Archief 745
Inventaris 745-323
Pagina 11
Dossier 29
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven ambtelijke notitie of brief (pagina 2).

Origineel

Handgeschreven ambtelijke notitie of brief (pagina 2). In vorengenoemden brief van
mijn Ambtgenoot van de P.W. d.d.
23 September jl is echter, ~~toch een~~
toch een post uitgetrokken voor het
bouwen van een nieuw marktmeesterhuisje
op het Waterlooplein; dit is derhalve in
strijd met het standpunt van den
bedrijfseconomischen Adviseur, neergelegd
in zijn vorengenoemd rapport van
25 Augustus jl. Toch meen ik te moeten
adviseeren ~~voor den onderhavigen~~ zich te vereenigen met de voorstellen
~~neergelegd~~ in de zich onder de onderhavige
stukken bevindende rapporten van mijn
Ambtgenoot van de P.W. Het aanvragen
van het crediet behoeft immers nog geenszins
te beteekenen, dat tot den bouw van een
marktmeestershuisje zal worden over-
gegaan. Evenals dit voor de lompenmarkt
geldt, zullen, naar ik meen, ook de werkzaam-
heden ~~van dit kantoor~~ verbonden aan dezen bouw voorloopig niet plaats-
vinden. Indien derhalve met de Burgerlijke
Instelling voor M.S. tot overeenstemming wordt gekomen
over den huur van de 2 hierboven genoemde
gebouwtjes, kunnen de hieraan verbonden verbouwings-
kosten wellicht worden bestreden uit het onderhavige
crediet.
Ten slotte, indien (in den loop der tijd) geen andere op-
lossing mogelijk blijkt, kan het crediet ~~te~~
uiteindelijk toch worden benut voor den
bouw van een nieuw marktmeestershuisje
op het Waterlooplein

D.P. De tekst betreft een ambtelijke discussie over de begroting (het 'crediet') voor de bouw van een nieuw huisje voor de marktmeester op het Waterlooplein in Amsterdam. De auteur merkt op dat er een conflict is tussen de plannen van de Dienst Publieke Werken (P.W.) en het advies van de bedrijfseconomisch adviseur.

De kern van het betoog is strategisch: de auteur adviseert om het krediet toch aan te vragen, maar het nog niet direct uit te geven aan nieuwbouw. Er wordt geopperd om eerst te kijken naar een alternatieve oplossing (huur van bestaande gebouwtjes via een burgerlijke instelling). Mocht dat lukken, dan kan het geld gebruikt worden voor de verbouwing daarvan. Alleen als er geen andere oplossing is, dient het krediet daadwerkelijk voor de nieuwbouw op het Waterlooplein te worden ingezet. * Waterlooplein: De locatie duidt op de bekende Amsterdamse markt. De vermelding van de "lompenmarkt" versterkt dit, aangezien dit historisch een belangrijk onderdeel van de handel op het Waterlooplein was.
* P.W.: Staat voor de Dienst Publieke Werken, de gemeentelijke instantie verantwoordelijk voor infrastructuur en gebouwen.
* Tijdsbeeld: De spelling ("vorengenoemden", "crediet") en de ambtelijke toon wijzen op de periode tussen 1900 en 1940. Er is sprake van een zekere zuinigheid of kritische blik op overheidsuitgaven door een "bedrijfseconomisch adviseur", wat vaak voorkwam tijdens periodes van schaarste of reorganisatie. P.W. Het Publieke Werken

Samenvatting

De tekst betreft een ambtelijke discussie over de begroting (het 'crediet') voor de bouw van een nieuw huisje voor de marktmeester op het Waterlooplein in Amsterdam. De auteur merkt op dat er een conflict is tussen de plannen van de Dienst Publieke Werken (P.W.) en het advies van de bedrijfseconomisch adviseur.

De kern van het betoog is strategisch: de auteur adviseert om het krediet toch aan te vragen, maar het nog niet direct uit te geven aan nieuwbouw. Er wordt geopperd om eerst te kijken naar een alternatieve oplossing (huur van bestaande gebouwtjes via een burgerlijke instelling). Mocht dat lukken, dan kan het geld gebruikt worden voor de verbouwing daarvan. Alleen als er geen andere oplossing is, dient het krediet daadwerkelijk voor de nieuwbouw op het Waterlooplein te worden ingezet.

Historische Context

  • Waterlooplein: De locatie duidt op de bekende Amsterdamse markt. De vermelding van de "lompenmarkt" versterkt dit, aangezien dit historisch een belangrijk onderdeel van de handel op het Waterlooplein was.
  • P.W.: Staat voor de Dienst Publieke Werken, de gemeentelijke instantie verantwoordelijk voor infrastructuur en gebouwen.
  • Tijdsbeeld: De spelling ("vorengenoemden", "crediet") en de ambtelijke toon wijzen op de periode tussen 1900 en 1940. Er is sprake van een zekere zuinigheid of kritische blik op overheidsuitgaven door een "bedrijfseconomisch adviseur", wat vaak voorkwam tijdens periodes van schaarste of reorganisatie.

Genoemde Personen 1

Locaties

Waterlooplein

Producten

Tweedehands/Lompen: Lompen Tweedehands/Lompen: Tweedehands Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Publieke Werken

Kooplieden in dit dossier 35

A. Klein Uilenburg
A. Koper Uilenburg
A. Lister Uilenburg (34)
A. Lopes Dias Uilenburg (35)
V. Kolm Uilenburg
B. Kloots Uilenburg
B.L. de Leeuw Uilenburg
C. de Leeuw Uilenburg
E. de Leeuw Uilenburg
F. Kramer Uilenburg
V. Leeuwen Uilenburg
G. Krijt Uilenburg
H. Kloot Uilenburg
H. Knoop Uilenburg
H. Last Uilenburg
H. Lerner Uilenburg
H. Letgever Uilenburg (1)
J. de Leeuw Uilenburg
G. Kolm Uilenburg
J. de Leeuwe Uilenburg
J. Krak Uilenburg
J. Lam Uilenburg
J. Leutken Uilenburg (32)
C. van Kleef Uilenburg 8
L. Knoop Uilenburg
B. Schuffeleers. Uilenburg (32)
M. Koster Uilenburg
G. de Klijn Uilenburg
O. Lang Uilenburg
Alle 35 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 3