Getypte ambtelijke brief (doorslag) met handgeschreven correcties en kanttekeningen.
Origineel
Getypte ambtelijke brief (doorslag) met handgeschreven correcties en kanttekeningen. Waarschijnlijk de directeur van het Marktwezen (gezien de kop "Marktwezen Waterlooplein"). Lompenmarkt en kantoor
Marktwezen Waterlooplein.
W.L.M.
30/69/2 M
Onder terugzending van de met Uw kantbrief d.d. 29 November jl. om spoedig advies ontvangen stukken no. 1079 L.M. 1940 heb ik de eer U het volgende te berichten.
Het op bladzijde 5 van den zich onder de onderhavige stukken bevindende, ^plan, zoals vermeld^ brief van mijn ambtgenoot voor de Publieke Werken d.d. 23 September jl. no. 8590/Doss. 23938 S.O. aangegeven plan, geeft ten aanzien van de lompenmarkt op het Waterlooplein een oplossing, welke, zoover ik kan nagaan, dezelfde is, als die, waarmede ik mij in mijn brief d.d. 11 Maart 1938 No. 30/14/2 M. vereenigde (vide hieromtrent ook Uw brief aan Uw Ambtgenoot voor de Publieke Werken d.d. 9 Maart 1938 No. 9/14 L.M. 1935). ~~Ik kan mij hiermede dan ook volkomen vereenigen.~~ Overigens meen ik uit den brief van mijn Ambtgenoot voor de Publieke Werken d.d. 20 November jl. No. 10133 '40 Doss. 23938 S.O. te moeten opmaken, dat wel een crediet voor de geheele groep van werk, verbonden aan den zgn. binnenring, bij den Gemeenteraad zal worden aangevraagd, doch dat onder meer de werkzaamheden, verbonden aan de lompenmarkt op het Waterlooplein vooralsnog niet tot uitvoering zullen worden gebracht.
Op den eventueelen bouw van een marktmeesterskantoortje heeft betrekking het rapport van den bedrijfseconomischen Adviseur d.d. 25 Augustus 1939 No. 932/820 Fin. '39/579 L.M. 1939, met welk rapport ik mij met mijn brief d.d. 20 September 1939 No. 30/28/8 M. vereenigde. Momenteel wordt door ~~mijn dienst~~ ^onderhandelingen gevoerd met^ de Burgerlijke Instelling voor Maatschappelijken Steun ~~over het huren van~~ een tweetal lokaaltjes, gelegen in de Nieuwe Amstelstraat op de hoek van het Waterlooplein ^welke het eigendom zijn van genoemde instelling.^
[Kanttekening links:] Overleg gepleegd met de Woningdienst, (welke dienst ten behoeve van de Stad de verhuring is belast)
Deze gebouwtjes zijn echter in hun huidigen vorm ~~absoluut~~ ^geheel^ ongeschikt om als marktmeesterskantoortje te worden gebruikt. Vooraf dient daartoe een ~~uitgebreide~~ ^algeheele inwendige^ verbouwing plaats te vinden. De Burgerlijke Instelling voor Maatschappelijken Steun kan deze verbouwing niet voor haar rekening doen uitvoeren, omdat haar daartoe de noodige fondsen ontbreken. Waar deze gebouwtjes bovendien zijn geplaatst op de Monumentenlijst, moet voor een verbouwing de goedkeuring worden gevraagd van de Commissie voor Monumentenzorg; hiermede zal geruimen tijd gemoeid zijn. * Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands uit de eerste helft van de 20e eeuw (gebruik van "den", "der", "onderhavige", "jl.").
* Stijl: De tekst bevat veel doorhalingen en handgeschreven toevoegingen, wat duidt op een concept of een minutieus gecorrigeerde definitieve versie. Het is een zakelijke opsomming van feiten, wetgeving en logistieke belemmeringen.
* Inhoudelijke kern: Er is een plan voor de lompenmarkt dat overeenkomt met plannen uit 1938, maar de uitvoering ervan is onzeker door budgettaire prioriteiten (de "binnenring"). De huisvesting van de marktmeester in bestaande panden aan de Nieuwe Amstelstraat stuit op grote problemen: de panden zijn bouwvallig (ongeschikt), de eigenaar (BI voor Maatschappelijken Steun) heeft geen geld voor verbouwing, en de panden hebben een monumentenstatus. Dit document stamt uit een turbulente periode in de geschiedenis van Amsterdam (eind 1940, het eerste jaar van de Duitse bezetting). Het Waterlooplein was het hart van de Joodse buurt en de centrale plek voor de handel in tweedehands goederen (de lompenmarkt).
De brief illustreert de bureaucratische processen binnen de gemeente Amsterdam. Verschillende diensten (Marktwezen, Publieke Werken, Woningdienst, Monumentenzorg) moeten samenwerken. Het document geeft inzicht in de stedenbouwkundige uitdagingen van die tijd: de wens om de stad te moderniseren (de "binnenring") versus het behoud van monumentale panden en de precaire financiële situatie van sociale instellingen. De genoemde "Burgerlijke Instelling voor Maatschappelijken Steun" was een voorloper van de moderne sociale dienst.