid: Er wordt een expliciet voorbehoud gemaakt wat betreft de brandveiligheid. Omdat er bij het bakken van noten waarschijnlijk gebruik wordt gemaakt van open vuur of ovens, moet de brandweer ook advies uitbrengen voordat de vergunning definitief wordt verleend.
  • Vorm: De taal is uiterst formeel en hoffelijk, typerend voor de vooroorlogse ambtelijke correspondentie in Nederland.

Historische Context

  • Tijdsgeest: De brief is gedateerd op 7 maart 1940. Dit is slechts twee maanden voor de Duitse inval in Nederland op 10 mei 1940. Het document toont aan dat het dagelijks leven en de gemeentelijke bureaucratie op dat moment nog op de normale voet verder gingen.
  • Locatie: De genoemde markten zijn iconische Amsterdamse plekken. De Dapperstraat (Oost), het Mosplein (Noord) en de markt op de Uilenburg (de oude Joodse buurt). Vooral de vermelding van Uilenburg is historisch beladen, gezien de grote Joodse gemeenschap die daar destijds woonde en werkte, en die kort na deze brief door de bezetter zou worden weggevoerd.
  • Economische bedrijvigheid: Het bakken van pinda's en amandelen was een veelvoorkomende vorm van kleine straathandel in Amsterdam. Het feit dat de gemeente reguleert hoeveel bakkers er op één markt mogen staan, duidt op een strak gereguleerd marktsysteem.

Locaties

De genoemde markten zijn iconische Amsterdamse plekken. De Dapperstraat (Oost) het Mosplein (Noord) en de markt op de Uilenburg (de oude Joodse buurt). Vooral de vermelding van Uilenburg is historisch beladen gezien de grote Joodse gemeenschap die daar destijds woonde en werkte en die kort na deze brief door de bezetter zou worden weggevoerd.

Kooplieden in dit dossier 100

A. Meyer Waterlooplein
A. Barmhartigheid Waterlooplein
A. Barmhartigheid Waterlooplein Is nog steeds in werkverschaf-fing. Kan op markt zijn brood niet verdienen.
A. Barmhartigheid Waterlooplein Is nog steeds in werkverschaffing. Kan op markt zijn brood niet verdienen.
A Boumeester Waterlooplein
A. Bouwmeester Uilenburg bezet thans reeds sedert 9 maanden zijn plaatsen niet en verzocht wederom uitstel
A. Bouwmeester meerdere Bezet thans reeds sedert 9 maanden zyn plaatsen niet en verzoekt wederom uitstel.
A. Eysden Uilenburg Aan oproeping geen gevolg gegeven.
A. Eysden Uilenburg Aan oproeping geen gevolg gegeven.
A. Hagenaar Waterlooplein
Aron Vogel meerdere Reeds voorgesteld d.d. 4-9-1939 no. 17/2/5 M. Rapport Dir. M.S. d.d. 2 October 1939 advies: plaats aanhouden; Vogel gaat bij eenige opleving weder staan; is echter nimmer verschenen.
Aron Vogel Waterlooplein 21/1 39
Abraham Prins Waterlooplein 27/2 39
B.F. Reinen Waterlooplein Idem. Advies: 4 maanden gevangenis; komt daarna weer op de markt; is echter niet verschenen.
J. Scherpenzeel Waterlooplein Is in werkverschaffing.
J. Scherpenzeel Waterlooplein Is in werkverschaffing.
B.J. van Straten meerdere Bezet thans reeds sedert 10 maanden zyn plaatsen niet en verzoekt wederom uitstel is 66 jaar en ziek.
B.J. van Straten meerdere bezet thans reeds sedert 10 maanden zijn plaatsen niet en verzocht wederom uitstel; is 66 jaar en ziek.
B. Kloos Uilenburg heeft geen kans thans op de markten zijn brood te verdienen.
B. Kloos Zwanenburgwal Ziet geen kans thans op de markten zyn brood te verdienen.
B. Kloos Zwanenburgwal Ziet geen kans thans op de markten zyn brood te verdienen.
Benjamin Schelvis Waterlooplein 15/1 40
C Bleekrode-Kinsbergen Waterlooplein
C. Prins Waterlooplein 18/1 40
M.C.A. Renes meerdere Is 68 jaar; wil in steun blyven.
C. Renes meerdere is 69 jaar; wil in steun blijven.
C.E. Molenaars Waterlooplein 21/12 39 sg
C. van Bambergen Waterlooplein
D.A. Overmars Waterlooplein 23/12 39
D.M. de Groot Waterlooplein
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2